Posts tonen met het label droom. Alle posts tonen
Posts tonen met het label droom. Alle posts tonen

dinsdag 27 oktober 2015

Gedicht: Een droom (4)

Een droom (4)

We lopen samen naar beneden,
jij mijn vriend, en ook een broer van mij
-die kunnen aarden op kantoor en
niet elke nacht de slaap verliezen-
over stenen treden, laag plafond,
eindigend in een grot. Er spiegelt
water. Ik heb lang niet gedoken,
maar dat is wat we gaan doen. Ik draag
de spullen, kleed me om. Ik heb geen
snorkel bij me. Er is een stapel
waarvan ik er een neem. Een blauwe.

Ik sta aan de kant. De instructeur
controleert onze apparatuur.
Ik heb ook geen zwemvliezen zie ik.
Hoe moet ik dan omlaag gaan zwemmen
de diepte in? Jullie bijhouden?
Er is plek voor mij maar ik weiger
af te dalen. Dit is niets voor mij
al dacht ik ooit van wel. Geen schaamte
voel ik als ik weer naar boven loop.
Ik kies mijn eigen pad. Kijk, een deur!
Waar kom ik uit als ik die openduw?

zondag 27 juli 2014

Gedicht: Een droom (2)

Een droom (2)

Een dorp bovenin de pas,
grijze sneeuw onder muren,
de lucht kil ondanks de zon.
Een familietrip, ik zie
mijn broers, vader, mijn moeder,
alles strak georganiseerd.
Toch blijf ik bang, ik mag niet
doen wat ik zelf wil. Falen.

Een fiets. De weg in slingers,
steil, tot onderin het dal.
Ik ben hiervoor gewaarschuwd.
Wat als ik val? Botten breek?
Ik ben zwak, zegt ze, dus kies
voor veiligheid en neem
geen onnodig risico.
Toch lokt het asfalt. Vrijheid.

Ik heb dit nog nooit gedaan,
klim op een wankel zadel.
Zet af. Wind in mijn haren.
Het gaat snel. Remmen piepen.
Hart in de keel, maar ik blijf
overeind. Laat mijn familie
ver achter mij. Ik kan meer
dan ik verwachtte. Leven.

woensdag 24 juli 2013

Gedicht: Een droom

Een droom

Een warenhuis. Het leven?
Wat ik verlang lijkt buiten mijn bereik.
Ver boven mij zijn boeken, films,
Mijn levenswerk.
En glimlachende mensen
Gaan in een glazen lift omhoog.
Mannen, vrouwen, kinderen,
Ze winkelen, worden vervuld
En schijnbaar zonder prijs.
Ik volg hen na,
Mijn hoop voorzichtig aangevuurd,
Want ik ben net als zij,
Ik wil dezelfde dingen.

De deuren gaan niet open.
Teleurgesteld daal ik weer af.
De weg is afgesloten.
Ik geef niet op,
Hoe lang het ook mag duren.
Ik zoek een alternatief,
Ik klim, ik klauter,
Ik volg de smalle paden,
Grijp de minste richels,
Mijn vingers zijn verkrampt.
Geen moeite wordt gespaard,
Maar voorbij de hindernis
kan ik het eind al zien.

Dan stopt de reis abrupt,
De kloof is niet te nemen,
de sprong te ver, ik keer
onverrichterzake terug
En kijk verstoord:
De lift beweegt gewoon
Voert velen mee,
Waar ik zo eenzaam was
En ik ben toch niet anders?
Waarom zou ik
Me mijn droom laten ontzeggen?
Doen wat ik altijd heb gedaan?
Ik word boos.