Posts tonen met het label strips. Alle posts tonen
Posts tonen met het label strips. Alle posts tonen

zondag 12 mei 2013

Filmbespreking: Spider-Man 2

Spider-Man 2 is een van mijn favoriete films. Hoe favoriet? Nou, de enige filmposters die ik in mijn appartement heb hangen zijn van de Lord of the Rings-films, en een van Spider-Man 2. Okee, aan de andere kant daarvan bevond zich een poster van Aragorn uit The Return of the King, maar die heb ik opgehangen tegen het glas van de woonkamerdeur aan, zodat de poster van Spider-Man 2 ook zichtbaar is vanaf de gang. Misschien dat The Dark Knight een betere superheldenfilm is, maar die is behoorlijk duister en wellicht zelfs cynisch, waar Spider-man 2 (ook een vervolg), wel spannend is en heftig, maar uiteindelijk  juist opbeurend en bevestigend. En Spider-Man is een superheld met wie ik me meer kan identificeren dan Batman. Batman is een multimiljonair die het leven van een playboy moet leiden, met aan elke arm een mooie vrouw, om onder bescherming van de nachtelijke duisternis met zijn dure snufjes de misdaad te bestrijden. Okee, hij heeft op jonge leeftijd zijn ouders verloren, maar die hebben wel het familiebedrijf aan hem overgedragen. En hij heeft een butler. Nee, dan Spider-Man ...
Aan het begin van deze film gaat het niet echt geweldig met student Peter Parker. Hij woont in een krottige studentenkamer, en loopt zelfs daar al achter met het betalen van de huur. Hij is niet op tijd in zijn lessen, en dreigt van Dr. Connors zelfs een onvoldoende te krijgen. Hij houdt van de mooie Mary Jane Watson, maar durft dat niet tegen haar te zeggen, en het lukt hem zelfs niet bij een van haar toneelstukken te zijn. En dan raakt hij ook nog zijn baantje als pizzaverkoper kwijt. Ondertussen doet hij in de vermomming van Spider-Man zijn uiterste best voor anderen. Met grote kracht komt immers grote verantwoordelijkheid. Maar niemand lijkt zijn inspanningen te waarderen. De mediacampagne van krantenmaker J. Johan Jameson lijkt vruchten af te werpen. De mensen voor wie hij zo zijn best doet, zien Spider-Man als bedreiging. Uiteindelijk beginnen zelfs Peters spinnenkrachten hem te verlaten. Hij is niet meer in staat om aan zijn web te slingeren of tegen een muur op te klimmen. Hij heeft zelfs zijn bril weer nodig. De maat is vol. Peter besluit zijn alter ego in de prullenmand te gooien: hij is niet langer Spider-Man. Nu heeft hij eindelijk de kans Mary Jane de waarheid te vertellen. Wetenschapper Otto Octavius probeert ondertussen een gevaarlijk experiment te herhalen. Daarvoor heeft hij een substantie nodig die alleen Harry Osborn kan leveren. Die stelt een deal voor: de hele voorraad in ruil voor Spider-Man. Otto is echter niet de gemiddelde wetenschapper. Hij beschikt over vier lange, dodelijke tentakels, versmolten met zijn rug en met een eigen, niet tegen te houden wil. En om Spider-Man te vinden, gaat hij eerst op zoek naar Peter Parker ...

De eerste Spider-Man-film was achteraf gezien een klein beetje tam. Een van de eerste van de nieuwe generatie superheldenfilms en dus nog een beetje terughoudend in het tonen van waar superhelden toe in staat zijn. Het karakter van Peter Parker en zijn omgeving waren goed weergegeven, met situaties die zo uit de stripverhalen konden zijn gekomen, maar de actiescènes waren niet bijzonder spectaculair en de slechterik was niet heel overtuigend (en dat terwijl de Green Goblin eigenlijk Spider-Mans aartsvijand is). Het is nu vooral mijn liefde voor het karakter Spider-Man die me de eerste film doet kijken en niet mijn liefde voor goed gemaakte films. Bij Spider-Man 2 komen deze twee liefdes echter samen. Dit is een Spider-Man-verhaal dat recht doet aan de stripverhalen, met epische confrontaties waarbij ook de verticale dimensie wordt toegepast, en held en schurk hun extra’s op een originele wijze inzetten. Dr. Octopus is een tegenstander die het Spider-Man echt moeilijk maakt, maar ook nog eens iemand met wie je als kijker meeleeft en zijn uiteindelijke lot raakt je dan ook. Ook het verhaal van Peter is invoelbaar gebracht. Ondertussen brengt Sam Raimi al zijn kwaliteiten als filmmaker in - vooral de scene waarin Dr. Octopus ‘ontstaat’ is fantastisch, net als een gevecht op en in een trein. Wel moet iemand die in wetenschap geïnteresseerd is zijn kritische denken op de pauzestand zetten, want kernfusie is niet zo eenvoudig als het hier gebracht wordt. Als de film eindigt ben je als kijker tevreden, maar ook benieuwd hoe het de karakters verder vergaat. Jammer dat Spider-Man 3 in vergelijking met deze film eigenlijk een teleurstelling is.

Omdat de film in 2004 is uitgekomen, ga ik niet heel erg mijn best doen om ‘spoilers’ te voorkomen. Als je de film niet hebt gezien, zorg ik wel dat er nog wat verrassingen voor je overblijven, maar ik zal wel wat meer verklappen over het plot dan ik gewend ben.

Ik heb de film al heel wat malen gezien, maar de laatste keer vielen met twee dingen meer op dan normaal. Een daarvan is wat persoonlijker, dus die bewaar ik voor zo meteen. De ander is dat dit verhaal wel heel duidelijke verwijzingen naar het verhaal van Jezus bevat. De held heeft twee naturen: de bovennatuurlijk snelle en krachtige Spider-Man en de kwetsbare, gevoelige mens Peter Parker. Hij moet een op hol geslagen trein tot staan brengen. Hij doet dit met uitgestrekte armen - een houding alsof hij wordt gekruisigd. Hij heeft het masker van Spider-Man afgezet en wordt gezien als de mens die hij is. En het is duidelijk hoe zwaar het gewicht van de trein (een microskosmos van de mensheid met individuen van allerlei leeftijden en nationaliteiten) op zijn schouders drukt. Uiteindelijk verliest hij het bewustzijn. De mensen vragen zich af of hij dood is. Spider-Man wordt over hun hoofden getild, alsof hij ten grave wordt gedragen. Dan blijkt hij nog te leven. Hij heeft er opeens volgelingen bij, die door zijn opoffering zijn geïnspireerd om zelf ook heldhaftig te zijn. En aan het slot van het verhaal verslaat hij de slechterik niet met de kracht van Spider-Man maar met de zwakheid van Peter Parker. Zijn dit soort overeenkomsten met het verhaal van Jezus bewust aangebracht? Misschien. Ik denk echter van niet. Ik denk dat onze verhalen automatisch mee gaan bewegen met het Verhaal van de Werkelijkheid. Er vindt resonantie plaats - de snaar gaat meebewegen met de andere snaar. En in het geval van deze film is dat mijns inziens goed zichtbaar.

Het tweede dat mij opviel, was hoeveel ik van mijn eigen leven in het verhaal van Spider-Man herkende. Het belangrijkste thema van de film is hoe wij dat wat wij doen of wat ons is aangedaan zoveel waarde kunnen toekennen dat ons leven erdoor bepaald wordt, in plaats van dat wij ons leven zelf kunnen bepalen. Wij verliezen onze vrijheid, zijn nog maar een schaduw van onszelf, en zijn niet in staat om te doen wat wij het liefste willen. We zitten in de klem. We lopen zelfs het risico een monster te worden, het tegenovergestelde van wat we willen zijn.

Dit is te zien in het karakter van Harry Osborn, de beste vriend van Peter. Hij gelooft echter dat zijn vader door Spider-Man om het leven is gebracht en wordt nu verteerd door maar een verlangen: om wraak te nemen. Als er iets gebeurt waardoor het slecht gaat met zijn bedrijf ‘Oscorp industries’, zegt hij zelfs letterlijk dat zijn vendetta tegen Spider-Man het enige is wat hij nog overleeft. Alles moet hiervoor wijken. Zelfs zijn vriendschap met Peter. Hij gaat drinken, scheldt en schopt. Hij is niet meer wie hij was. Hij heeft het verlangen naar wraak op de eerste plaats gezet in zijn leven, er zijn afgod van gemaakt, en nu wordt zijn leven erdoor bepaald. We gaan lijken op wat we aanbidden, zegt de bijbel ergens. Anders gezegd: wij kunnen niet groter zijn dan het verhaal waar we in leven. En als dat een klein verhaal is, blijven wij zelf ook klein. En een kleiner verhaal dan dat van wraak is er bijna niet. Ik denk daarom dat de bijbel ook waarschuwt dat we moeten oppassen dat er in ons hart niet een wortel van bitterheid opschiet, omdat die ons onze vrijheid kan afnemen en ons kan omvormen tot ‘wraakmachines’ in plaats van vrije individuen. Het verlangen naar wraak maakt ons eenkennige robots in plaats van volledige mensen.

Een ander karakter dat in de greep raakt van het verhaal dat hij over zichzelf vertelt, is Otto Octavius. Hij is gepassioneerd over zijn werk. Hij meent dat hij een doorbraak kan bereiken waardoor de wereld op een goedkope manier van energie kan worden voorzien, en er is zelfs kans op het winnen van een Nobelprijs. Dit is zijn droom, dit is waar hij al zijn tijd en kracht aan besteed. Als het experiment mislukt, kan hij het niet opgeven. Er is een ontwerpfout in zijn theorie, maar hij kan dat niet onder ogen zien. Hij moet en zal het nog een keer proberen, ook al moet hij daarmee de populatie van New York in gevaar brengen, ook al vervreemdt hij daardoor iedereen van zich. Hij is in de macht gekomen van zijn ambitie en hij is de vrijheid kwijtgeraakt om er ‘nee’ tegen te zeggen. Hij wordt beheerst door zijn droom, in plaats van andersom. In dit geval zelfs letterlijk. De vier armen waar hij zichzelf van heeft voorzien, hebben een eigen intelligentie met de opdracht fusie-energie tot stand te brengen. Ze fluisteren hem in, beïnvloeden hem. En hij gebruikt het zelfs als excuus om zijn eigen experiment niet te stoppen. Hij is niet meer vrij. Maar hij heeft wel uit eigen beweging ingestemd met de vier armen. Ze zeiden niet iets wat hij zelf niet dacht, ze sloten aan bij een ambitie die uit hem zelf kwam. Alleen omdat uiteindelijk iemand anders zich wil opofferen om de gevolgen van zijn zelfzuchtige keuzes ongedaan te maken, kan Dr. Octavius zijn eigen ambitie opzij schuiven. En als hij dat doet, als hij zijn eigen ambities opzij zet voor een ander, als hij zijn droom opgeeft, wordt hij een mens in plaats van een monster. Een mens wordt niet zo beheerst door zijn droom dat hij er andere mensen aan opoffert. Een mens heeft de vrijheid om anderen lief te hebben als zichzelf. Wie dat niet kan, is een monster.

En dan is er Peter Parker. De beginscènes van de film zijn eigenlijk moeilijk om te kijken, zo pijnlijk herkenbaar vind ik de worsteling van de hoofdpersoon. Hij zet zich in als Spider-Man om misdaad te bestrijden en voor zwakken op te komen, maar hij gaat er bijna aan ten onder. Hij heeft zijn persoonlijke leven volledig ondergeschikt gemaakt aan de taak die hij heeft opgenomen. Hij offert zijn carrière op, zijn scholing, zijn vriendschappen en zijn liefde. Allemaal omdat hij het idee heeft dat hij Spider-Man moet zijn. Het is minder iets dat hij wil, maar iets waarvan hij vindt dat het behoort. Zijn taak als Spider-Man is namelijk gebaseerd op schuld. Peter Parker vindt dat hij schuldig is aan het overlijden van zijn oom Ben. Als hij namelijk zijn krachten op een goede manier had gebruikt en een bandiet had tegengehouden, zou Ben Parker nog leven. Dat is een behoorlijke last om op je schouders te dragen. En dan zei zijn oom ook nog eens dat bij grote kracht een grote verantwoordelijkheid hoort. Dus denkt Peter dat hij niet anders kan dan zich inspannen. Hij gaat er echter zelf aan onderdoor. Zijn energie raakt op. Uiteindelijk wordt hij gedwongen te stoppen.
Ik denk bij deze scenes aan de jaren dat ik me uit alle kracht inspande om bijbel te lezen (vijf hoofdstukken per dag), te bidden (minstens een half uur), bijbelstudie te doen, bijbelteksten te memoriseren, naar de kerk te gaan, te evangeliseren et cetera. Het klinkt allemaal heel geestelijk. Maar ik deed het uit schuldgevoel. Ik was bang dat God boos op me zou worden als ik niet voor hem zou werken. Bovendien had ik van God een groot intellect gekregen en dat kwam met grote verantwoordelijkheden. Ik vond dat ik niet meer de boeken mocht lezen die ik zo graag wilde lezen, of de verhalen schrijven die ik zo graag wilde schrijven. Zelfs voor vriendschappen kon ik nauwelijks nog tijd vrijmaken. Maar deze christelijke activiteiten pasten niet bij me. Het was niet wat ik wilde, maar wat ik dacht dat ik ‘behoorde’ te doen. En zoals Peter Parker zijn energie kwijt raakte, zo gebeurde dat bij mij. Ik kreeg enorme slaapproblemen. Ik werd overspannen. Van de ene op de andere dag stopte ik met al dat werken. Wat een opluchting.

Peter geeft zichzelf de toestemming gewoon Peter te zijn. Hij volgt de lessen waar hij zo van houdt (en wordt de beste van de klas), repareert zijn bromfiets, en bezoekt eindelijk een van de toneelvoorstellingen van Mary Jane. Hij geniet eindelijk van zijn leven. En hij vindt de vrijheid om eerlijk te zijn naar zijn tante May. Hij wil het geheim van zijn schaamte niet meer alleen met zich meedragen, maar besluit het met anderen te delen. Het lijkt met Peter voor de wind te gaan. Maar dat is maar schijn. Hij ziet namelijk hoe iemand op straat beroofd wordt, en realiseert zich dan dat hij daar niet zomaar aan voorbij kan lopen. Zijn verlangen om Spider-Man te zijn was niet alleen maar gebaseerd op schuldgevoel, maar ook op een positief verlangen om iets goeds te doen voor andere mensen. Hoe hij het ook probeert, hij kan echter zijn krachten niet meer terugkrijgen. Hoe hij zich ook inspant.
Ook dat herken ik wel. Na mijn overspannenheid volgde een periode van vrijheid, van ontspanning, van soms pijnlijke eerlijkheid. Maar het was de ontspanning van het negatieve, ontspanning omdat er iets ontbrak in mijn leven - de eeuwige overheersing van het schuldgevoel, de rust van het niet meer behoren te werken. Er was iets van mijn afgevallen. Maar ik ervoer ook een leegte. Er was niet iets positiefs terug gekomen in mijn leven. Ik was stuurloos geworden. Ik heb geprobeerd te schrijven, maar ik kon zelfs dat niet omarmen als mijn roeping, als iets dat bij mij paste. Ik zei dat ik eigenlijk verhalen wilde schrijven, maar het lukte me niet. De inspiratie leek verdwenen. De behorens kwamen steeds weer terug. De vrijheid was dus van korte duur.

Twee dingen leiden voor Peter uiteindelijk tot werkelijke vrijheid. Ten eerste de onvoorwaardelijke liefde die hij ervaart van zijn tante. Ze vergeeft hem voor zijn rol in de dood van zijn oom, en zegt hem dat ze van hem houdt. Zoals hij is, superheld of niet. Ze is niet in hem teleurgesteld. Voor haar hoeft hij niets te doen. Hij hoeft niet te presteren. Hij hoeft helemaal niets. De opluchting bij Peter Parker is op zijn gezicht te zien. Onvoorwaardelijke acceptatie is de eerste stap naar vrijheid. Zolang Peter dat nog niet had ervaren, zou zijn vrijheid alleen de vrijheid zijn van het ontbreken van overheersing, niet de vrijheid van het werkelijk jezelf kunnen zijn. Want Peter geloofde nog niet dat het genoeg was echt zichzelf te zijn. Hij wist alleen dat hij zich niet meer kon laten overheersen door zijn schuldgevoelens. Als zijn tante May zegt dat hij geliefd is, ook als hij niets doet, is hij pas echt vrij om iets te gaan doen. Positieve vrijheid. De vrijheid van leven in overeenstemming met wie je bent.
De tweede ontdekking die Peter doet is dat hij om te leven in overeenstemming met wie hij is niet afhankelijk is van omstandigheden buiten hem om. Hij is niet afhankelijk van zijn krachten als Spider-Man. Hij is niet afhankelijk van het superheldenpak dat hij gemaakt heeft. Er hoeft niet aan voorwaarden te worden voldaan voor hij zichzelf kan zijn. Hij kan ook als de eenvoudige Peter Parker al het goede doen.
Ook deze dingen herken ik heel sterk. Een groot deel van mijn geestelijke reis van de afgelopen jaren was te leren ontdekken dat God onvoorwaardelijk van mijn houdt, dat hij van mijn houdt zoals ik ben, niet zoals ik zou moeten zijn. Ontdekken dat ik hem niet kan teleurstellen, omdat hij alles weet wat ik heb gedaan en ooit zal doen, en toch van mij houdt. Ontdekken dat ook als ik nooit meer iets zou presteren, dat hij mij in zijn armen sluit als zijn geliefde zoon. Die liefde maakt me vrij om rond te kijken naar wat ik wil doen. Die liefde maakt me vrij om eenvoudig te schrijven, om te tekenen, om te bloggen. Ik mag doen wat ik wil, want Gods liefde is onvoorwaardelijk.
En om te doen wat ik wil, ben ik niet afhankelijk van anderen. Ik stopte ooit met schrijven nadat een manuscript door een uitgever was afgewezen. Ik dacht dat ik om door te gaan met schrijven afhankelijk was van publicatie. Ik meende dat ik afhankelijk was van erkenning. Maar dat was niet zo. Ook al zou niemand mijn verhalen lezen, ook al zou ik ze alleen voor mezelf schrijven, ik zou ze mogen schrijven. Om mijn creativiteit uit te leven heb ik niets anders nodig dan papier en een potlood (of een MacBook air, dat werkt ook). Het zijn niet mijn omstandigheden die mij bepalen. Of er ooit nog iets van mij wordt uitgegeven, of niet, ik ben schrijver. Zoals Peter Parker een held is, of hij ooit nog Spider-Man kan worden of niet.

En dan is er dat moment waarop Peter Parker daadwerkelijk weer Spider-Man wordt. Zijn vriendin wordt bedreigd. Op dat moment weet hij het opeens: dit is wie ik ben. Dit is wat ik wil. Op dat moment is hij helemaal niet met zichzelf bezig (zoals eerder, toen hij ook probeerde om weer Spider-Man te worden). Hij denkt niet aan zichzelf, hij denkt alleen aan Mary Jane. En hij breekt door een hele laag puin heen. Hij is Spider-Man!
Dat moment kwam voor mij afgelopen jaar, toen ik voor de tweede keer ziek thuislag met wondroos. Ik realiseerde mij dat als ik dood zou gaan (zo ernstig was het gelukkig niet, maar wondroos is toch niet mis) ik vooral spijt zou hebben van het feit dat ik geen verhalen zou hebben geschreven. Ik had het er al jaren over dat ik weer wilde schrijven, maar ik deed het niet. Ik dacht dat het was omdat ik geen inspiratie meer had, dat er geen ideeën kwamen. Maar de realiteit was dat ik mezelf geen toestemming gaf om dag en nacht over mijn verhalen te denken. Ik stond mezelf in de weg. Toen ik besloot om weer te schrijven en mezelf de toestemming gaf te doen wat ik het liefst wilde, begonnen de ideeën weer als vanouds te borrelen. En hoe veel ik ook schreef, ik werd er niet overspannen van. In plaats van slechter te slapen omdat ik zo hard werkte, sliep ik er beter door. Mijn schouders waren minder opgetrokken en ik was (volgens mijn vriendin) vrolijker. Ik was meer mezelf. Want ik had mezelf toestemming gegeven om te schrijven. Dit was net zo’n moment als Peter die door het puin breekt.
Het is ook een keuze waarop ik niet meer terug zal komen. Zoals Peter op dat moment wist dat hij Spider-Man was, weet ik dat ik schrijver ben. Niemand kan dat van me af pakken. Deze keuze was namelijk niet gemaakt doordat ik me op mezelf richtte, ik maakte de keuze niet omdat ik iets wilde bewijzen. Zoals Peter was ik niet op mezelf gericht. Ik was gericht op het schrijven, zoals Peter was gericht op Mary Jane. En omdat ik op iets buiten mezelf gericht was, was ik werkelijk vrij. Er was geen sprake meer van schuldgevoel en verplichting, zoals eerst. Ik mocht gewoon doen wat ik wilde doen. Voor Peter was dat Spider-Man zijn, voor mij was dat schrijven.

maandag 26 maart 2012

Links: Kwallen, striptekenaars op een onbewoond eiland, Hunger Games en verlangen als godsbewijs

Dit is een van de meest bijzondere plekken op Aarde - een meer op Palau bevolkt door kwallen, die niet prikken.

Over bijzondere plekken gesproken: filmmaker en ontdekkingsreiziger James Cameron keerde gisteren terug van de diepste plek op aarde, Challenger Deep in de Marianantrog!

Leuk voor de stripliefhebbers: striptekenaars op een onbewoond eiland!

De trailer voor een animatiefilm die nog niet gemaakt is: My family and the wolf. Een mooie verbeelding van de zomermaanden door de ogen van een kind, en een mysterieuze verschijning ...

De evolutie van veren blijkt een ingewikkelde geschiedenis, want al voor de dinosauriers waren er reptielen met veerachtige structuren, die wellicht zelfs werden gebruikt om te zweven!

Ik ga morgen naar de film The Hunger Games. Waarschijnlijk ga ik daar wel een recensie over schrijven, daar lijkt het me wel een geschikte film voor. Ondertussen las ik op Christianity Today een paar fascinerende artikelen over deze film. De eerste kijkt naar de trend van apocalyptische jeugdboeken en -films. En wat die over de mens zeggen, met name over onze neigingen tot controle en geweld. "We like The Hunger Games because we want to identify with the rebellion. If we look closely, though, we are often more likely to find ourselves, however unintentionally, siding with the Capitol. We turn a blind eye to suffering, allowing the rest of the world to meet our every need and desire, though it costs them their lives. We sit in air-conditioned luxury, practicing Twitter activism, while people around the world (and in our neighborhoods) starve." De tweede zie in een van de karakters een beeld van Jezus, die op een mooie manier hoop en leven brengt aan een hoofdpersoon.

Een interessant artikel over de rol van het verlangen in het kiezen om te geloven. Heel vaak hebben christenen in hun geloofsverdediging gekozen voor een rationele aanpak, en gebruik gemaakt van logische argumenten. Maar hoe vaak maken wij mensen nou keuzes omwille van logische redenen? We kiezen voor wat we willen - de vraag is dus: willen we geloven? Volgens dit artikel zijn er verschillende verlangens van de mens die door het christelijk geloof worden vervuld: het verlangen naar veiligheid en betekenis, het verlangen naar onsterfelijkheid, het verlangen naar rechtvaardigheid, en het verlangen naar 'awe', naar schoonheid: "Throughout our lives, we have experiences of joy and awe that are “not enough.”  They somehow point us beyond themselves to a more ultimate experience.  C.S. Lewis wrote of “a desire for something that has never actually happened." However enjoyable our earthly experiences are, we’re never fully satisfied. We yearn for something more—something beyond.”

The Christian Monist kijkt verder naar zijn redenen om in God te geloven. Hij vertelt eerst dat zijn bekering anders verliep dan hij zijn toehoorders ooit wilde laten geloven in zijn getuigenissen. Geen wonderverhalen, geen tekenen. Nee, hij was op zoek naar een techniek om meer zelfvertrouwen te kweken en had het advies gekregen positieve bijbelteksten te memoriseren ... Maar toch was er meer: "Finally I came to the issue of consciousness, or more precisely self-consciousness.  Like an explorer ten miles in an narrow, dark cavern, the thought of self-consciousness was like a huge room full of light and amazing rock formations ... I'm here . . . inside this body. I would pinch myself hard and I knew that I felt it. While it was reasonable that every human on earth could be a protein and calcium based robot . . . I knew that I was not. It had a self-awareness that exceeds the possibly of complex circuitry ... you then know that an impersonal universe cannot give rise to the personal no matter if you had a billion to the billionth power of years to evolve."

maandag 13 februari 2012

Links: prehistorische krekels, strip over Titanic, Insurrection, bergrede, moeilijke dingen doen

Hoe prehistorische dieren er werkelijk uitzagen zullen we wel nooit met zekerheid kunnen zeggen, en al helemaal niet wat voor geluiden ze maakten. Maar toch weten we sinds kort hoe de nachten klonken in de bossen van het Jura-tijdperk, want wetenschappers hebben op basis van een krekelfossiel een simulatie gemaakt van het geluid dat dit insect produceerde ... Dit is het dichtste dat we ooit bij Jurassic Park zullen komen ...

Het is erg interessant om te volgen in welke extreme omgevingen onderzoekers levensvormen aantreffen. In uitgedoofde heetwaterbronnen in de diepzee bijvoorbeeld, waar bacteriën en archaea leven van het daar afgezette zwavel en ijzer. En ook onderin het gletsjerijs van de Noord- en Zuidpool, waar bij temperaturen onder het vriespunt sommige soorten nog blijken te groeien (zij het langzaam).

Een fascinerend nieuw stripverhaal dat zich afspeelt op de Titanic. Op 14 april aanstaande is het 100 jaar geleden dat het schip zonk.

Voor de geeks: Star Wars-karakters verbeeld als Samurai! En hier nog een paar varianten gemaakt op de computer. Beide briljant! Lang leve de verbeelding die hiermee gepaard gaat.

Wie trouw mijn blogberichten leest, heeft in mijn bespreking van A Game of Thrones de citaten gelezen van Richard Beck op Experimental Theology, waarin hij uitlegt hoe wij uit angst voor de betekenisloosheid van de dood (die op ons allen wacht) betekenis zoeken in onze culturele 'heldenverhalen'. Deze hebben een demonisch karakter, legt hij uit: als we mensen ontmoeten met een ander 'heldenverhaal' voelen we ons bedreigd in onze betekenis en dus moet de ander veranderen (of sterven). We ontnemen de ander zijn of haar vrijheid, wat altijd demonisch is. Nu begint Beck in zijn nieuwe bericht na te gaan of het mogelijk is aan deze cyclus van geweld te ontsnappen. Het kruis van Christus en de opstanding spelen daarin een grote rol. Zoals ik in mijn serie 'Terug naar de basis' van afgelopen najaar betoogde, vinden wij onze vrijheid als wij Jezus volgen in zijn weg van de zwakheid, het totale opgeven van de eigen 'heldenverhalen', het opgeven van de 'god van de religie' die we als afgod aanbaden, God als 'Deus ex machina': 'To experience the Crucifixion is to lose all the supports that would protect us from a direct confrontation with the world and with ourselves. We are robbed of all the stories that we construct about God and our own nature. Stripped of the guarantees and fantasies that previously marked out existence, we come face-to-face with anxiety in its various manifestations (death, meaninglessness, guilt).' Geen wonder dat Jezus riep: 'Mijn God, mijn God, waarom heeft u mij verlaten!' Maar als we delen in Jezus' dood, delen we ook in zijn opstanding: "On the other side of this experience is a life freed to live for others. Resurrection faith is then manifested in a freedom and liberation in which we are able to courageously and fully embrace this world without repression, resentment, and fear. It is a way of living in love, a love that embraces existence, not because it is perfect, but because it is beautiful in the midst of its very imperfection." Beck citeert hier het boek Insurrection van Peter Rollins. Ik denk dat ik dat ook maar een keer ga lezen.

Gerelateerd aan wat ik schrijf over wilskracht, interne en externe motivatie en de eisen van God aan ons gedrag, is dit stuk op Mockingbird. De schrijver legt uit dat Jezus in de bergrede de lat heel hoog legt. Maar niet om ons aan te vallen: "All He’s doing is exposing the fact that before the Law, or the standard of God, the only possible response is humility. Before what God is really speaking to human beings, instead of trying harder, the only possible way of dealing with it is humility. The purpose here is not to attack you if you’ve been divorced, or to upset you if you’re contemplating a divorce, or to make you feel guilty if, like 60% of everybody else, you’ve had a divorce. The purpose of the Sermon on the Mount is to demolish all attempts to believe that we have anything of our own that we can achieve or contribute to the divine equation." En dat hangt samen met wat ik schrijf over het kiezen voor de zwakheid, het ophouden te vertrouwen op de eigen kracht - om slecht te zijn, maar ook om goed te zijn!

Mockingbird is trouwens weer op dreef - ik voelde me ook heel erg aangesproken door dit artikel: 'We've always gotta do the hard thing'. Ik weet het nog van vroeger: het idee was dat als iets je makkelijk afging, het vast niet was wat God van je vroeg. Maar als je heel erg tegen iets opzag, moest je dat juist doen. En nog steeds roepen christenen elkaar op de moeilijke dingen te doen. Er is zelfs een boek met de titel Do Hard Things! Maar het is helemaal niet zo goed om zo graag het moeilijke te willen doen! Het artikel vergelijkt het met sport. "Sports often brutalize the player—they make him more aggressive, more violent. They make him intolerant of gentleness; they help turn him into a member of the pack, which defines itself by maltreating others—the weak, the tender, the differently made." Atleten spannen zich zo in, omdat ze bewonderd willen worden voor hun inspanning. Net zo wilde Naaman in het oude testament om te genezen van zijn ziekte niet iets doen wat makkelijk was (zich wassen in de Jordaan), maar liever iets dat moeilijk was. "We can’t handle being given something for free. We are like Naaman, incensed that our riches (our spiritual quality) and obedience are not only not required but, we are told, actually an impediment to our healing. We struggle to retroactively purchase our salvation by becoming people for whom substitutionary atonement is not such a scandal. We want to do something hard. We want to earn God’s favor. We fear something easy, both because we don’t understand it and because we’ve been convinced that something easy isn’t worth anything."

Maar Gods liefde voor ons valt niet te verdienen. Op Internetmonk staat een prachtig stuk over de reden waarom God van ons houdt.  "In a memorable Dennis the Menace cartoon, Dennis and his friend Joey are leaving Mrs. Wilson’s house loaded up with a plate full of cookies. Joey turns to Dennis and says, ‘I wonder what we did to deserve this.’ Dennis is quick to reply, ‘Look Joey, Mrs. Wilson gives us cookies not because we’re nice, but because she’s nice.’ So goes the arithmetic of grace ... It’s not because we’re nice. He loves us because he loves us. Period. It’s who God is that makes the difference in matters of love, grace, and choice."

woensdag 18 januari 2012

Links: Europese mensapen, graphic novels, The Walking Dead, Beyond Evangelical en verontschuldiging

Wil je verbaasd staan? Wil je jezelf ongelofelijk nietig voelen? Wil je alles in het leven en op aarde eens volledig relativeren? Probeer je dan eens voor te stellen hoe groot het heelal eigenlijk is. Moeilijk he? Dit filmpje helpt erbij ...

Mensapen kennen we nu vooral uit Afrika en uit Azie, maar ze kwamen ook voor in Europa

De tekenfilmserie Avatar - The last airbender was geweldig (veel beter dan de bioscoopfilm): spannend, humoristisch, met sterke karakters, een goed uitgewerkte fantasiewereld en een mooi en verrassend verhaal. Het ziet ernaar uit dat het vervolg The Legend of Korra ook zo goed wordt. Deze voorproefjes smaken in elk geval naar meer!

Een voorproefje dat geen realiteit werd was deze van de film John Carter of Mars. Niet de versie van Andrew Stanton die dit voorjaar in de bioscoop komt, maar de versie van Kerry Conran. Wie? De regisseur van Sky Captain and the World of Tomorrow! Een ding is zeker: het zou een visueel spektakel zijn geworden.

Altijd leuk als striphelden uit verschillende strips elkaar ontmoeten. Zoals in dit verhaal van Peanuts en Spider-Man.

Over strips gesproken: Christ and Popculture geeft een lijst van de beste tien 'graphic novels' uit 2011. Het zijn ook nog eens verhalen die iets te zeggen hebben. Inspirerend! Er zitten er een paar bij die ik ook graag zou lezen. Gelukkig zijn binnenkort de stripdagen en misschien kan ik er daar een of twee op de kop tikken!

Over top tien lijstjes gesproken: op IO9 wordt een lijstje gegeven van tien fantasyseries die je kunt lezen terwijl je wacht op het volgende boek van G.R.R. Martin. Nu ben ik net aan het eerste deel van A Song of Ice and Fire begonnen (A Game of Thrones), maar suggesties van goede fantasyseries zijn nooit weg. Sommige series op deze lijst heb ik gelezen en kan ik ook aanbevelen (Earthsea, Shadowthrone, Malazan Book of the Fallen en de Farseer-serie en vervolgen) - waarschijnlijk zullen de andere dan net zo goed zijn. 

Er zijn meer mensen die op dezelfde manier kijken naar films en verhalen als ik dat doe op mijn blog - namelijk als weerspiegelingen van het Ware Verhaal, afbeeldingen waarin de werkelijkheid van God is terug te vinden, of de makers dat nu zo bedoelen of niet. De schrijfster van In the Open Space bijvoorbeeld. Ze ziet het Grote Verhaal zelfs terug in een TV-serie over zombies, namelijk The Walking Dead: "When we reach beyond the darkness to the larger reality we live in, we remember that we are loved. We remember God loves us so much that he goes to the greatest lengths to ensure our Story comes to an amazing, breathtaking end. And in that Story, we, in all our capacity for evil and destruction, are worth saving simply because he loves us. And that—even in the face of the most insidious darknesses—gives us the best kind of hope. It reminds us that, even in the midst of struggle, all will be well. That, no matter what happens in the middle of the Story, we are worth fighting for and saving—and our Story ends good." Goed om aan herinnerd te worden, vind ik, ook al zal ik de TV-serie in kwestie zelf nooit kijken.

Soms zien mensen van buiten de kerk beter wat belangrijk is dan mensen van binnen de kerk, zoals deze muziekjournalist die reflecteert op een bezoek aan een christelijk muziekfestival: "Jesus' breakthrough was the aestheticization of weakness. Not in what conquers, not in glory, but in what's fragile and what suffers - there lies sanity. And slavation. But once you’ve known Him as God, it’s hard to find comfort in the man. The sheer sensation of life that comes with a total, all-pervading notion of being—the pulse of consequence one projects onto even the humblest things—the pull of that won’t slacken." Dat is de weg van de zwakheid, waar ik op mijn blog al eerder over heb geschreven.

Deze visie op Jezus zou goed aansluiten bij de vierde stroming die Frank Viola identificeert in zijn nieuwste blogbericht. Hij denkt dat er vier groepen christenen zijn die moeite hebben met de traditionele evangelische kerk. De christenen die gaan voor een zuivere doctrine, de christenen die gaan voor actie en goede projecten, de christenen die zoeken naar geestelijke ervaringen en ten slotte christenen die zich op geen van die drie dingen willen richten, maar alleen willen vertrouwen op Jezus. “Beyond Evangelicals” want to know Jesus Christ in reality and in the depths. Yet they aren’t quietists or passive mystics. Outward activity is important, but it’s like fruit falling off a tree. It’s the natural result of living by the life of Christ." Nou denk ik zelf niet dat dit zo makkelijk als een vierde groep kan worden weggezet, omdat deze christenen zichzelf juist niet willen begrenzen of definieren. Het is niet een 'bounded set', maar een 'centered set' - niet bepaald door de precieze grenzen met andere groepen, maar bepaald door het ene centrum waar deze mensen zich op richten. Maar met deze kanttekening erbij kan ik toch de voor mijn lezers vast niet heel verrassende uitspraak doen dat ik me met deze vierde groep het meest identificeer ...

John Shore is niet bang om controverse te creëren. Zo droomt hij dat christenen ooit hun excuses zullen aanbieden aan mensen met een homoseksuele aanleg en verzoening zullen zoeken. Hij heeft er de woorden al voor geschreven. "For no reason beyond animal ignorance we have tried to obliterate you: to rob you of your identity, crush your self-worth, destroy your hopes, turn you against yourself. We have harnessed our almost unimaginable power to bring to you the singular, unceasing message that God finds you reprehensible. Shamefully, we have turned the way you love into the way we hate."
Richard Beck lijkt een zelfde thema op te pakken op zijn blog Experimental Theology. Hij vertelt over een homo die door twee christenen was afgetuigd en als een vogelverschrikker aan een hek hing. En hij verbindt het met Christus - die door een woedende menigte ter dood werd gebracht aan een kruis. "My deepest fear in life is that I'm going to end up on the wrong side of God's history. Like so many Christians before me. My fear is that a moment will come when I am asked to stand up for those hanging on the trees, literally and symbolically, and I'll respond with "That has nothing to do with me. That has nothing to do with the church." ... Really, it's all pretty simple. Jesus hangs from crosses, from trees and fences. And to see that, like Saul on the Road to Damascus, is the day of your conversion." Jezus volgen in zijn weg van zwakheid en ons identificeren met de 'outcasts' - dat is wat God van ons verlangt. Het is een moeilijke weg, en ik zal er heel vaak op struikelen, maar ik verlang er wel naar.
Ik denk dat het de weg naar vrijheid is, ook naar een bevrijde seksualiteit. In het bericht van John Shore viel me namelijk nog het volgende op: "Like all people (we now see, praise God), there are two natural phenomena that, in the overwhelming magnitude of their power, finally render us insensible of ourselves: the awesome presence of the divine infinite, and sex. We have always believed those two to be in competition, to be mutually exclusive: traditionally our conviction has been that where God is, sex cannot be. And so we have always, if grimly, shunned our sexuality, and clung fast to God." Hij heeft een punt, en dat hangt samen met mijn betoog over het stripboek Een Deken van Sneeuw. Misschien kunnen we naar een beeld van God toe dat onze menselijkheid (inclusief onze lichamelijkheid) niet buitensluit, maar juist omvat. Waarin we helemaal onszelf kunnen zijn. Ik geloof daar in.

zaterdag 21 mei 2011

Donkere planeten, missing link, Neuromancer, Calvin & Hobbes, Hawking, motivatie van buitenaf en de opname van de gemeente

Ongelofelijke superhelden

Planeten draaien niet alleen rond sterren, maar zweven ook in het donker van het heelal. Misschien zijn er wel net zo veel 'zonloze' planeten in ons sterrenstelsel als er sterren zijn. Waarschijnlijk zijn de planeten wel gevormd bij een ster, maar zijn ze uit hun zonnestelsel geslingerd. Stof voor SF-verhalen.

De ontdekking van een 'missing link' tussen hagedissen en pootloze hagedissen is aanleiding voor een discussie over de basis van de evolutietheorie.

Acteur Stephen Fry speelt mee in The Hobbit. En er komt een film van het SF-boek Neuromancer (dat onder andere als inspiratie diende voor films als The Matrix).

De trailer voor een interessante TV-serie, getiteld 'Once Upon A Time', waarin de echte wereld en de sprookjeswereld lijkt te versmelten en de waarheid van verhalen een belangrijke rol speelt.

Nederlandse stripheldin January Jones keert terug.

Over striphelden gesproken? Hoe zou het zijn met Calvin en Hobbes

N.T. Wright over Stephen Hawking. "In the Bible ‘heaven’ isn’t ‘the place where people go when they die.’ In the Bible heaven is God’s space while earth (or, if you like, ‘the cosmos’ or ‘creation’) is our space. And the Bible makes it clear that the two overlap and interlock. For the ancient Jews, the place where this happened was the temple; for the Christians, the place where this happened was Jesus himself, and then, astonishingly, the persons of Christians because they, too, were ‘temples’ of God’s own spirit."

Hier heb ik gisteren ook over geschreven: het verschil tussen motivatie van buitenaf en motivatie van binnenuit: "The sickness of religious idolatry can be measured by the extent to which it forces you to comply to standards of holiness in order to belong. There isn’t anything wrong with the standards of holiness – we need those! But it gets a little dicey in my mind when we rely solely on external motivation (i.e. “comply to our standards, or else!”) to get the job done. Because, of course, the most significant holiness can only come from the inside out, born of the Spirit. This is the difference between compelled obedience and inspired obedience. Legislating holiness can only deal with the outward symptoms of sin, but it rarely gets to the heart of the matter."

Oh, en vandaag is het volgens sommige gelovigen tijd voor de dag des oordeels. Chaplain Mike op Internetmonk heeft een paar pittige woorden te zeggen over de theologie van de opname en het dispensationalisme waar die uit voortkomt. "All the magnificent animated three dimensional literature of the Scriptures became flattened, reduced to a blueprint or series of mathematical formulae. Not only that, but the system seemed to miss (or at least downplay) the most important theological point of all—that Jesus and the story of him told in the Gospels is the pinnacle of God’s plan, the fulfillment of his promises. There will be one Second Coming, one return, one glorious “appearing” of the Lord Jesus Christ when he comes to consummate his triumphant finished work. It’s time to leave behind puzzle piece theology and read the Bible more carefully as it is given to us, not as we dissect it and put it back together."

woensdag 18 mei 2011

Kuifje, zeemeerminnen, landkrabben, rentmeesterschap, lichaam en ziel

De poster voor de Kuifjefilm van Spielberg. En de eerste trailer. Ziet er boeiend uit, en ik heb vertrouwen in de regisseurs, maar het blijft de vraag hoe overtuigend de animatie zal zijn.

De anatomie van de zeemeermin.

Op de blog Project: Rooftop worden nieuwe ontwerpen getoond van superhelden en superschurken. Een aanrader voor elke geek. 

Exoplaneet Gliese 581d is de eerste planeet waarvan (met computersimulaties) is bewezen dat -gegeven een atmosfeer met een hoog percentage koolstofdioxide- vloeibaar water aanwezig moet zijn. Maar er moeten nog veel aannames voor worden gedaan.

De eerste dieren hadden het moeilijk. De concentratie zuurstof in de atmosfeer (en in het water) was namelijk tien keer lager als nu. Maar in de omgeving van zuurstofproducerende bacteriën waren de omstandigheden gunstiger. De dieren leefden in zuurstofoases in een zuurstofloze woestijn.

Voordat mensen arriveerden op Hawai leefden er onder andere landkrabben, die tot hoog in de bergen voorkwamen en waarschijnlijk tot de top roofdieren behoorden. Ze stierven uit door de introductie van ratten. Een voorbeeld van de vreemde vormen die leven kan aannemen op eilanden, en van de nadelige effecten van de mens op de ecologie van deze eilanden.

De Rabbit Room roept ons op onze roeping als rentmeesters over deze schepping serieus te nemen. "It is not so much a failure of faith on our part as it is a failure of imagination, a myopic view of God’s panoramic purposes—from the redemption of the smallest and most foolish human being, to the restitching and repainting and reclaiming and reblessing of the whole cosmos. He has promised a new heaven and a new earth. We should be going into manic fits of gardening. We should plant trees just to be able to point to them and say, “Look—that beauty. That strength. That longevity. More, so much more, is coming.We will, by the grace of Christ through whom it was all made, see this brilliantly designed, big-bang-up, mathematical masterpiece of a universe raised to the infinite power—changed beyond our wildest fantasies, shaken free of death and disaster and disappointment—yet still unexpectedly, recognizably, belovedly our own.”

Een interessante vraag wordt besproken op Jesus Creed - wat maakt de mens een mens? Is de 'ziel' te onderscheiden van het lichaam? Is de mens in essentie anders dan dieren? 'If the capacities traditionally allocated to the “soul” – for example, consistency of memory, consciousness, spiritual experience, the capacity to make decisions on the basis of self-deliberation, planning and action on the basis of that decision, and taking responsibility for these decisions and actions – have neural basis, then the concept of “soul,” as traditionally understood in theology as a person’s “authentic self,” seems redundant.' Interessante discussie.

Een argument om minstens een deel van elke dag en elke week NIET bereikbaar te zijn. "To be transformed from the inside out, there must some piece of each day where we are not accessible and therefore have the space to allow our hearts to open and receive our Father. We need the daily and weekly bread of solitude to cultivate the quietness of our internal world and the sensitivity of our heart to His Voice."

dinsdag 10 mei 2011

Zesvleugelige insecten, zombie-insecten, meta-momenten, Kuifje, liefdeloosheid als ketterij

Tot nu toe behoorde het tot de definitie van insecten dat die maximaal vier vleugels konden hebben, twee aan elke kant (waarbij die soms tot evenwichtorganen, of soms tot dekschilden zijn ontwikkeld). Nu blijkt dat de Membraciden, familie van de Cicaden, zes vleugels hebben. Niet dat het derde paar herkenbaar is als vleugels: omdat ze niet nodig zijn om te vliegen hebben ze een rol gekregen als 'helm' - een uitsteeksel dat een rol speelt in de camouflage, als vogeldrol, giftige mier (zoals op de foto), doorn of takje.

Over insecten gesproken: bepaalde schimmels maken zombies van de insecten die ze infecteren. Zo is er een schimmel die zich nestelt in de hersenen van mieren, en ervoor zorgt dat ze doelloos op de bosbodem ronddolen, tot het twaalf uur is. Dan klimmen ze in een blad, en klampen ze zich vast met hun kaakspieren, die door de schimmel zo zijn veranderd dat ze niet meer los kunnen laten. Stof voor een horrorverhaal ...

In een van mijn Joost en Cliff-avonturenverhalen kwamen de hoofdpersonen terecht in de toekomst, bij een beschaving die had geleerd met dolfijnen te praten, met behulp van vertaalmachines. Die toekomst blijkt nu dichterbij te zijn dan ik ooit dacht.

13 meta-momenten uit films.

De andere avonturen van Kuifje.

Volgens veel mensen is deze remake van de Star Wars prequels met lego beter dan de originele films. In elk geval grappiger!

Ik heb er op mijn blog al eerder over geschreven, maar nu blijkt het ook echt wetenschappelijk bewezen te zijn: onze persoonlijkheid verandert doordat we ons identificeren met de karakters in een verhaal. Als we Harry Potter lezen worden we een deel van de tovenaarswereld - en we nemen de kenmerken ervan over. "Tested on both conscious and unconscious measures, participants who read "Harry Potter" identified with the wizards and their world and those who read "Twilight" identified with the vampires and the realm they inhabited. Their subjects not only connected with the characters or groups they read about, however. They adopted the behaviors, attitudes and traits that they could realistically approximate, leaving aside the bloodsucking and broomstick flying."

De internetmonk schrijft over de woorden van Paulus, dat we niet gered zijn omdat we God kennen, maar omdat God ons kent. "An infant does not know anything about his/her parents. Knowledge will come, but life begins in utter vulnerability and trust. It is the love of mother/father for child that dominates our beginning. Recognition will come, but not at first ... We are privileged to know God, and he reveals himself to us. But the God we come to know releases us from the trap of holding onto knowledge as our salvation. He comes to us as a Father, lover, mediator, gracious and all-embracing savior."

Volgens Greg Boyd is het niet liefhebben van anderen de ergste ketterij die mogelijk is in de kerk. "There’s absolutely nothing fluffy, post-modern or sentimental about placing love above doctrinal correctness, for this conviction permeates the NT! Truth be told, we shouldn’t even contrast “love” and “doctrinal correctness” in the first place. We should rather regard the command to love as the most foundational doctrine of the church and thus the most important doctrine to be correct on! If love is to be placed “above all,” then there simply can’t be any other command or doctrine or agenda that competes with it for the top position. It must stand on top alone." 

woensdag 27 april 2011

Geduldige wetenschappers, Immortals, Naked Pastor, de kracht van verleiding

Een lijst met de langstlopende wetenschappelijke experimenten ooit. Sommige zijn bizar: zoals het experiment dat moet bewijzen dat asfalt een vloeistof is, of de klok die sinds 1864 niet is opgewonden, of de kunstmatige evolutie van bacteriën.

Een nieuwe film van de makers van The Secret of Kells - ook weer met een verhaal uit de Ierse mythologie.

De trailer voor de nieuwe film van Tarsem 'The Fall' Singh - Immortals, over een oorlog tussen de Griekse goden. Doet meer dan een beetje aan 300 denken.

Ik weet niet of ik hier niet al een keer naar heb verwezen, maar dit stripverhaal ziet er wel gaaf uit. Met dinosaurusachtige monsters, dan zit je bij mij al snel goed.

Dit huwelijksaanzoek is wel cool.

Drie mooie, maar ietwat cynische paascartoons van de Naked Pastor.

De aartsbischop van Canterbury beantwoordt de vraag van een meisje: wie heeft God uitgevonden? "Nobody invented me – but lots of people discovered me and were quite surprised. They discovered me when they looked round at the world and thought it was really beautiful or really mysterious and wondered where it came from. They discovered me when they were very very quiet on their own and felt a sort of peace and love they hadn’t expected."

De bijbel beweerde al dat het verbod leidde tot de zonde, en dat de wet begeerte opwekt. Maar nu is het wetenschappelijk bewezen. Wie zijn partner verbiedt naar andere mensen te kijken, zorgt ervoor dat hij of zij dat juist meer gaat doen. "Forbidden fruit tastes sweeter. When our desires are externally prohibited, desires grow stronger. Psychologists call this “reactance”. When prohibitions are imposed upon us we tend to interpret such impositions as an affront to our liberty. In response we come to value the forbidden more than we otherwise would."

Experimental Theology vraagt zich af waarom het opstandingsverhaal bij Markus eindigt met angst - het antwoord: in menselijke verhalen is de herrijzenis van het slachtoffer slecht nieuws. Het geweld van het slachtoffer tegen de daders is namelijk gerechtvaardigd. Dit is het plot van bijna alle actiefilms in de bioscoop (en van oud testamentische verhalen). Maar de opstanding van Jezus is (gelukkig) anders: "This is not the Judgment Day we were expecting. The victim returns to us and shows us the wounds we inflicted, yet brings to us no hate, blood lust, condemnation, or revenge. Only love, forgiveness, grace, and peace. The joy of Easter, it seems, requires a first wave of fear. It is a joy of relief. A joy of finding ourselves inexplicably forgiven. And in accepting this forgiveness we step into this new story, this new way of becoming that is so very, very different from the rounds of victimage and vengeance found in the world."

vrijdag 8 april 2011

Mass Effect, Hobbit of the Conchords, indrukwekkende commercial, diep duiken en luizen

Er komt een animatiefilm gebaseerd op Mass Effect - het computerspel dat mij nu ook al maanden bezighoudt - met een SF-wereld van een ongekende diepgang en nog mooi ontworpen ook.

Disney maakt een animatiefilmpje over het monster van Loch Ness. Cute.

Brett McKenzie, een van de sterren uit Flight of the Conchords, heeft een rol in The Hobbit. Hij heeft zelfs al in de eerdere films meegespeeld. En kijk hun song: Frodo, don't wear the ring.

Er komt een film van een van mijn favoriete Alistair McLean verhalen: Ice Station Zebra. Een recensent meende sporen van dit verhaal te ontdekken in mijn debuut, Neptunus, en ik kan hem geen ongelijk geven.

Dit stripverhaal lijkt me wel gaaf: over een Romeinse expeditie in donker Afrika.

De indrukwekkendste commercial ter wereld? Deze is wel heel bijzonder. Simpel, elegant, verbazingwekkend. Alleen jammer dat er geen dinosauriers in voorkomen.

Richard Branson (Virgin) wil opnieuw met een onderzeeboot afdalen naar de diepste plaatsen in de oceanen. Ik ga de ontwikkelingen volgen!

Oudste vliegende insect ooit gevonden als fossiel. 300 miljoen jaar oud.

Onderzoekers reconstrueerden enzymen die miljarden jaren geleden aanwezig waren in het leven dat toen de oceanen vulde. Vervolgens onderzochten ze bij welke omstandigheden deze enzymen het meest actief waren. Dit bleek te zijn onder zure omstandigheden, en bij veel hogere temperaturen dan tegenwoordig. Het leven is dus ontstaan in een hete, zure omgeving, is hun conclusie.

Er trad al soortvorming op onder luizen in de tijd van de dinosauriërs, en niet alleen in de tijd van de vogels en de zoogdieren daarna. Dit betekent of dat vogels en zoogdieren zich al ontwikkelden toen er nog dino's waren, of dat de dino's zelf luizen hadden. Omdat veel dino's warmbloedig waren en veren hadden is dat nog niet eens zo vreemd gedacht.

Op Voyages Extraordinaires wordt Paul Davies aangehaald, die ik zelf ook al citeerde in mijn bericht over de pijl van de tijd. Het gaat (waarover anders) over de vraag of het universum een doel heeft. "If the universe is pointless and reasonless, reality is ultimately absurd. We should then be obliged to conclude that the physical world of experience is a fiendishly clever piece of trickery: absurdity masquerading as rational order. Weinberg's aphorism can thus be inverted. If the universe is truly pointless, then it is also incomprehensible, and the rational basis of science collapses."

zaterdag 26 februari 2011

Beste strips, sterke dino's, nieuwe films, en Bono over genade

Ik ben een fan van stripverhalen, zowel de Europese als sommige Amerikaanse, daarom genoot ik van deze lijst van een kenner met de (volgens hem) 100 beste strips. Op 2: Blankets (zie mijn bespreking), op 5: Nausicaa (terecht), op 7 Calvin and Hobbes (ook een van mijn favorieten), op 17 Bone (wil ik dit jaar compleet aanschaffen) en op 29 I Kill Giants (prachtig!). Ik heb nog wat te lezen, blijkt maar weer.

Archeologie kan soms tragedies van duizenden jaren geleden boven de grond brengen, zoals in dit geval een familiedrama van de eerste Amerikanen. 

Altijd leuk als er weer nieuwe dinosaurussen worden gevonden, de een nog bizarder dan de andere. Deze was zo zwaar als een olifant, maar had extreem sterke dijbeenspieren. Hij gebruikte die mogelijk om zich voort te bewegen in ruw terrein, maar ook om roofdieren een trap te kunnen geven.

Ook altijd leuk als er nieuwe SF-films worden aangekondigd, en dan vooral SF-films die zich in de toekomst afspelen en op andere planeten. Onze wereld ken ik onderhand wel een beetje. Het goede nieuws van dit keer is dat Wolfgang Peterson het boek Old Man's War gaat verfilmen.

En astronomienieuws blijft ook leuk. Volgers van mijn berichten met links zien veel nieuwe planeten voorbijkomen. De een nog bizarder dan de ander. Dit keer zijn er twee planeten in dezelfde baan rond hun ster.

Mooie muziekvideo met een steampunkesthetiek (en een draak).

Het duurste aquarium ooit: drie miljoen pond.

Jeff Dunn is goed op dreef op de Internetmonk website, naar aanleiding van een optreden van Johny Cash in San Quentin. We moeten bevrijd worden, niet alleen van zonde, maar ook van het moeten. "I’m not going to “do” Christianity any longer. And I’m not even going to “be” who I am supposed to be, other than “be dead.” Jesus didn’t come to make me a better person. He didn’t come to improve me, make me more moral, or help me to be “a good witness.” He came so that I could die with him, and then experience his resurrection with him. Nothing else matters. Nothing. The only thing that can be raised from the dead is that which has died." Amen. De discussie gaat hier verder.

Het is een al wat ouder interview, maar het blijft mooi: U2-zanger Bono kiest voor genade boven karma. "I believe we've moved out of the realm of Karma into one of Grace. At the center of all religions is the idea of Karma. You know, what you put out comes back to you: an eye for an eye, a tooth for a tooth, or in physics; in physical laws every action is met by an equal or an opposite one. It's clear to me that Karma is at the very heart of the universe. I'm absolutely sure of it. And yet, along comes this idea called Grace to upend all that "as you reap, so you will sow" stuff. Grace defies reason and logic. Love interrupts, if you like, the consequences of your actions, which in my case is very good news indeed, because I've done a lot of stupid stuff."

dinsdag 11 januari 2011

Nieuwe planeet, christelijke stripverhalen, Dr. Who, facebook, roeping

De zoektocht naar op de Aarde lijkende planeten rond andere sterren gaat gestaag door. Werden aanvankelijk slechts grote gasgiganten waargenomen, de apparatuur is nu zo gevoelig dat men ook kleinere planeten ziet, zoals Kepler10b, die maar 1,4 keer zo groot is als de Aarde. Zijn baan ligt echter zo dicht bij zijn ster dat er geen leven zou kunnen voorkomen.

Genetisch onderzoek aan, jawel, luizen laat zien dat mensen 170.000 jaar geleden begonnen met het dragen van kleren.

Een groep christelijke tekenaars/stripboekauteurs heeft samen een bundel gemaakt met moderne gelijkenissen: Parable. Die is sinds kort beschikbaar (in de VS). Op de website staan 70 'preview'-pagina's om een indruk te krijgen van het project. Ik hoop dat ik het ook kan bestellen, want het ziet er goed uit!

Meer belangrijks stripnieuws: de serie Carthago (over uitgestorven zeemonsters, waaronder de Megalodon), gaat door, maar met een andere tekenaar. En de serie Bone wordt integraal in kleur uitgegeven. Die ga ik volgend jaar aanschaffen!

Ook geeky: filmposters met een Dr. Who-sausje.

Nu ik op Facebook zit (eindelijk), schrijft de Christian Monist net over dit online fenomeen. Volgens hem zouden de online media de eerlijkheid van mensen vergroten - mensen laten elkaar meer in hun hart en leven kijken. Dit is volgens hem een uitdaging voor evangelische christenen, die zich vaak anders voordoen dan ze werkelijk zijn. "The tension between our good-Christian ideals and the reality of human nature has created a culture of farceness. It is against this farce that 80% of our Evangelical-raised children are rebelling. Don’t believe me? Ask them. Every 20-year-old + ex-church person I’ve talked to says the same ... I think we must become more honest or the Facebook generation is lost forever."

Mooie overdenking van Henk Medema over wat Jezus komt doen: "In Jezus’ bediening, in zijn wonderen, in al zijn ontmoetingen met mensen, doet Hij veel méér dan een oplossing bieden van een op zichzelf staand probleem. Jezus brengt ons hart in een nieuwe wereld, en Hij brengt een nieuwe wereld in ons hart: de wereld van de Vader, waarin Hijzelf als de Zoon het machtige middelpunt is."  En over de praktische consequentie: "Steeds meer ga ik vermoeden dat de sleutel ligt in een integratie van ons werkritme met de dynamiek van het werken en rusten van de Vader en de Zoon. Bijvoorbeeld door een constante interactie te onderhouden – inderdaad, door de Geest."

Volgens Christianity Today verschilt het christelijke idee van roeping van het Griekse idee van heldendom - en wordt dat verschil duidelijk zichtbaar in The Lord of the Rings. From the history of Israel came the notion of a life not so much planned for glory as interrupted by God: "And the word of the Lord came to …" Having the word of the Lord come to you is a little like bearing the Ring—you may know it's a glorious and powerful thing, but the task can wear on you after a while. It is a calling greater than oneself; both a glorious quest to be achieved but also a spending of oneself for Something larger ... Callings can only be maintained if they are inspired."

zondag 28 november 2010

Steampunkbatman, film-lijstjes, vliegende pijlinktvissen, spiritualiteit en dankbaarheid

Een wel erg geeky combinatie: Steampunk-batmanfilmposters.

Ik weet niet waarom ik ze nu pas heb ontdekt, de parodie-muziekvideo's van 'Weird Al Yankovic' - hier 'The Saga Begins' (voor de Star Wars-liefhebbers) en 'Jurassic Park'.

Een aardig overzicht van Empire met de 30 stripseries die je gelezen moet hebben. Helaas staat All Star Superman er niet bij. En lees ook deze lijst met animatiefilms voor volwassenen. Ga ik er ook nog een paar van kijken (Les Triplettes de Belleville, bijvoorbeeld). En als we toch bezig zijn met lijstjes: hier zijn de tien 'plotholes' uit films die je waarschijnlijk nog niet waren opgevallen

Een indrukwekkend staaltje goochelen. Het laat zien dat onze hersenen ons wel erg snel voor de gek houden.

Er bestaan niet alleen vliegende vissen, maar ook vliegende pijlinktvissen. Met straalaandrijving!

Een goede videoboodschap van de Naked Pastor over twee vormen van spiritualiteit. Maar anderhalve minuut, dus makkelijk even te kijken.

Michael 'Internetmonk' Spencer herinnert ons eraan dat we allemaal een verhaal hebben. "Some of us have very painful, lonely stories that have caused us to want to find love from other people, and some of those relationships were stupid and wrong. Some of us don’t do what is right very often, because we’ve grown up around people who never taught us right and wrong. Some of us have cruel and mean aspects of our personalities, because of what we’ve experienced that make us suspicious and distrustful of others." Maar God kent al onze verhalen en beziet die met liefde. "I can’t understand a lot of my own story. Some of it makes me angry, and parts make me sad. I have to trust God to know all of it, and to one day put it all together in a resurrected life of perfect happiness. He can hold my story and my journey as a perfect thing in his fatherly hands, because he sees it all in his own purpose, and in the story of Jesus."

Experimental Theology beschrijft wetenschappelijk onderzoek over dankbaarheid: daar worden we echt gelukkiger van! "Gratitude is the exact opposite of habituation. Where habituation causes us to look over or past the blessings we have in life, gratitude re-presents these things and relationships as gifts, keeping them ever new in our hearts and affections. You don't habituate to things you are grateful for. Things don't get old when you count you blessings. So while habituation turns gifts into junk gratitude reverses the process. It turns junk back into gift."

The Thinklings worstelen met de moeilijke tekst Galaten 3:19v: "De wet is later ingevoerd om ons bewust te maken van de zonde, in de tijd dat de nakomeling aan wie de belofte was gedaan nog komen moest. Ze werd door engelen aan een bemiddelaar gegeven. Maar bemiddeling is niet nodig wanneer er maar één is die handelt, en God handelt alleen." Ze komen tot de conclusie: "Why is the gospel better than the Law? Why is Jesus more glorious than any other intermediary? Because it is God himself doing the job himself for the people himself all by himself ... He does his job, and ours." Amen.

maandag 15 november 2010

Stripbespreking: De Dienares van Lucifer (Yoko Tsuno 25)

Ik zou waarschijnlijk nooit zoveel verhalen hebben geschreven als ik niet als jonge tiener de Yoko Tsuno-stripverhalen van Roger Leloup had ontdekt. Ik weet nog hoe ik het derde deel (Vulcanus’ Smidse) uit de bibliotheek meenam toen ik dertien of veertien was. Het verhaal maakte zoveel indruk op me dat ik er prompt een eigen variant van tekende. (Ik tekende veel stripverhalen, samen met een van mijn jongere broers. In die periode waren die van mij nog gebaseerd op de GI Joe-tekenfilms die we elke zaterdagmorgen keken.) Toen ik wat zakgeld verdiende, begon ik mijn eigen collectie stripboeken op te bouwen. Een van de eerste stripboeken van de serie die ik zelf kocht, was 'De Danseres van Bali'. Maar ja, daarin figureerden dan ook overlevende Pteranodons (reusachtige vliegende reptielen). Ook 'De Titanen' sprak tot mijn verbeelding, met een reis in een mysterieus gebied met een buitenaardse begroeiing.
De eerste avonturenverhalen die ik schreef toen ik dertien was, gingen over de biologen John en Cliff. Het waren maar korte verhalen, die bovendien niet echt van veel realisme getuigden in de dialogen en de gebeurtenissen (zo had de hoofdpersoon als hij dook een schier onuitputtelijke voorraad kieldolken bij zich, die hij bovendien door het water kon werpen. Ondertussen realiseer ik me dat water daarvoor een iets te grote weerstand heeft). Ik begon mijn serie opnieuw, met enkele kleine aanpassingen. John werd Joost. En de biologen kregen gezelschap van een Japanse, die (hoe origineel) Yoko Oshida heette. Ze ontmoetten haar in het eerste deel -'Het Eiland der Pterodactylen'- waarvoor ik scenes uit 'De Danseres van Bali' gebruikte, en waarin ook mensen uit de toekomst voorkwamen die voor 95 procent waren gebaseerd op de Vineanen uit de Yoko Tsuno-verhalen. Bij mijn verhaal tekende ik ook een voorplaat, waarvoor ik een plaatje uit een stripboek overtrok. De volgende delen van de serie heetten ‘De avonturen van Joost, Cliff en Yoko’. Niet alleen was een van mijn personen op de strips geïnspireerd, maar soms kopieerde ik ook de plots (beter goed gejat dan slecht verzonnen, zeg maar). Zo leek mijn verhaal ‘De Verdwenen Expeditie‘ wel erg veel op ‘De Titanen’ - maar met buitenaardse wezens die op kreeften leken in plaats van op sprinkhanen - en bevatte ‘De Stad van de Haaien’ elementen uit ‘De Aartsengelen van Vinea’ (verloren geachte onderzeese stad die beschaving boven water wil uitroeien). En mijn verhaal ‘De Zwarte Toren’ bevatte het plot en een deel van de ontknoping van ‘De Bliksem van Wodan’ en speelde zich af in een Japan dat duidelijk was gebaseerd op ‘De Dochter van de Wind’.
Ook in de wat meer originele korte science fiction-verhalen die ik schreef toen ik zestien en zeventien was, keerden niet toevallig vaak Japanse vrouwen terug. Ja, ik durf het nu wel toe te geven: Yoko Tsuno was mijn eerste liefde. Toen ik na mijn overspannenheid besloot echt een boek te willen schrijven, begon ik een eerder geschreven kort verhaal aan te passen. En dat had natuurlijk een Japanse als een van de karakters. De invloed van Yoko Tsuno is sterk aanwezig in mijn debuut Neptunus, want niet alleen is Seikyo een Yoko Tsuno-kloon, ook de tekeningen die ik maakte om me een beeld te vormen van het verhaal zijn op de stijl van Roger Leloup gebaseerd. Ik durf zelfs te zeggen dat het einde, waarbij de slechterik niet op een gruwelijke manier aan zijn einde komt, maar overleeft, was ingegeven door de ontknopingen van de Yoko Tsuno-stripverhalen.
En hoewel ik nu twintig jaar ouder ben, hebben de Yoko Tsuno-verhalen van toen nog weinig van hun fascinatie voor me verloren. Ik lees ze nog regelmatig en kijk ook nog steeds of er nieuwe delen in de serie verschijnen. Ik verwacht dat mijn relatie met deze stripserie de komende jaren wel zal blijven bestaan, en kijk er naar uit mijn boeken te delen met mijn neefjes of nichtjes (zoals ik ook mijn jongste broers er ooit enthousiast voor heb gemaakt).

Wat maakte nou dat de Yoko Tsuno-serie me zo aansprak? Waarom had ze zo’n effect op mijn verbeelding? Waarom werd ik er zo door geïnspireerd? Dat was niet alleen door de aantrekkelijke, levenslustige en gevoelige hoofdpersoon (alhoewel die zeker meespeelde. Ik was tiener). Maar om met dat eerste te beginnen: toen Yoko Tsuno eind jaren zestig voor het eerst verscheen was de hoofdpersoon redelijk uniek voor de stripwereld: een jonge vrouw die niet alleen in het plot figureerde om door de held gered te worden, maar die ook niet was voorzien van overdreven proporties, of onthullende kleding. Een vrouw die doortastend en intelligent kon zijn, en tegelijk gevoelig. Iemand die niet terugschrok voor confrontaties met onderaardse lavastromen, reuzeninsecten en laserwapens, maar die tegelijk vriendschappen waardeerde, en waar mogelijk vijanden vergaf. Er zijn slechtere voorbeeldvrouwen denkbaar. Bedenker en tekenaar Roger Leloup heeft gezegd dat hij zijn hoofdkarakter beschouwt als zijn dochter - iemand op wie hij trots is en met wie hij meeleeft, en dat toont zich in zijn verhalen.
De verhalen zijn bovendien uniek door het humanisme dat doorschemert in de plots. Het gaat de hoofdpersonen er niet om de slechterik te verslaan. Nee, als er in het plot al een schurk voorkomt, wordt die meestal het slachtoffer van zijn eigen hoogmoed, meestal doordat de technologische doorbraak die hij voor slechte doelen wil gebruiken, zich tegen hem keert. Vaak probeert Yoko hen te waarschuwen voor de gevolgen van hun handelen, en zet ze daarvoor zelfs haar leven op het spel. En als ze niet willen luisteren, toont ze haar verdriet, ook al hebben de schurken haar eerder nog schade berokkend. Als ze de ander kan redden, zal ze het doen. In ‘De Grens van het Leven’ komt een spion tot inkeer, nadat Yoko dodelijk gewond is geraakt. Hij geeft zijn plan op, om te proberen haar te redden. En in ‘De Titanen’ weet Yoko begrip op te brengen voor de reuzeninsecten die eerst haar vrienden gevangen hadden genomen. Als ze door de kou bevangen dreigen te worden, helpt ze ze om naar de ruimte terug te keren. “Een verschillend uiterlijk doet er weinig toe, zolang het denken maar gericht is op hetzelfde goede doel" - is haar instelling. Respect voor het leven - in welke vorm dan ook, is een steeds terugkerend thema in de Yoko Tsuno-stripverhalen. Zij is ook een van de weinige stripfiguren die blijk geeft van een zeker godsbesef. Ik proefde als jonge lezer deze andere sfeer, en maakte me die eigen voor de verhalen die ik zelf zou schrijven.
Maar vooral waardeerde en waardeer ik de Yoko Tsuno-stripverhalen door de levendige fantasie die tot uiting komt in gedetailleerde tekeningen. Roger Leloup begon als technisch tekenaar (hij tekende onder andere voertuigen voor de Kuifje-strips) en dat blijft zichtbaar in zijn werk. Of het nu gaat om een ruimteschip of om een monorail, om een koepelstad op een andere planeet of een kasteel in Schotland, zijn tekeningen overtuigen. Ik werd in de Yoko Tsuno-verhalen meegenomen naar een andere wereld. In Vulcanus’ Smidse was dat de wereld onder de aardkorst: met gigantische kloven, waarin lava stroomde, en grotten vol reusachtige paddestoelen. In De Drie Zonnen van Vinea was het een ruimtestation in een baan om Saturnus, een planeet die steeds met een kant naar de zon gekeerd was, en een toren die tot in de wolken reikte. In Het Licht van Ixo was het een gemeenschap op een bevroren maan rond een grote gasplaneet. In andere boeken was het Borneo tijdens de tweede wereldoorlog, een verlaten krater in Afghanistan, of Brugge in de zestiende eeuw. Steeds waren deze werelden niet weergegeven als dreigende omgevingen om in te overleven, of als werelden die mooi leken, maar in werkelijkheid gevaarlijk waren. Daarvoor waren ze met te veel liefde tot leven geroepen. Door het lezen was je even werkelijk ‘helemaal van deze wereld’. En bij mij werd het verlangen opgewekt naar andere werelden, naar nieuwe mogelijkheden, naar avontuur, schoonheid en ja, liefde. Iets van de ‘senhnsucht’ of ‘vreugde’ waar Lewis over sprak brachten deze verhalen bij mij te weeg. Ze inspireerden mij in elk geval tot het verzinnen van mijn eigen werelden, en eigen avonturen.

De Yoko Tsuno-serie loopt nu al meer dan veertig jaar, en Roger Leloup nadert de tachtig. Hij kan nog steeds prachtig tekenen, maar ik vind het plot van zijn laatste verhalen niet echt meer geweldig. Ten eerste zijn er teveel bijfiguren gekomen. De rol van Ben en Paul (de oorspronkelijke andere twee leden van het ‘trio uit het onbekende’) werd daardoor steeds kleiner, totdat ze nauwelijks meer iets bijdragen aan de ontknoping. Ook werden de plots steeds ingewikkelder, terwijl in de ontknoping naar mijn gevoel draden bleven liggen. De afwikkeling was niet meer echt geweldig. Zo is in 'De Pagode der Nevelen' niet duidelijk waar de draken vandaan komen, en wat het meisje Liao precies met ze te maken heeft. En in 'De Poort van de Zielen' wordt uiteindelijk niets gedaan met het feit dat de betreffende planeet niet aan de regels van de tijd gehoorzaamt. Het voorlaatste deel, deel 24, leek de trend te keren: goede interactie tussen de karakters, en een sterke ontknoping (in weer een nieuwe omgeving: de Amazone, compleet met gezonken Duitse onderzeeër).
Helaas valt Leloup mijns inziens in 'De Dienares van de Duivel' weer terug in zijn oude patroon. Het verhaal begint sterk. Yoko is uitgenodigd door een vriendin in Schotland. In de ruïne van een oude abdij is namelijk iets uitzonderlijks ontdekt: een jonge vrouw, stevig vastgebonden, die ook na achthonderd jaar geen tekenen van ontbinding vertoont. Yoko heeft al snel door dat het gaat om een robot, die in de Middel-eeuwen uit de aarde tevoorschijn kwam en angst zaaide bij de lokale monniken, die haar zagen als een dienares van de duivel. Om het mysterie op te lossen, roept Yoko de hulp in van haar oude Vineaanse vriendin Khany. Zij bevindt zich op dit moment op Aarde, waar ze haar volksgenoten helpt terugkeren naar hun verre planeet. Samen met haar jonge protegee Emilia, daalt Yoko met haar af onder de aardkorst, naar het rijk van de legendarische Lucifer.
Christelijke ouders moeten zich niet door de titel van het verhaal laten afschrikken. Zoals vaker in dit soort verhalen gaat het hier niet werkelijk om de duivel, maar is er een logische verklaring voor wat bovennatuurlijk lijkt. Mensen gebruiken beelden en ideeën om angst te zaaien en zo controle over anderen te verkrijgen, en dat is een verderfelijke handelswijze.

Voor het eerst sinds het derde album keert Yoko terug onder de aardkorst, en het is erg interessant om te zien hoe de tiener Emilia kennismaakt met de daar aanwezige buitenaardse beschaving. Het gevoel van het ontdekken van een nieuwe wereld wordt weer opgewekt. Ik miste helaas de ondergrondse lavastromen en de wouden van reuzenpaddestoelen. De in dit boek opgevoerde omgeving (een enorme zoutgrot) was mijns inziens minder inspirerend. Uit dramatisch oogpunt is het ook jammer dat Leloup in de laatste pagina’s nog nieuwe technologische ideeën opvoert - apparaten die kunnen krimpen en groeien, maar zonder dat het plot er van afhangt. Daarmee wordt de ontknoping onnodig gecompliceerd, en er zijn al genoeg elementen bij betrokken, zoals draken, telepathie en biotechnologie. Metgezellen Ben en Paul hebben in dit verhaal wel wat te doen, maar spelen niet echt een rol van betekenis als karakters.
Bij de eerste keer lezen ervoer ik daarom iets als teleurstelling. Misschien moet ik accepteren dat de Leloup van dertig jaar geleden niet meer terugkeert. Maar bij een tweede keer begon ik het einde iets meer te waarderen. Vooral omdat het afwijkt van het standaard patroon van deze verhalen. In dit geval wordt wel actief afgerekend met de tegenstander. Sommige machten zijn niet meer in staat zich te bekeren, en een ander leven te kiezen. Dan is medelijden misschien niet op zijn plek. En zo komt de duivel dan uiteindelijk aan zijn einde.
Al met al een redelijk goede aanvulling op de collectie, maar de eerste delen blijven het beste.

woensdag 29 september 2010

Stripbespreking: Een deken van sneeuw

Ik zal er maar eerlijk voor uitkomen. Ik ben wat ze op internet noemen: een 'geek' (wat de meeste mensen betitelen als 'nerd', maar dan zonder de kennis van computers en zonder bril bij elkaar gehouden met plakband). Iemand met interesses anders dan de in onze maatschappij gebruikelijke, die daarover vooral communiceert via het internet. Daarom was ik afgelopen zaterdag ook op de Stripdagen in Houten, samen met een van mijn jongere broers. Heerlijk rondlopen tussen stands met de meest uiteenlopende stripboeken, van luxe uitgaves tot goedkope tweedehands, en kijken naar de fans die zich hadden verkleed als stormtroopers uit de Star Wars-films.
Ik kwam aan het eind van de dag thuis met wat aanvullingen op mijn verzameling sciencefictionstrips. Maar mijn belangrijkste aanschaf was de grafische roman Een deken van sneeuw (Eng. Blankets) van Craig Thompson. Een getekend autobiografisch verhaal van meer dan 580 pagina's, in stemmig zwart-wit, over een jonge kunstenaar die zich ontworstelt aan een fundamentalistisch christelijke opvoeding, en zijn eerste liefde. Worden daarover ook strips gemaakt?, vroeg iemand op Twitter. Inderdaad. En het blijft de volle 580 pagina's boeien. Het verhaal schokt je, raakt je, en zet je aan het nadenken. Wie nog het vooroordeel koestert dat het stripverhaal een onvolwassen kunstvorm is, zal door dit boek van het tegendeel overtuigd worden. Ik kan het zonder enige reserve aanbevelen. En met name voor mensen die net als de hoofdpersoon (en ikzelf) de gevolgen van een streng religieuze opvoeding proberen te verwerken, en twijfelen wat ze ervan moeten overhouden, en voor degenen die met hen willen meevoelen. Ik meen dat het geen enkele lezer onberoerd zal laten. Het is, meen ik, in dat opzicht te vergelijken met de boeken van Chaim Potok, met name Mijn naam is Asher Lev, maar met een voor mij nog sterkere 'impact', door de kracht van de (schijnbaar eenvoudige) tekeningen.

Craig Thompson groeit op in een Amerikaans plattelandstadje in de Verenigde Staten. Zijn ouders gaan naar een evangelische kerk, en als trouwe oudste zoon neemt Craig het geloof erg serieus. Het lijkt er zelfs op dat hij in de wieg is gelegd voor de opleiding tot predikant. Aan de andere kant heeft Craig een creatief talent: hij houdt van tekenen. Dat is echter volgens zou ouders en zijn predikant van geen enkele waarde. Ondertussen is Craig door zijn dromerige, serieuze inslag het pispaaltje op school. Hij ergert zich ook aan zijn drie jaar jongere broer, met wie hij het bed moet delen en die hem steeds wakker houdt.
In de winter gaat Craig elk jaar met de jeugd van de kerk naar een christelijk kamp. Ook daar voelt hij zich een buitenbeentje. Tot hij in zijn examenjaar de knappe en rebelse Raina ontmoet, en op haar verliefd wordt.  Ze is zijn muze, zijn bron van inspiratie, maar misschien ook een veilige haven, een nieuwe deken die hem afschermt van de boze buitenwereld. Hij logeert twee weken bij haar in Minesota, en ontdekt dat ook haar thuissituatie verre van ideaal is. Zo staan haar ouders op het punt te scheiden.

Het trof me hoe goed Thompson bepaalde ervaringen van het opgroeien wist te treffen. De fantasiewereld die hij deelt met zijn broer. De teleurstelling dat de jongens op het christelijke kamp net zulke pesters zijn als die op school. De verwarring over de lessen op de zondagsschool over een hemel waar hij eigenlijk helemaal niet naartoe wil. De gevoelige relatie met zijn ouders: "Ze kunnen me niet meer bestraffen, maar toch voel ik me nog steeds kwetsbaar bij ze." Het bracht bij mij allerlei herinneringen boven, en het was goed herkenning te vinden.

Maar zoals goede kunst dat mijns inziens behoort te doen, zette dit boek ook aan tot reflectie. Een van de belangrijkste thema's in dit boek is schaamte en hoe dat door religieuze instituten wordt gebruikt om individuen in het gareel te houden. Craig leert dat hij zich voor twee dingen moet schamen: zijn verlangen om te tekenen en zijn verlangen naar seksualiteit. Van een zondagschooljuffrouw krijgt hij te horen dat we in de hemel alleen maar zullen zingen. 'Hoe kun je God nou loven door te tekenen?' wil ze weten. De jonge Craig zegt dat hij de Schepping kan tekenen, bomen enzo. "Maar die heeft God toch al getekend?", is het antwoord. Maar tekenen is wat hij het liefste doet. Uiteindelijk loopt de frustratie zo hoog op dat hij al zijn tekeningen verbrandt, zodat hij zich kan wijden aan bijbelstudie en 'geestelijke activiteiten'. Ook zijn seksualiteit wordt beschaamd. Als zijn ouders ontdekken dat hij een blote vrouw heeft getekend, vertellen ze hem dat Jezus nu wel heel erg verdrietig is. En hij ziet voor zijn geestesoog hoe Jezus zich van hem afkeert. Als hij merkt dat hij zich aangtrokken voelt tot Raina komen al die schaamtegevoelens weer opzetten.
Thompson suggereert dat artistieke expressie en seksualiteit iets gemeen hebben. Ik refereerde al aan de tekening. Er is ook een passage waarbij Craig masturbeert, op een vel papier, dat hij vol schaamte verfrommelt en weggooit (direct na de passage waarbij zijn tekentalent wordt afgewezen). En later waarschuwen vrome kerkgangers hem ervoor dat hij niet naar de kunstacademie moet gaan. Want omdat hij daar mensen 'zonder kleren aan' moet tekenen, zou hij verslaafd raken aan pornografie en misschien zelfs homoseksueel kunnen worden.
Laat ik even openhartig mogen worden en vertellen dat dit ook de dingen waren waarvoor ik me leerde schamen in mijn jeugd in de kerk. Ik leerde dat mijn passie voor lezen en schrijven van minder betekenis was dan bidden, bijbellezen en kerkbezoek. Op zijn best was het een 'hobby voor ernaast', op zijn slechtst een verslaving, maar het was niet iets waar ik God mee kon behagen. Net als Craig koos ik ervoor om dan maar helemaal te stoppen met het schrijven van verhalen. Daarnaast werd mij geleerd dat ieder die een vrouw aankeek 'om haar te begeren' in zijn hart al overspel had gepleegd. Ik deed dus mijn best elke vorm van seksueel verlangen zo hard mogelijk te onderdrukken en schaamde me elke keer als ik me door iemand van het andere geslacht aangetrokken voelde. Ik was een slecht persoon, was mijn conclusie, want ik wilde schrijven en ik wilde seks. Dus ik strafte mezelf en deed extra hard mijn best om te voldoen aan het ideaalbeeld van de kerk. Ik werd het braafste jongetje van de klas.
Maar kijk om je heen in de wereld: overal en in alle tijden zijn het deze twee menselijke eigenschappen: kunstzinnigheid en seksualiteit, die in strenge samenlevingen worden onderdrukt. Dat geldt voor religieuze gemeenschappen, maar ook voor totalitaire regimes als die in de Sovjetunie of Noord-Korea. Het is een interessant fenomeen dat in landen als Iran, of onder orthodoxe Joden, of in strenge reformatorische kerken, of in totalitaire samenlevingen, kunstenaars zich niet meer mogen uiten, en seksuele aantrekking zoveel mogelijk moet worden voorkomen.

Een deken van sneeuw maakte me bewust van dit verband. En suggereerde ook het waarom. De kern zit volgens mij in het woord 'expressie'. Een kunstenaar ervaart dat hij zich 'moet' uiten, hij moet dat wat in hem verborgen is, de beelden, de woorden, de gedachten, tot expressie brengen en met de buitenwereld delen. Net zo is het met de seksualiteit: het is een drang om jouw eigen unieke binnenste te delen met iemand buiten je. Het is een expressie van je 'ik'. Beide zijn individuele uitingen.
Ik heb jaren gedacht dat de verwrongen houding van conservatieve religie ten opzichte van seksualiteit (en dus ook kunst) voortkwam uit een platonische minachting van het aardse en het lichamelijke. Dat heeft ermee te maken, maar de werkelijke pijn ligt dieper. Het gaat om een minachting en afwijzing van de individuele identiteit. Het collectief met de aan iedereen opgelegde dogma's, wetten en eisen, gaat boven het individu met zijn verlangen om zich te uiten en zijn eigen stempel te drukken op de werkelijkheid. Thompson beschrijft en tekent een aanbiddingsdienst tijdens het kerkkamp, waarbij de leider iedereen oproept om mee te zingen. Ook al kan hij of zij helemaal niet zingen. In die massa van mensen die allemaal hetzelfde zeggen en doen, voelt Craig zich wegzinken. Hij wil niet hetzelfde zijn, denken en doen als ieder ander. Hij wil vrij zijn om zichzelf te uiten. Maar dat bedreigt de identiteit van de groep, die tegen elke prijs moet worden beschermd. De collectieve identiteit kan alleen blijven bestaan als de expressie van het individu wordt tegengegaan. (Daarom ook dat dit soort groepen vaak in een bepaalde tijdsperiode blijft hangen: er is geen innovatie, geen vernieuwing, en ze zingen (om bij de kerk te blijven waar ik opgroeide) liederen van anderhalve eeuw geleden.)
Iedereen die zich inzet voor zijn kerk, die vecht voor de overleving van het instituut, zou zich hier rekenschap van moeten geven. Want wat is meer waard: het gebouw? de vorm? de leer of de rituelen? of de individuele persoon, die naar Gods beeld is geschapen en wie God met zijn hele hart en onvoorwaardelijk liefheeft?

(Waarschuwing: ik heb het in het volgende gedeelte over het einde van het verhaal!)
Craig besluit uiteindelijk het christelijke geloof vaarwel te zeggen. "Ik geloof nog steeds in God", zegt hij tegen zijn broer, "Maar de rest van het christendom, met zijn bijbel, zijn kerken, zijn dogma's ... het creëert alleen maar grenzen tussen mensen en culturen. Het ontkent de schoonheid van het mens zijn en het negeert alle leegtes die het individu zelf moet invullen." Zoals de deken van sneeuw smelt, valt de deken van de schaamte van Craig af. In de grote stad is hij vrij om alle boeken te lezen die hij wil, te tekenen wat hij wil, en de vrouwen lief te hebben die hij wil. Maar zelfs daar, suggereert Thompson, is Craig niet vrij van de menigte. Ook de mensen in de stad vormen een massa, waarbij Craig in het niet valt. De individuele expressie gaat ten onder in de herrie van miljarden.
Ik geloof dat het verhaal uiteindelijk een sprank hoop geeft, als Craig na jaren zijn bijbel weer tevoorschijn haalt en leest uit Lucas 17, waar Jezus zegt: 'Het koninkrijk van God is onder jullie (of: in jullie).' Het koninkrijk van God is niet een macht of collectiviteit die aanwijsbaar is buiten ons. Je kunt niet zeggen: daar is het, of dit is het. Het is niet de macht van de groep van de kerk of enig ander instituut. Nee, het koninkrijk van God is een werkelijkheid in ons. Het is niet wat ons van buitenaf wordt opgelegd, niet een verband waar het individu zich aan moet onderwerpen om het in stand te houden. Het is een realiteit in ons hart, leven van binnenuit, dat van binnen naar buiten, door ons heen tot expressie komt. Niet wij worden gevormd door de wereld, nee, het leven komt in ons tot expressie en vormt zo de wereld. Door de invloed die wij uitoefenen, onze individuele expressie, wordt het koninkrijk van God zichtbaar. Onze individualiteit, onze eigenheid, gaat dus juist niet ten onder in Gods werkelijkheid, maar wordt geheiligd. We worden meer onszelf, en niet minder. We hoeven ons niet meer te schamen, want er is geen veroordeling meer voor wie in Christus Jezus zijn. En de gemeenschap van individuen die genieten van elkaars eigenheid, het beeld van God in elk van hen, die anders gezegd elkaar liefhebben, dat is het koninkrijk van God.
Nee, ik heb mijn jeugd in een fundamentalistische kerk en een streng gezin nog niet volledig verwerkt ben ik bang. Ik worstel nog met schaamte en barrières op beide van deze gebieden. Maar ik weet wel dat ik verlang te delen in de vrijheid en luister die de kinderen van God geschonken wordt. Net als Craig Thompson ervaar ik het soms als een bedreiging als de beschermende deken van de massa, waar je wordt vertelt wat waar is en wat niet, van me af valt. Maar tegelijk ontdek ik iets van de werkelijkheid van de persoonlijke God, die blij is met mij als individu en ervan geniet als ik mijzelf uit, als ik mijn sporen achterlaat in de wereld.