Posts tonen met het label rust. Alle posts tonen
Posts tonen met het label rust. Alle posts tonen

woensdag 10 augustus 2016

Gedicht: Blenheim Palace

Blenheim Palace 

Na het schuifelen door hoge gangen,
kijkend over de schouders van toeristen
naar marmeren beelden, wandtapijten
met gestorven helden, gouden servies
waar niet van wordt gegeten, de boeken
achter tralies, een orgel zonder kerk,
dan af de trappen, opnieuw de rijen
in het café, een tuin maar niet de rust
om te genieten, mijn hoofd vol echo's,
mijn voeten rood geschaafd, zien we een pad
dat naar het water voert, een boothuis groen,
betonnen kade, geen ruwe stemmen
maar eenden in slaap gesust. Rimpelend
water verandert het grijs in zilver
en ik strek mijn benen uit, tevreden
zuchtend dat dit nu echte rijkdom is.

woensdag 22 april 2015

Gedicht: 'The hound of heaven'

'The hound of heaven'

Ik rende jaren lang zo snel
als mijn benen konden. Vluchtte
dwars door niet vergevend land.
Mijn longen brandden. Ogen prikten
van het zweet. Een speer doorstak
mijn zijde, maar ik gaf niet op,
negeerde blaren, krampen, dorst,
door de angst gedreven. Achter mij
meende ik te horen u, hijgend
als een panter, met prooi spelend.
Genietend van de jacht wist u
mij bij te houden, waar ik ook ging
door ravijnen of door dalen.
Dus ik mocht niet meer vertragen,
niet meer struikelen, niet rusten,
rondom me kijken, ademhalen,
of u zou mij grijpen, mij straffen
voor nalatigheid. Mij verlaten. 
Maar ik faalde, viel als dood 
ter aarde, kon niet meer presteren,
alleen nog wachten op mijn lot. 
Maar dat bleef uit. Ik keek voorzichtig op.
Ik zag niets achter mij dan leegte,
hoorde de echo. Ik was het zelf
die mij had opgejaagd. Mijn brul
had mij doen schrikken. Ik wou
mezelf ontlopen. U was nooit
in het geweld te vinden. Uw stem
klonk niet zo luid. Pas toen het stil werd
kon ik u verstaan. En het was goed.

donderdag 1 januari 2015

Een rustig nieuw jaar

Een ding dat mij opvalt als ik eerdere nieuwjaarsberichten teruglees, is dat er in het er op volgende jaar niet gebeurt wat ik verwacht of hoop dat er gaat gebeuren. Ongeveer de helft van mijn wensen of voorspellingen komt helemaal niet uit. Maar toch zie ik als ik terugkijk heel veel positieve dingen. Juist waar ze onverwacht waren, en me als uit het niets verrasten. Zin en nut van zo'n jaarlijks terug- en vooruitkijkmoment zijn dus discutabel. Behalve als de betekenis ervan is me te doordringen van mijn kleinheid, en mijn onvermogen mijn eigen leven te kunnen voorspellen. En een dankbare houding te stimuleren voor wat God of het universum op mijn pad brengen. En ten slotte te realiseren dat ook als tijd en toeval me met moeilijkheden treffen, dat het waarderen van schoonheid, waarheid en intimiteit niet in de weg hoeft te staan. De combinatie van hoop en futiliteit in de nieuwjaarsberichten op mijn blog doet me denken aan het bijbelboek Prediker (niet voor niets bevatten de voorgaande regels daarnaar een allusie). Er is tenslotte niets nieuws onder de zon. Het bestaan was toen ook al leeg en vluchtig en je zwoegt en zwoegt. Maar de Prediker zegt daarbij: "Geniet van het leven met de vrouw die je bemint. Geniet op alle dagen van je leven, die God je heeft gegeven ... Het is het loon dat God je heeft gegeven" (9:9,10). En ondertussen doen wat je hand vindt om te doen, en voor zover mogelijk goed voor jezelf zorgen.
Het afgelopen jaar leek vrolijker te beginnen. De tekst die de Heer me gaf, was: 'Zij die op God vertrouwen, krijgen nieuwe kracht en stijgen op als op vleugelen van de arend' (In de NBV: 'Wie hoopt op de HEER krijgt nieuwe kracht: hij slaat zijn vleugels uit als een adelaar' (Jes40:31)). Misschien wilde God zeggen dat mijn inspanningen nu beloond zouden worden. Inderdaad kreeg ik te horen dat een uitgever interesse had in mijn manuscript 'Wat als God je verhaal vertelt?', en begon ik met Bianca plannen te smeden om een dag minder te gaan werken. Maar de tekst betekent natuurlijk ook dat God kracht geeft in moeilijke omstandigheden. En het jaar bevatte inderdaad de nodige moeilijke momenten. Mijn gezondheid was bijvoorbeeld niet heel erg best. Ten eerste door een zweepslag in mijn kuit in januari. Vervolgens een gekneusde rib in april, en darmproblemen in het najaar. Ik ben nooit eerder zo vaak bij de huisarts geweest. Daarnaast (of daardoor) kreeg ik opnieuw te maken met slaapproblemen en stressklachten. Eczeem bleef een probleem en mijn gewicht nam  weer toe. Ingesleten patronen van verplichting en schuldgevoel joegen me weer op tot over mijn grenzen. Ik wilde zelfs met een gekneusde of gebroken rib de volgende dag weer in beweging komen. Mezelf stil zetten was er niet bij, behalve toen dat me in de zomer werd opgedrongen vanwege de ziekte van mijn vrouw. Dit bleken de zwaarste twee maanden van mijn leven tot nu toe. Dat ik ze kon doorstaan, was een goede les. Zoveel kracht heb ik dus in me. Het hielp me zelfs problemen op mijn werk te relativeren en te overwinnen, zelfs als er op het laatste moment een bijlage voor het TvD moest worden gemaakt. Maar tegelijk maakten deze problemen de noodzaak glashelder om mijn eigen grenzen en mijn gezondheid te bewaken, en reserves op te bouwen. Gelukkig bleek ook mijn huwelijk met Bianca bestand tegen tegenslag. Toen de ergste problemen voorbij waren, ontdekten we zelfs dat we dichter bij elkaar waren gekomen, en meer onderling vertrouwen hadden gekregen. Wel hadden we een paar fantasyfestivals gemist. Die schade moeten we volgend jaar maar weer inhalen!
Onder andere door de tumultueuze zomermaanden gingen de meeste van mijn voorgenomen schrijfprojecten niet door. Ik ben aan geen van de boeken begonnen waar ik het een jaar geleden over had. Zelfs Wat als God je verhaal vertelt? heb ik wel een keer herschreven, maar aan de tweede redactieronde ben ik nog niet begonnen. Het plan om een dag korter te gaan werken, is ook op de lange baan gezet. Er is zelfs geen zeeaquarium bijgekomen.
Maar wel een bak voor een muskusschildpad. Sinds half december hebben we er een nieuw huisdier bij. Sammie heet hij, en hij is nog erg klein. Maar wel heel actief, en hongerig. Kijk maar naar de foto! Zijn aquarium staat naast mijn bureau en is heel inspirerend om naar te kijken terwijl ik aan het schrijven ben. Want afgelopen jaar heb ik op dat gebied toch niet echt stil gezeten. Ik heb 6 korte verhalen geschreven, 12 filmbesprekingen en 31 gedichten. Ook heb ik op Goodreads 63 recensies van boeken geschreven. Want dit jaar las ik in totaal 65 boeken. Onder andere minder bekende werken van Victor Hugo, David Copperfield en Nicholas Nickleby van Charles Dickens, Autobiography van Chesterton, A Prayer for Owen Meany van John Iriving, en een keur van SF en fantasyboeken, waaronder de Harry Potter-boeken en China Mieville. Ook laafde ik mij aan enkele interessante populaire wetenschapsboeken over het ontstaan van het leven, chaostheorie en deeltjesfysica. Goede momenten om op terug te blikken waren daarnaast onze 'confirmation' in de Anglicaanse kerk, twee geweldige fantasyfestivals, goede films (we hebben eindelijk onze Pathepas), het kijken van Star Trek Voyager, en een lang weekeinde Londen met mijn broer Marten (waarbij we onder andere botten zochten aan de oever van de Thames). En nog heel veel dat ik nu waarschijnlijk even vergeet.

Voor volgend jaar wil ik mijn plannen bescheiden houden. Ik ken mezelf ondertussen genoeg om te weten dat ik heus niet stil ga zitten, maar ik probeer mezelf zo weinig mogelijk op te leggen. Er zijn natuurlijk zaken die gewoon moeten. Zo moet dit jaar echt iets gebeuren aan de badkamer. Dat zal wel voor wat stress zorgen. Daarnaast hoop ik in het voorjaar Wat als God je verhaal vertelt nog een keer door te werken - al was het alleen al om de boodschap nog eens op mezelf te laten inwerken. Daarnaast wil ik kijken of ik mijn korte verhalen, die tot nu toe alleen enkele vrienden van mij te lezen krijgen, een breder publiek kan bezorgen. Ik heb voor het eerst een verhaal opgestuurd voor een verhalenwedstrijd, en ga zoeken naar meer mogelijkheden om mijn verhalen te publiceren (in SF-tijdschriften bijvoorbeeld). Vandaag voor het ontbijt had ik weer een idee voor een nieuw verhaal, dus er zullen er ook weer een paar worden geschreven. Komende zomer wil ik dan voor het eerst gaan experimenteren met 'publishing on demand'. Ik wil dan namelijk een selectie maken van mijn gedichten en die bundelen. Verder blijf ik natuurlijk af en toe een filmbespreking schrijven voor mijn blog en houd ik mijn gelezen boeken bij op Goodreads (voor dit jaar wil ik de boeken van Robin Hobb gaan herlezen, en staan ook weer een paar klassiekers op mijn lijstje).
We willen weer naar fantasyfestivals, stripbeurzen, boekenbeurzen, musea en dierentuinen. De achterwand voor een nieuw aquarium staat bij mijn broer in bestelling. Ik hoop veel te genieten van onze muskusschildpad. Maar ik ga bijvoorbeeld minder vaak afspreken met vrienden en kennissen (niet meer dan een afspraak per week), en hoop ook op andere manieren mijn innerlijke slavendrijver af te remmen. Werken tijdens kantooruren is genoeg, daarnaast hoef ik me niet uit te putten. In de rust die daardoor ontstaat wil ik me laten verrassen. Verrassen door al die onverwachte dingen die het leven op mijn pad brengt, goed dan wel moeilijk, en zien wat er onder invloed van zon en regen uit de aarde van mijn hart gaat opgroeien.

dinsdag 23 december 2014

Gedicht: Oogst

Oogst

Het koren groeit het best
op grond met rust gelaten
na het zaaien. Bewaterd
uit de hemel. Door de wind
gestreeld. Niet steeds bewerkt
uit ongeduld en met argwaan
bekeken. Geschoffeld
voor de aren rijp zijn.

Of het blijkt spichtig, bleek
en vruchteloos. Voor niets goed
dan om een hut te bouwen,
een huis dat in het vuur
verdwijnt. De oogst verschijnt
als uit zichzelf. Een wonder,
goud gekleurd en ruisend,
voor wie het wil ontvangen.

vrijdag 5 december 2014

Gedicht: Evenwicht

Evenwicht

Ik volg het koord, gespannen
over het ravijn. Kijk niet omlaag
want dan zou ik verdwijnen.
Ik plaats mijn voet voorzichtig
voor de ander, houd mijn adem in.
Hoe ver nog tot de overkant?
Ik zie slechts mist. Mij is verteld
dat daar beloning wacht.
Dus zet ik door. Maar niet te snel
of ik verlies mijn evenwicht.

Maar ik kan ook niet rusten.
Ik wankel. Hoor achter mij
de megafoon. Kritiek klinkt
als vanouds. Ik mag niet falen.
Anderen zijn mij al voorbij,
bewijzen dat het kan, dus
aarzelen is uitgesloten.
Ik moet wel door, ik ken geen
alternatief. Maar wat gebeurt
er als het ooit donker wordt?

zaterdag 30 augustus 2014

Gedicht: Stilte

Stilte

De zee is vlak, ik wacht
op de wind. Gespannen.
Mijn knie rust op de plank.
Hand omklemt touw, ziet wit.
Ik wil op weg, iets doen,
maar kan niets dan blijven
waar ik ben. Oplettend,
klaar voor wat komen gaat.
Maar gelijk geduldig,
oog voor de blauwe lucht,
een vis die voorbij schiet
onder mij. Koele spetters.
Genieten van de rust.
Gedwongen. Zoals straks
ik weer word meegevoerd
door het zeil. Getrokken
naar het onbekende
voorbij de horizon.

vrijdag 3 februari 2012

Links: Leven in 'blue holes', extreme krokodillen, bizarre aquaria en heilige verveling

Lezers van mijn blog weten dat ik gefascineerd ben door de zoektocht naar leven op andere planeten, zoals Mars of de maan Europa. Maar ook op Aarde zijn nog genoeg bijzondere omgevingen waar men leven ontdekt. En sommige daarvan lijken wel buitenaards. Zoals de 'blue holes' op de Bahama's, waar zoet water en zeewater bij elkaar komen. Op de scheidslijn ertussen leven bacterien en in elk 'blauw gat' leven andere bacterien, omdat de omstandigheden in elk blauw gat verschillen. Kortom: dit is een heel netwerk van aparte ecosystemen. 'Life finds a way', zou Ian Malcolm uit Jurassic Park zeggen.

Om daar nog even op door te gaan: russische onderzoekers staan op het punt om Lake Vostok op Antarctica aan te boren - de plek op Aarde die het meest lijkt op omstandigheden zoals die bestaan op Europa en Enceladus, en waarschijnlijk een plek waar nieuwe levensvormen ontdekt kunnen worden.

Het is al langer duidelijk dat het Krijt niet het tijdperk was van de dinosaurussen, zoals lang werd gedacht, maar dat van de krokodillen. Er waren op het land levende krokodillen, plantenetende krokodillen, enorme reuzenkrokodillen, krokodillen met horens, zeekrokodillen, en deze nieuwe krokodil, de 'Shieldcroc'. Niet alleen werd deze een meter of tien lang (of langer), hij had ook een vlezig schild op zijn kop, dat hij waarschijnlijk van kleur kon laten veranderen met behulp van de doorbloeding ervan, om signalen te geven.

Hooglandtandkarpers zijn interessante vissen (ik heb er nu ook eentje in mijn kleinste aquarium zwemmen, de Limia nigrofasciata). Wat ik niet wist, was dat bij sommige soorten de mannetjes vrouwen naar zich toe lokken door te bewegen met hun gekleurde staartvin, die op voedsel moet lijken. Het blijkt dat de vrouwtjesvissen hierdoor zelfs afvallen, omdat ze alleen naar de staartvin van mannetjes happen en niet naar insektenlarven ...

Nu we het over vissen hebben: er zijn op de wereld wel heel bizarre aquaria. Zoals een aquarium in een zwembad in Las Vegas, waar je met een waterglijbaan dwars doorheen gaat. En een aquarium in een winkelcentrum in Marokko, waar je met een lift in kunt afdalen. Niet dat daar iets mis mee is! Ik zou het ook wel in mijn huiskamer hebben willen staan.

Evolutie kan snel optreden, dat blijkt onder andere uit experimenten met hagedissen die op eilanden werden uitgezet. Maar mensen hebben ook effect op de evolutie van soorten die in het wild voorkomen. Zo past een Amerikaanse salamander zich aan aan de gifstoffen die van wegen afspoelen. Wat zei ik zojuist? Life finds a way!

Studio Dreamworks maakt een interessante animatiefilm: Me and My Shadow. Over een schaduw die een eigen leven leidt. Jammer genoeg is de persoon bij wie hij hoort een saaie rakker. Dan ontdekt de schaduw een samenzwering ... De film wordt een combinatie van computeranimatie en getekende animatie. Erg boeiend!

Ik heb laatst de 'graphic novel' Blankets weer gelezen, en werd er opnieuw door geraakt. Op het internet vond ik een interview met de auteur, Graig Thompson. Heel interessant. Hij vertelt hoe zijn ouders reageerden op het boek (niet) en hoe zijn zus zijn weergave van het gezin authentiek vond: "My sister thought that it did a really good job of capturing how angry and controlling our father was when we were kids. She is just now learning how to have self-confidence and how to interact with people because, in our family environment, there was never opportunity to speak your own opinion. So this is my way of establishing my view, my opinion, and they can do with it as they please. I hope that doesn’t sound mean." Hij bespreekt ook zijn eigen reis weg uit het fundamentalistische christendom. Dat leidt tot het volgende citaat: "When you try to “name” what you are, that’s where the trouble starts." Dat is interessant. Ik heb eerder in verband met auteur Anne Rice geschrven dat het identificeren met 'labels' gevaarlijk kan zijn. 

We leven in een tijd vol afleiding. Telefoon, computer, TV, kranten, reclameposters: overal zijn beelden die om onze aandacht vragen. Ik schrijf vaak over wilskracht als eindige grondstof, als iets waar we zuinig mee zouden moeten zijn. Wat zouden al die afleidingen doen met onze wilskracht? Om ons langdurig op een taak te concentreren moeten we al snel onze hele voorraad uitputten. In dat licht zie ik de prachtige overdenking op Internetmonk over de zegeningen van verveling. "The feeling of empty time and space is the blessing of boredom, not the curse. In boredom we reach the ends of ourselves and find how limited we are. In boredom we can hear God speak and have the time and space to respond instead of burying God’s call under the avalanche of amusement we’re used to. The quotation I began with says just this: monotony paves the way for a more profound experience." Om de 'heilige verveling' (een mooie term) te omarmen moeten we leren het zonder al die afleiding te stellen (daar is vasten misschien wel voor), om niet langer te multitasken, en om voldoening te vinden in herhaling, in de vaste ritmes van elke dag en week en elk jaar. Dat kan mooie gevolgen hebben: "Ironically, the people who are the least bored are not those who have the most distractions. They are the people who can be content with empty time and space. Not only are these contented people not bored, they are also not boring. Think of that." Het is voor mij ondertussen al een oefening om Twitter opzij te leggen en een avond een goed boek te lezen. Daarom probeer ik dat ook minstens een keer per week te doen.

Wetenschapper en theoloog John Polkinghorne heeft een boek geschreven over de bijbel (dat nu hoofdstuk voor hoofdstuk wordt besproken op Internetmonk). Het behandelt onder andere de belangrijke vraag hoe je de eerste hoofdstukken van de bijbel interpreteert als je een langere ontstaansgeschiedenis van het heelal en het leven accepteert (zoals ondergetekende). Het moge duidelijk zijn: een fundamentalistische interpretatie voldoet niet meer. "The sad irony of so-called ‘creationism’, based on a fundamentalist biblical literalism, is that in fact it abuses the very text that it seeks to respect, missing the point of what is written by mistaking its genre. For example, Genesis 1 does not give us a quasi-scientific account of a hectic six days of divine activity, but is something altogether deeper and more interesting than that. It is a theological text whose principal purpose is to assert that nothing exists except through the will of God." Volgens Polkinghorne moet je het genre van de tekst in ogenschouw nemen. De eerste bijbelboeken blijken dan niet historische verslagen te zijn, maar blijken te zijn geschreven als mythen. Dat wil niet zeggen dat ze minder waar zijn, want Polkinghorne voegt toe: "meaning by ‘myth’ not a fairy story but a truth so deep that only story can convey it -- to communicate truths about humanity's place within nature, before God, and with regard to the relationship between men and women."

Meer over andere manieren denken over God, de bijbel en de kerk op de blog van de Naked Pastor. Hij denkt dat op al deze drie gebieden veranderingen gaan komen. Fascinerende gedachten. Over alle drie de punten valt een aparte blog te schrijven. Ik herken er ook veel van. Ten eerste het idee dat God niet te bewijzen is. Voor mij is een apologetiek gebaseerd op verlangen (naar de concrete werkelijkheid van schoonheid, waarheid en relaties) veel overtuigender. Ten tweede het idee dat de bijbel niet het letterlijk geinspireerde, woordelijk gezaghebbende 'boek van God' is. Ik kan veel meer met de visie dat de Bijbel een dialoog weergeeft van mensen over hun ervaringen met de God die actief in de geschiedenis ingrijpt en zichzelf uiteindelijk openbaart in Jezus Christus. Ten derde op het gebied van de kerk, waarover de Naked Pastor schrijft: "The church can no longer take its authority, power and influence for granted. Trust is earned, not transmitted. Love is action, not theory. The church can no longer suppose that it has jurisdiction over our minds, our bodies, or even our souls. It must recognize that it can only be a voluntary and even loose gathering of individual fellow travellers."

vrijdag 5 november 2010

Eeuwige rust ...

Zoals de lezers van deze blog weten, ga ik al een tijdje niet meer regelmatig naar de kerk. Een van de redenen waarom ik mijn kerkbezoek heb laten schieten, was dat ik er zo moe van werd. In het gebruikelijke christelijke wereldje merk ik namelijk een sfeer van activisme. We moeten altijd van alles doen. Het begint met de mededelingen - altijd zijn er bijeenkomsten om te bezoeken en activiteiten om aan mee te werken. Vervolgens roepen de meeste preken op tot actie (meer bidden, meer bijbel lezen, meer geven, meer evangeliseren), of worden de gevaren uiteengezet van het houden van te weinig 'stille tijd'. En met een beetje pech is er aan het eind van de dienst nog een oproep voor nieuwe jeugdwerkers of zondagschoolmeesters, of geluidstechnici of ... Er zijn altijd te weinig mensen, en er moet zoveel! 
Ook christelijke tijdschriften en boeken leggen de nadruk op activisme: wordt een betere vader in zestig seconden, verbeter je gebedsleven in vijf stappen, volg een programma van veertig dagen om een doelgericht leven te leiden, noem het allemaal maar op. Ben je met het ene onderdeel halverwege, dan is er alweer een volgend punt om aan te werken. Er komt nooit een einde aan. Wat dat betreft verschillen we als christenen niet van de ons omringende maatschappij, waar we ook steeds worden opgeroepen onszelf te verbeteren, aan onze carrière te werken en aan allerlei idealen te voldoen. Je zou er moe van worden.
Als je in de kerk zit, lijkt het christelijke geloof te gaan om wat je doet. Wie zich erbij aansluit, krijgt er een takenpakket bij (maar niet meer uren per dag). En drukte is geen excuus, je bent per slot van rekening 'te druk om niet te bidden' (om een boektitel aan te halen).  Maar ik vraag me af of dit het leven is dat God heeft bedoeld voor zijn kinderen. Ik herinner me een citaat uit het prachtige boekje Classic Christianity van Bob George. Hij vertelt hoe er in zijn kerk een bekend zakenman tot geloof kwam. Hij was als voorganger erg blij, en dacht direct aan al het werk dat deze nieuwe bekeerling kon verzetten, de connecties die hij had, de commissies die hij zou kunnen voorzitten. Maar toen hij het er met hem over had, barstte de zakenman in tranen uit. "I don't need a job," zei hij. "I need the lord!" 

Ik las een tijdje geleden de volgende profetie over de tijd dat God over de wereld regeert: "Ieder zal zitten onder zijn wijnrank en onder zijn vijgenboom, door niemand opgeschrikt, want de HEER van de hemelse machten heeft gesproken" (Micha 4:4). In het koninkrijk van God is kennelijk geen sprake van een strak werkritme, van activisme, van voortdurende inspanning. Nee, het is een rijk van mensen die de tijd hebben om in de schaduw te zitten van een boom, die in de middaghitte een slaapje kunnen doen zonder bang te hoeven zijn te worden wakker gemaakt om weer aan het werk te gaan. Het rijk van God wordt gekenmerkt door rust. Om in termen uit het Middellandse Zee-gebied te blijven spreken: het is een lange siësta!
Dit is ook het beeld uit het Nieuwe Testament, denk aan wat er staat in Hebreeën 4: "Aangezien de belofte om binnen te gaan in Gods rust nog steeds van kracht is, moeten we ervoor waken dat iemand van u ook maar de schijn wekt deze gelegenheid aan zich voorbij te laten gaan ... Er wacht het volk van God nog steeds een sabbatsrust. En wie is binnengegaan in zijn rust, vindt rust na zijn werk zoals God na het zijne." Ook hier is de toekomst van de gelovigen er niet een van hard werken, van productiviteit, van voortdurende inspanning voor een betere wereld.

In mijn serie over hoop heb ik herhaaldelijk betoogt dat wat God belooft niet alleen geldt voor de toekomst, maar dat het bedoeld is om nu al realiteit te worden in ons leven. Het koninkrijk van God is nu al onder ons en in ons. We delen nu al in het eeuwige leven. Volgelingen van Jezus leven nu al (in een gebroken wereld) als de burgers van het eeuwige koninkrijk die ze werkelijk zijn. Dat geldt dus ook voor Gods belofte van rust. Het leven van Jezus' volgelingen hoort dus niet te worden gekenmerkt door eindeloos activisme, door een agenda die vol staat met allerlei bijeenkomsten en verantwoordelijkheden, door een voortdurend haasten. God verlangt niet van ons dat we allerlei dingen voor hem doen. Hij wil dat we in alle rust onze eigen zaken behartigen en ons eigen brood verdienen (1 Thessalonicenzen 4:11). Hij wil dat we rust ervaren, dat we van het leven in zijn realiteit niet vermoeid raken, maar juist energie krijgen. In Matteus 11 belooft Jezus het zelf: "Kom naar mij, jullie die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan, dan zal ik jullie rust geven. Neem mijn juk op je en leer van mij, want ik ben zachtmoedig en nederig van hart. Dan zullen jullie werkelijk rust vinden."

Dat betekent niet dat we nooit meer iets doen, dat we passief zouden moeten zijn, en op de bank moeten blijven zitten. Passiviteit is ook een vorm van onvrijheid, de andere kant van de slinger, en daarmee vaak een reactie op gedwongen activiteit. Een vriendin mailde me laatst: "Ik vraag me soms af of het niet ligt aan onze generatie, deze tijdsgeest, dat dingen snel benoemd worden als te veel, grensoverschrijdend, vermoeiend. Mijn oma had een enorm gedisciplineerd leven, ook met God, maar burnout was er niet bij. Ik denk dat het  te maken heeft met weten dat je gewaardeerd, geaccepteerd en geliefd bent. Want als je dat weet, dan doe je de dingen die je doet of moet doen gewoon, maar doe je ze niet om iets te bereiken. Als je dingen doet omdat je er je redding mee kan winnen, of meer liefde kunt krijgen, of beter over jezelf kunt denken, dan brand je op, omdat je die dingen simpelweg niet voor elkaar krijgt met wat je allemaal doet ..."
Daar ligt volgens mij inderdaad de kern van wat de rust van het koninkrijk inhoudt. Het gaat niet om wat we doen, maar om wie we zijn. Het gaat om onze identiteit. Jezus deed tijdens zijn drie jarige bediening heel veel. Hij sprak tot enorme groepen mensen, maar ook met individuen en soms op onmogelijke tijdstippen. Hij genas zieken, melaatsen, bezetenen, maar voedde ook nog eens duizenden. Hij onderrichtte zijn discipelen, en stuurde ze uit door het land. En ondertussen reisde hij van hot naar her. En uiteindelijk verrichtte hij de grootste daad ooit door zich met de mensen te vereenzelvigen in de dood. Toch krijg je niet het idee dat Jezus dit allemaal deed omdat het 'moest'. Hij doet het niet uit activisme. Hij wordt er niet overspannen van. Dat komt omdat hij, zoals staat in Johannes 1:18, "Aan het hart van de Vader rust." Hij was zich elk moment van elke dag ervan bewust dat hij de geliefde zoon van God was, in wie God vreugde vond. Hij zag zichzelf volledig als 'de geliefde', veilig in de omarming van de Vader. Hij wist met heel zijn hart dat niets wat hij deed, of niet deed, de liefde van God voor hem kon veranderen. En die absolute, volkomen zekerheid, maakte hem vrij om met overgave te leven, van zichzelf uit te delen, en het goede nieuws van het koninkrijk overal te verspreiden. Niet omdat het moest, maar omdat hij het wilde. 

Zolang we onze identiteit, onze eigenwaarde, ontlenen aan onze activiteiten (wat we vaak doen in de kerk, want de suggestie wordt gewekt dat een goede christen zich voor God inspant, en we gaan de kring rond om te vergelijken wat iedereen doet aan 'discipelschap'), zullen ze voor ons tot een last worden, tot een bron van stress. Ze zijn dan namelijk afgoden geworden, en die zijn volgens Jesaja 46:1 "een zware last voor uitgeputte beesten." Wat we doen of bereiken kan ons namelijk maar heel tijdelijk vervulling geven, het doet ons maar heel even beter over onszelf voelen. Maar als we beseffen dat God niet van ons houdt om wat we DOEN, maar dat we zijn geliefde kinderen ZIJN, zullen we opgelucht adem kunnen halen, en valt er een last van onze schouders. Dan zullen we zonder schuldgevoel 'nee' kunnen zeggen tegen wat ons te veel wordt, maar ook zonder plichtsgevoel ons kunnen toewijden aan de taak die God ons op het hart heeft gelegd. Dan kunnen we uitdelen van onszelf zonder onszelf kwijt te raken, maar ook grenzen aangeven naar anderen, zonder ons te hoeven schamen. Vanuit onze positie van rust aan het hart van de Vader, dezelfde positie als die Jezus inneemt, kunnen we doen wat we willen.
Dit is totaal iets anders dan wat de wereld om ons heen ons wil laten geloven. Dit is een radicaal andere boodschap. Het gaat in tegen de idealen van voortdurende zelfverbetering, van functiewaarderingstrajecten, van 'voor wat hoort wat'. Als we zo zouden gaan leven, zouden we ons niet in de vorm van de wereld laten drukken, maar zouden we werkelijk geheel anders zijn. En dan zouden we een boodschap van echte hoop uitdragen (niet door wat we allemaal doen, maar eenvoudig door wie we zijn!). Dan zouden mensen wel eens nieuwsgierig kunnen worden naar onze overtuiging. Want als er iets is waar onze medemensen naar op zoek zijn, is het volgens mij wel rust. 

De rust die we nu mogen ervaren, is de rust van het Koninkrijk van God, de rust die Jezus kwam brengen, de rust van de Sabbat die God voor zijn volk beloofd had. En de rust die we zullen ervaren als Gods koninkrijk in volmaaktheid komt, zal geen andere zijn. De rust in de eeuwigheid is dezelfde rust aan het hart van de Vader. De rust in de eeuwigheid is hetzelfde weten dat we voor altijd en eeuwig geliefd zijn, en dat niets en niemand daar iets aan kan veranderen. Dan zullen we niet meer door de wereld om ons heen aan het twijfelen worden gebracht, dan zullen er geen oproepen zijn om te presteren en geen manipulatie om van onszelf te geven. Dan zullen alle afgoden waar we onze identiteit aan ontlenen te niet zijn gedaan. Dan zal Gods liefde alles zijn wat we weten. En dan zullen we vrij zijn om te leven, te spelen, te genieten en te bouwen. Dan zullen we werkelijk creatief zijn, zoals God creatief is. Dan zullen we werken zoals God werkt - niet op een basis van plicht, schuldgevoel en schaamte, maar op basis van rust.