woensdag 13 april 2011

Prachtig onkruid

In dit jaargetijde begint alles te groeien en te bloeien. Niet alleen de opvallende bomen en planten, maar ook het onkruid. Veel mensen lopen er aan voorbij, maar als je ze van dichtbij bekijkt zijn ook deze planten vaak bijzonder. Dit zijn misschien de bloemen op het veld waar Jezus over sprak, die niet maaiden of zaaiden, maar door God toch met schoonheid bekleed werden. Maar soms moet je aandachtig kijken om die schoonheid ook te zien.




 


dinsdag 12 april 2011

Mobiele vissen, Sinbad op Mars, ruiken, pesten, verzoeningstheorieen en angstaanjagende liefde

Een cichlidesoort uit Iran dreigt het slachtoffer te worden van het broeikaseffect. Maar de auteur vond tegelijkertijd nieuwe soorten seizoensvissen.

Over vissen gesproken: een nieuwe uitvinding maakt ze ook mobiel op land. En dit filmpje laat zien waartoe het allemaal zou kunnen leiden.

We zien wel dezelfde kleuren, horen dezelfde tonen, maar we ruiken niet allemaal hetzelfde.

Sinbad (je weet wel, die van 1001 nacht) gaat naar Mars. Ik ben een voorstander van avonturenfilms en van SF films die zich op andere planeten afspelen, dus dit wordt vast mooi.

Bij muizen blijkt dat sociale stress (pesten) leidt tot langdurige gedragsveranderingen, vooral angst voor interactie met andere muizen. Verrassend. Niet dus. Maar wel goed dat wat ik al lang weet uit ervaring wetenschappelijk gezien blijkt te kloppen.

Sommige gelovigen (onder wie ik) hebben moeite met de geijkte leer die zegt dat God ons moest straffen, en ons alleen kon vergeven als Jezus de straf in onze plaats onderging. Ze plaatsen in plaats daarvan de 'Christus victor'-leer die zegt dat Jezus in zijn dood en opstanding de machten heeft overwonnen die ons gevangen hielden en die leidden tot de dood. Volgens blogger Brambonius sluit een 'Christus als overwinnaar'-visie niet uit dat Jezus in onze plaats trad. "I don’t know where he gets that idea to separate Christus Victor from substitutionary as if they can be opposites..I would think that Christus victor atonement and this Ransom motif are closely connected and two sides of the , same coin. Jesus on the cross suffered evil, sin and death in our place, and destroyed it and came out as Victorious! The question here is how do we view Gods justice: Is justice punishing the bad guys (everybody in this fallen world) or is it first and foremost setting things right? I would go with the second one, and say that Gods justice first and foremost is restorative, not only for individuals but for the whole of creation!"

Greg Boyd geeft een pittige, maar wel erg goede samenvatting van de 'Christus Victor'-visie op de verzoening. "The New Testament concept of salvation does not first and foremost mean “salvation from God’s wrath” and/or “salvation from hell” as many western Christians take it to mean – often with negative consequences for their mental picture of God and/or antinomian consequences for their life. Rather, it is a holistic concept that addresses Christ’s cosmic victory and our participation in it. ... We are saved from the power of God’s archenemy, saved from the destruction that would have been the inevitable consequences of our sin, saved from our fallen inability to live in right relatedness with God, saved from the idolatrous, futile striving to find “life” from the things of the world, saved from our meaninglessness and saved to forever participate in the fullness of life, joy, power and peace that is the reign of the triune God." Deze visie spreekt me aan - dit is hoe ik over het werk van Christus wilde schrijven in mijn boek, maar wat me niet helemaal lukte. Ik heb er in elk geval de nadruk opgelegd dat het geen 'juridische' transactie betrof, maar Jezus' identificatie met de gevolgen van onze zonde, het kwaad, en zijn overwinning daarover in de opstanding.

Experimental Theology schrijft ook over verschillende theorieƫn over de verzoening - en waarom geen daarvan een verzoening van allen uitsluit. Sterker nog, de christologie van boeken als Colossenzen suggereert dat alles al in Christus is: "The vision we have here is cosmic in scope. Colossians suggests that while we can be in rebellion against God we can't, strictly speaking, be "outside of Christ." All things exist and are held together in Christ. The work of the Logos, then, is to take this disordered Creation and bring it back into harmony and peace with God. The Creation flowed from the Logos, is held together by the Logos, and will flow back to God through the Logos where God will "be all in all." Beginning and end converge upon God with the work of the Christ making it all happen."

Goede woorden over liefde op de Rabbit Room: "Many of us (myself included), though we long for it, are threatened by love and have found a thousand little ways to flee from it. For love - rightly understood - is dangerous. Like no other force, love will cut us to our core and peel back even the thorniest of our self-protective layers - exposing the depths of our hearts, revealing what it wants to heal, all the while asking us to trust, and drawing us out of our hiding places. We are defenseless against a Love that won’t stop until it sets us free. And freedom, of course, is nearly as terrifying as love."

zondag 10 april 2011

De pijl van de tijd 4: de bestemming van de reis

Ik mailde laatst met een lezer van mijn blog die me toevertrouwde maar weinig te hebben gehoord over de toekomst die we als volgelingen van Jezus verwachten. In de kerk waar deze persoon naar toeging werd wel veel gesproken over hoeveel God nu van ons houdt, en hoe we nu al mogen leven in het besef van Gods genade. Dat is bijzonder waardevol, haast ik me op te merken, want er zijn genoeg kerken en gemeenschappen waar het alleen maar gaat om het ontsnappen aan de hel, en waar aan het leven op Aarde nauwelijks aandacht wordt besteed (in zo’n kerk ben ik opgegroeid). En het is misschien als reactie op deze visie dat veel gelovigen de nadruk leggen op het heden. Het leven hier en nu is waar het om gaat. Dat ontken ik niet. Verre van dat zelfs. Maar om deze materiĆ«le wereld en individuele mensen werkelijk als waardevol te zien, is een helder toekomstbeeld vereist - zowel voor de wereld als voor individuen.
De verwachting van de kerk waar de lezer van deze blog naar toeging was eigenlijk niet veel anders dan die in de gemeenschap waar ik opgroeide: er zou een einde komen aan pijn en verdriet, we zouden ‘bij Jezus zijn’ en de rest zou er niet veel meer toe doen. Wat er met deze wereld gebeurde, was niet meer belangrijk, en ook de toekomst van individuen en hun eigenheid bleef nogal in het vage. En als ik het goed begrepen heb was de theologie van deze kerk ook vergelijkbaar met die van de gemeente uit mijn jeugd: de verlossing werd meer gezien als herstel van de ideale situatie uit het verleden, dan als het begin van de verwerkelijking van een prachtig toekomstvisioen. In de termen die ik in deze berichten gebruik: de pijl van de tijd beweegt zich weg van het verleden. Ik heb al uitgelegd waarom zo’n visie leidt tot pessimisme: we bevinden ons immers nu in een onstuitbaar proces van verval, tot door een goddelijk ingrijpen alle schade ongedaan word gemaakt. De periode daar tussenin zal hooguit nog een boze droom lijken, waar we maar beter niet aan kunnen terugdenken. Dat geldt voor de schepping als geheel - alles wat mensen hebben opgebouwd en in cultuur gebracht zal vergaan - de wereld zal weer een tuin zijn zoals het paradijs. Het geldt ook voor ons als mensen: sommigen zeggen dat we in de eeuwigheid ons leven op Aarde niet meer kunnen herinneren, of dat we vrienden en familie niet meer zullen herkennen. Er zijn er zelfs die beweren dat we niet meer geslachtelijk zullen zijn. Met zo’n toekomstverwachting is het geen wonder dat christenen niet verlangen naar de eeuwigheid, en - durf ik te zeggen - zich niet bezighouden met het koninkrijk van God.

Ik geloof echter dat de bijbel een heel ander verhaal vertelt over God en zijn bedoelingen. God werkt ergens naar toe, naar een wereld waar zijn wil gebeurt zoals die in de hemel gebeurt, waar zijn bedoelingen volledig werkelijkheid worden, naar zijn eeuwige koninkrijk. En hij werkt met mensen samen om die toekomst tot stand te brengen. De bijbel begint niet met een staat van perfectie. Het eerste vers van genesis vertelt dat in het begin de Aarde woest en ledig was en duisternis over de vloed zweefde. Om met de kunstenaarsmetafoor te spreken, die ik vaker gebruik: het doek was nog leeg, de verf zat nog in de tube, het blok steen was nog niet door de beitel aangeroerd. De stapel A4tjes lag nog onbeschreven naast de typemachine. Vervolgens gaat God aan het werk. Hij heeft een plan, dat hij stap voor stap werkelijkheid maakt. Hij gebruikt een creatief proces (of je nu gelooft dat het zes dagen waren, of 13,5 miljard jaar, zoals de wetenschap suggereert). En ik stel me voor dat hij er van genoot, zoals een kunstenaar geniet van zijn werk. Uiteindelijk is hij zover dat hij de mens maakt, en die zet hij in een tuin, waar ze veilig op ontdekking kunnen gaan, de wereld en elkaar kunnen kijken. Maar uiteindelijk is het de bedoeling dat de mensen zich buiten de tuin gaan wagen, in het nog chaotische, ruwe landschap daarbuiten, en de wereld in cultuur gaan brengen. De mens heeft de opdracht de dieren en planten namen te geven, zich te vermenigvuldigen, en de potentie die ligt opgesloten in de schepping te verwezenlijken - op een verantwoordelijke manier, waarbij alles en iedereen in zijn waarde wordt gelaten. De mens is gemaakt om een schepper te zijn, zoals God Schepper is. Als er niets zou zijn gebeurd, zou de mens de Aarde hebben verkend, kunst en techniek hebben ontwikkeld, schoonheid hebben waargenomen en gemaakt, en Gods glorie hebben verkondigd in het hele heelal. Gods wil zou zijn gebeurd op de Aarde zoals in de hemel, en het koninkrijk van God zou zich hebben uitgebreid in en door mensen heen tot het universum ermee vervuld was. Dan zou Gods doel zijn bereikt.
Maar Genesis 3 - en wat we zien op het 8 uur-journaal en in ons eigen leven - vertelt dat er iets anders gebeurde. De mens koos ervoor zijn plek als vertegenwoordiger van God - van schepper onder de Schepper - te verlaten en zichzelf op de eerste plaats te zetten. De mens koos ervoor niet langer de wil van God te volgen, maar zijn eigen wil te zien als arbiter tussen goed en kwaad. De mens verloor het visioen van Gods koninkrijk uit het oog, en stichtte in plaats daarvan zijn eigen kleine koninkrijk. Hij stelde zijn eigen zelfzuchtige droom boven het visioen van God. En dat leidde tot jaloezie, haat, moord, eenzaamheid, schuld, verdriet, chaos en vernietiging. Het leidde tot de dood, zoals God had voorspeld. Dit was niet wat God bedoeld had.

Christenen hebben het in dit verband vaak over de ‘zondeval’. Het woord ‘val’ suggereert echter dat de mens daarvoor perfect was en zich in een perfecte omgeving bevond, en van die volmaakte staat is afgevallen. Het suggereert dat in de verlossing de val in het verleden ongedaan moet worden vermaakt. De term ‘val’ voor de gebeurtenissen in Genesis 3 wordt echter in de bijbel zelf niet genoemd. Het is pas de vierde-eeuwse theoloog Augustinus die deze bewoordingen gaat gebruiken voor de keuze van de eerste mensen. Zijn ideeen hebben de overhand gekregen in de eeuwen die volgden en de meeste gelovigen stemmen er zonder verder na te denken mee in. Maar Augustinus’ visie was niet de enige. Andere kerkvaders spraken in heel andere termen over Genesis 3. Ireaneus van Lyon bijvoorbeeld. Hij meende dat de mens niet van een perfecte toestand was afgevallen, maar dat de mens door zijn keuze niet zijn potentie had vervuld. De mens had niet voldaan aan de bedoeling die God met hem had, hij had zich niet ontwikkeld op de manier die paste bij het visioen van God. De mens had als het ware een stok tussen de wielen gestoken van Gods plan.
In het beeld van Ireaneus wijst de pijl van de tijd naar de toekomst. God werkt actief aan de voltooiing van zijn visie. De zelfzucht van de mens heeft de voortgang van het kunstwerk verstoord, maar Gods doel is nog steeds hetzelfde gebleven. Hij laat zich niet zomaar tegenhouden. De dood van Jezus en zijn opstanding zijn de manier waarop God zijn plan alsnog verwezenlijkt. Door op deze manier in de schepping in te grijpen, brengt God zijn koninkrijk tot stand, in ons en door ons, wat altijd al zijn plan was geweest. Hij neemt de verhaallijn van ons verzet op in zijn weefsel, en voegt het samen met zijn eigen verhaal, zodat het eindresultaat nog veel mooier wordt. Waar God naar toe werkt, staat in de bijbel beschreven. Het is het visioen uit Jesaja, van een wereld waarin woestijnen veranderd zijn in vruchtbaar land, waar leeuw en lam, rund en beer samen weiden, en waar zwaarden zijn omgesmeed in ploegscharen. Dit is niet een beschrijving van het paradijs zoals het was - er zijn geen bijbelse aanwijzingen dat dieren niet konden sterven, of dat vleesetende soorten begonnen als planteneters, of dat er ooit geen parasieten waren. Jesaja schrijft over de toekomst, niet over het verleden. Kennelijk is er een ontwikkeling naar een steeds hogere organisatiegraad en een steeds hogere toestand van vrede en liefde in de schepping. Ik geloof trouwens dat deze weergave van het plan van God heel mooi kan aansluiten bij de wetenschappelijke ontdekkingen over de geschiedenis van het heelal en het leven, vooral als we oog hebben voor de doelgerichtheid in zowel de evolutie als de kosmologie.
Het boek van de natuur en het boek van de Bijbel vertellen een enkel verhaal. Maar voor beide geldt: Gods uiteindelijke doel is nog niet bereikt. De beschrijving van Gods koninkrijk in het bijbelboek Openbaringen geeft er beeldende beschrijvingen van, waarbij thema’s uit de eerste hoofdstukken van Genesis terugkomen - het beeld van een tuin met waterbronnen, en bomen waarvan de vruchten leven geven. Maar mijns inziens zegt de schrijver van Openbaringen niet dat in de eeuwigheid de toestand uit het paradijs hersteld wordt. Het visioen grijpt niet terug op het verleden. Het is eerder andersom: de tuin uit Genesis 3, de plek waar de eerste mensen woonden, wees vooruit naar het Koninkrijk van God dat nog moest komen. Toen was het een begrensde plek op Aarde waar Gods wil gebeurde, ooit zal het hele universum erdoor gevuld worden. Toen was er slechts een enkele boom des levens, ooit zullen het er ontelbare zijn, die genezing brengen aan alle volken. Toen wandelde God met de mensen in de avondschemer, ooit zal God onder de mensen wonen. Toen kregen de mensen het rentmeesterschap over de schepping, ooit zullen Gods beelddragers met Hem als koning regeren. Het was altijd Gods bedoeling dat mensen vooruit zouden kijken, naar wat Hij nog voor hen zou gaan doen. Niet dat mensen zouden terugkijken naar wat achter hen lag, dat ze zouden verlangen naar een paradijs in het verleden. In de bijbel gaat het om de ‘het einde van de eeuw’, ‘de voleinding van de tijd’, de ‘hoop op wat voor ons in het verschiet ligt’, de ‘heerlijkheid die over ons geopenbaard zal worden’. Het enthousiasme van de bijbelschrijvers spat van de pagina’s af. Ze baden: ‘Maranatha, kom spoedig Heer’, en hielden elkaar voor dat het einde nu al dichterbij was dan toen ze tot geloof kwamen. Ze waren gericht op de toekomst.

En het bijbelse visioen geldt niet alleen voor de schepping als geheel, maar ook voor individuele mensen, voor ons allemaal. Ook wij worden niet bepaald door het verleden, waar we vandaan komen, maar door de toekomst, onze bestemming. De lijn in ons leven is er niet een van steeds verdere achteruitgang, en steeds diepere gebondenheid, maar van steeds toenemende glorie. ‘Al vervalt ook onze uiterlijke mens, nochtans wordt de innerlijke van dag tot dag vernieuwd’ (2 Korintiers 4:16). Volgens de bijbel is ook onze verlossing niet het herstel van een toestand uit het verleden, maar de vervulling van Gods bedoeling in de toekomst. En net als de verlossing van de schepping, wordt ze mogelijk gemaakt door de dood en opstanding van Jezus. Toen Jezus uit de dood opstond, werd in Hem Gods uiteindelijke bedoeling met de mens zichtbaar. Hij was niet alleen maar tot leven gekomen, gezond gemaakt, hersteld tot de persoon die hij was voordat hij werd gekruisigd. Een man die moest slapen, ziek kon worden en uiteindelijk zou sterven. Nee, hij was een mens van vlees en bloed, maar tegelijk meer mens dan tevoren - hij verscheen in afgesloten ruimtes, bewoog in een oogwenk naar Galilea en was niet meer afhankelijk van eten en drinken. Zijn opstanding was niet alleen een medisch wonder, het was de overgang naar een nieuwe vorm van zijn. Een metamorfose - Jezus was van een rups veranderd in een vlinder. Hij was van een graankorrel veranderd in een korenaar. Hij had zijn bestemming bereikt, als eerste van alle mensen. Want zijn bestemming is ook onze bestemming. We weten nog niet wat we zullen zijn, schrijft Johannes, maar we weten dat we aan Hem gelijk zullen zijn. En Paulus schrijft: “Wat in vergankelijke vorm wordt gezaaid, wordt in onvergankelijke vorm opgewekt ... Wat onaanzienlijk en zwak is wanneer het wordt gezaaid, wordt met schittering en kracht opgewekt ... Er wordt een aards lichaam gezaaid, maar een geestelijk lichaam opgewekt” (1 Korintiers 15).
Het is het doel van een zaadkorrel om eens een korenaar te zijn, het is de bestemming van een rups om ooit een vlinder te worden. Ook voor ons ligt het doel van ons bestaan in de toekomst, niet in het verleden. Daar mogen we ons naar uitstrekken, daar mogen we ons voor inspannen.

De pijl van de tijd wijst naar de toekomst, naar de voltooiing van het plan van God. Alleen dit beeld geeft ons leven nu, op dit moment, op deze Aarde, werkelijke betekenis. Alleen door dit vooruitzicht kunnen we werkelijk geloven dat niets wat we doen tevergeefs is. Onze eigen strijd tegen armoede, ziekte en onrecht zal onmisbaar blijken te zijn in de komst van de nieuwe hemel en nieuwe aarde, waar gerechtigheid woont. Onze eigen liefdevolle relaties, opoffering voor anderen, eerlijke intimiteit, zal een onderdeel blijken te zijn van de gemeenschap van de heiligen, de bruid van Christus. Onze eigen creatieve uitingen, pogingen om de schoonheid van de schepping weer te geven, kunst en cultuur, zullen blijken bij te dragen aan de heerlijkheid van het nieuwe Jeruzalem, met zijn gouden straten en poorten van parels. Dit is het visioen dat de bijbel schetst - het koninkrijk van God dat komt wordt niet uitgebeeld met beelden uit de natuur, die door God is gemaakt. Nee, Gods uiteindelijke bedoeling wordt uitgebeeld als een stad. En een stad is iets dat door mensen wordt gemaakt. Een samenleving van mensen, die gerechtigheid nastreven, elkaar liefhebben en hun wereld mooi maken. En onder deze mensen, die Zijn schepping ontwikkelen en in cultuur brengen, wil God leven. Daar wil hij wonen. Dat is de bestemming, de zijne en de onze.

zaterdag 9 april 2011

Kleuren van de lente

Mijn enthousiasme voor de lente steek ik niet onder stoelen of banken. Ik hou van dit jaargetijde! En van de mooie kleuren die nu overal te zien zijn.






vrijdag 8 april 2011

Blast from the past 3: ‘Knowing is half the battle’

Mijn broers en ik keken op zaterdagmorgen, terwijl mijn ouders nog sliepen, altijd tekenfilms op televisie. We waren vooral fan van het oer-Amerikaanse G.I. Joe - een serie over een team soldaten met een eigen basis die streden tegen de terroristische organisatie Cobra. Ons enthousiasme ging zo ver dat we eigen stripverhalen tekenden over deze karakters, en in het bos speelden dat we zelf de dappere avonturiers van G.I. Joe waren. Wees gerust, dit bericht wordt geen diepgravende analyse van deze (toch wel enigszins ‘cheesy’) tekenfilms, en ook geen onderzoek naar de onderliggende thema’s van de verfilming van twee jaar terug (zinkend ijs? echt?). De titel suggereert al dat deze bijdrage meer in de lijn ligt van twee erg persoonlijke ontboezemingen die ik in de afgelopen weken schreef voor deze blog. En ook deze bijdrage wordt weer behoorlijk persoonlijk, dus wie daar niet van gediend is, kan maar beter wachten op mijn meer filosofische (maar hopelijk niet droge) vierde artikel over de ‘pijl van de tijd’ later dit weekeinde. Maar om terug te komen op de bewuste G.I. Joe-tekenfilms: die eindigden altijd met een moraliserend segment, waarbij een van de hoofdpersonen een jongetje of meisje uitlegde dat ze braaf hun tanden moesten poetsen, geen lucifers in het bos moesten laten slingeren en niet kinderen op school moesten pesten omdat ze een andere huidskleur hadden. “Now you know”, zei de heldhaftige figuur dan aan het slot. “And knowing is half the battle.” Ik geloof dat dit ook geldt voor onze strijd om te leven ondanks de gebrokenheid die ons heeft vormgegeven: het toegeven van de verwonding helpt al er niet door gecontroleerd te worden. De andere helft van het gevecht ligt in het uitzien naar het herstel in de toekomst.

In de vorige twee berichten onder deze titel vertelde ik over een bezoek aan een oude vriend in Groningen, die driehonderd pagina’s correspondentie uit de periode van voor mijn overspannenheid had bewaard. Door deze samen met hem door te bladeren, realiseerde ik me dat de Johan van veertien, vijftien jaar geleden niet een andere persoon was dan de Johan van nu. Ik hoefde hem niet te verguizen of af te wijzen. Hij had zich alleen door wat hij had geleerd in de geloofsgemeenschap waar hij opgroeide, laten opjagen tot overdreven religieus gedrag: bijbellezen, bidden, bijbelstudieboeken lezen et cetera. Hij had zich ervan laten overtuigen dat hij zich enorm schuldig moest voelen, dat hij zich moest schamen voor zijn liefde voor verhalen en andere verlangens, en dat hij zijn uiterste best moest doen om voor God waardevol te zijn. En omdat Johan nu eenmaal de verwachtingen die aan hem worden gesteld serieus neemt, nam hij ook deze verwachtingen aan als harde eisen. Hij joeg zichzelf op, tot hij er overspannen van werd.
Ik besefte bovendien dat de Johan anno 2011 niet een andere persoon is dan de Johan van toen. Hij heeft nog steeds de neiging te veel hooi op de vork te nemen, te proberen aan alle verwachtingen (uitgesproken en onuitgesproken) te voldoen en zichzelf geen werkelijk vrij moment te gunnen (de uren gespendeerd achter internet zijn meer een vlucht dan echte ontspanning). Hij kan nog steeds niet accepteren dat hij goed genoeg is zoals hij is, heeft nog steeds het idee dat hij hard moet werken om betekenis te hebben, en voelt nog steeds een innerlijke leegte, die hij uit alle macht probeert te vullen. Het religieuze gedrag van al die jaren geleden was niet zelf het probleem, het was een symptoom. De ziekte is niet verdwenen, maar uit zich nu in andere vormen van opgejaagdheid. De bron van de problemen ligt dieper, in de non-verbale beelden op de bodem van het hart, die bepalend zijn voor het zelfbeeld, het wereldbeeld en het Godsbeeld. Deze beelden zijn gevormd door ervaringen, en bekrachtigd door emoties - en woorden en argumenten kunnen ze eigenlijk niet veranderen. Vooral omdat sommige van deze ervaringen dateren uit de vroegste kindertijd, toen de Johan van toen nog geen woorden kon verstaan.

De weken na mijn ontmoeting met mijn vriend dacht ik veel na over die diepe beelden in mijn hart, die na anderhalf decennium nog zo weinig veranderd lijken te zijn. En  over de vraag waar ze vandaan komen. En ik besefte dat ik de verhalen die mijn ouders me verteld hadden, serieus moest nemen. Er was iets gebeurd in mijn vroege jeugd dat mijn vertrouwen in mezelf en mijn omgeving ingrijpend had beschadigd. Het is altijd een beetje gevoelig om over deze dingen te schrijven op het internet, dus ik probeer het schetsmatig te houden. Het feit is dat ik ter wereld ben gekomen met een zogenoemde ‘vacuumextractie’. En in de jaren ’70 was de regel dat het kind dan eerst 24 uur rust moest krijgen voor het aan de moeder werd toevertrouwd. Bovendien had ik een andere bloedgroep dan mijn moeder, wat tot problemen leidde (in medische termen: een B0 antagonisme): haar afweerstoffen braken mijn rode bloedcellen af, en door de afbraakstoffen kleurde mijn huid geel. Om dit te verhelpen, moest ik onder een UV-lamp liggen. Zeven dagen lang. Ik weet nu hoe belangrijk de eerste momenten na de geboorte zijn voor dieren - denk aan kuikens, die achter het eerste bewegende voorwerp dat ze zien aanlopen alsof het hun moeder is, en van geen vervanging willen weten, of lammetjes, die je direct bij het schaap moet laten, anders moet je ze zelf de fles geven - en kan me dus voorstellen dat deze eerste levensdagen ook belangrijk zijn voor een kind, om zich gewenst, geborgen en veilig te voelen. Ik heb begrepen dat een tekort in deze eerste dagen bij mensen kan worden goedgemaakt in de maanden erna, maar ook toen heb ik het een en ander misgelopen. In mijn tweede jaar moest ik bijvoorbeeld twintig weken bij mijn opa en oma wonen omdat mijn moeder in het ziekenhuis lag (ik heb bij hen leren lopen). Later kwamen daar pestpartijen bij op de middelbare school, en op christelijke zomerkampen.
Ik weet pas sinds kort van het bestaan van bindingsstoornissen - het is bekend dat couveusekinderen bijvoorbeeld in hun latere leven tegen sociale en psychologische problemen aanlopen - en ik herken het een en ander uit de beschrijvingen ervan in mijn eigen leven. Bijvoorbeeld waar mijn problemen met grenzen vandaan komen en mijn angst voor aanraking (ik had een pathologische angst voor stickers op de basisschool en zal nog steeds niets op mijn hand schrijven). Maar ook de leegte in mijn binnenste - die niet gedempt lijkt te kunnen worden. Aandachtige lezers van mijn publicaties (op mijn blog en gedrukt) weten dat ik vaak schrijf over de onvoorwaardelijke liefde van God en hoe belangrijk het is die te ervaren. Misschien vind je dat wel wat overdreven - als je weet dat God van je houdt, kan je immers verder gaan met leven zoals Hij dat wil (dat was waar mijn vriend in Groningen van uitging - hij meende dat de liefde van God voor mij net zo vast stond als voor hem). Maar een lezer merkte laatst op dat hij in mijn werk een vorm van ‘wishful thinking’ bespeurde: een zekere wanhopige poging om mezelf te overtuigen dat het echt waar is wat ik schrijf. Want ik vind het nog steeds moeilijk mezelf te zien als iemand die echt door God geliefd is - gewoon zoals ik ben. Wat ik ook lees, en wat ik ook van Gods liefde ervaar, het lijkt nauwelijks door te dringen. Mijn ontvangstcapaciteit voor liefde is heel beperkt. Dat geldt voor alle vormen van liefde. Het idee dat mensen mij leuk vinden om wie ik ben, klinkt me nog steeds als iets vreemds in de oren. En dat ik zoals ik ben genoeg ben voor God lijkt nog altijd ongelofelijk.
Iets in mij is ervan overtuigd dat mezelf zijn niet genoeg is, maar dat ik iets moet doen om betekenis te krijgen. Maar wat ik ook doe, het is nooit genoeg. Dat was het niet voor mijn overspannenheid. Al las ik dagelijks tien hoofdstukken uit de bijbel, bad ik een uur in plaats van een half uur, en kende ik hele bijbelboeken uit mijn hoofd - ik zou niet geloven dat ik geestelijk genoeg was om waardevol te zijn voor God. En het is het nu ook niet. Al zou ik voor mijn 35ste al tien boeken hebben geschreven, ik zou mezelf nog steeds een mislukkeling vinden. Al zou ik een gezin hebben, een auto en een vrijstaand huis, ik zou nog steeds niet tevreden kunnen zijn met wie ik was. De leegte in mij, ontstaan in mijn eerste levensweken, laat zich niet zomaar opvullen. Ja, ik zei toch dat dit bericht persoonlijk zou worden? Ik hou me aan mijn woord!

Waarom is het zo belangrijk te weten waar je gedrag vandaan komt? Wat de beelden in je hart heeft gevormd, waardoor je jezelf, de wereld en God door een gekleurde bril bent gaan zien?
Omdat je door het verleden te kennen en te erkennen de gebrokenheid in je gedrag kunt identificeren, en ervoor kunt kiezen om in bepaalde situaties anders te handelen dan je zou doen op basis van je misvormde beelden. Het is zoals de helden van G.I. Joe het zeiden: “Knowing is half the battle.” Ik schreef er al over in mijn recensie van The Reader: wat geheim en verborgen blijft, kan je leven beĆÆnvloeden en uiteindelijk zelfs vernietigen. Maar als je jouw verwonding, je vergissingen, je pijn en schaamte erkent en in het licht laat komen, als je er eerlijk over bent naar jezelf toen en naar anderen die je vertrouwt, verliest ze haar macht over je leven. Dat schrijft Paulus in Efeze 5: "Wat in het verborgene gebeurt, is te schandelijk voor woorden. Maar alles wat door het licht ontmaskerd wordt, wordt openbaar, en alles wat openbaar wordt, is zelf licht."
Als je niet weet dat je een gekleurde bril draagt, komt het niet in je op dat de werkelijkheid wel eens anders kan zijn dan je waarneming je vertelt. Maar als je beseft dat je waarneming gekleurd is, sta je open voor andere interpretaties dan de jouwe. Dan kun je er soms zelfs voor kiezen die bril af te zetten en de werkelijkheid te zien. Zolang je niet beseft dat je vaste gedragspatronen voortkomen uit een wond of tekortkoming die je in je hart hebt opgesloten, blijven ze natuurlijk aanvoelen en blijf je er in steken. Pas als je weet dat je vaste keuzes eigenlijk mechanismen zijn om te kunnen omgaan met de pijn, ben je bereid om te werken aan verandering en mensen het voordeel van de twijfel te gunnen. Paulus heeft het over een ‘wortel van bitterheid’ (Hebreeen 12:15) - om bitterheid te bestrijden, moet je de wortel opgraven. Alleen symptoombestrijding heeft weinig zin, dat laat de geschiedenis helaas keer op keer zien.

Maar het verleden kennen en het een plaats geven, is niet genoeg. Zelfs als je weet wat je tekort bent gekomen, zelfs als je bewust kiest om je op een andere manier te gedragen dan natuurlijk voor je is, blijft je verleden je keuzes bepalen. De pijn die je hebt opgelopen, kan immers niet meer ongedaan worden gemaakt, het tekort dat je hebt geleden kan niet meer worden aangevuld. Wat gebeurd is, is gebeurd. Het verleden staat vast, het kan niet meer worden veranderd. De pijl van de tijd beweegt maar een kant op. Alles wat je nu doet, hoe je nu reageert, wordt bepaald door je ervaringen van vroeger. Zelfs als je je ertegen verzet. Zelfs als je een ander reactiepatroon aanleert. Menselijk gesproken is echte genezing onmogelijk.
Ik geloof echter dat de pijl van de tijd zich niet van het verleden af beweegt, maar zich beweegt in de richting van de toekomst. Een heerlijke toekomst, waar Gods wil zal gebeuren op de Aarde, en in mijn leven, zoals hij gebeurt in de hemel. Een toekomst waar iedereen bij zijn ware naam genoemd zal worden, waar het leven de dood voor altijd heeft overwonnen, waar het menselijke verlangen naar schoonheid, waarheid en intimiteit volledig zal worden vervuld. Een toekomst waar God alles zal zijn en in allen, en alles de glans zal hebben van zijn aanwezigheid. Een toekomst waar niets en niemand zal zijn uitgesloten van de dans van de drie-eenheid. Een toekomst waar geen tranen meer zullen zijn, behalve tranen van blijdschap. Dit is waar de hele schepping naar uitkijkt. Dit is wat de bijbel noemt: het koninkrijk van God. Dit is waar God al sinds het moment van de schepping aan werkt. Dit is waar hij zich zonder ooit moe te worden voor inspant, waar hij zich voor opoffert (letterlijk), waar hij (ook weer letterlijk) alles voor over heeft, zelfs zijn eigen leven. En dit is ook onze toekomst. Dit is waar wij voor bestemd zijn. Waar alles wie we zijn en wat we doen werkelijk tot bloei komt, en de glorie waarmee we geschapen zijn als beelddragers van God eindelijk zichtbaar wordt, zonder vlek of rimpel. Dit is waar ons leven zich naar toe beweegt. Dit is ons doel.
En deze werkelijkheid kan ons leven nu al vorm geven. Jezus heeft ons immers gezegd dat we nu al delen in het leven van de eeuwigheid. We worden niet gedefinieerd door wat ons is overkomen, we zitten niet voor altijd gevangen in het keurslijf van onze ervaringen en verwondingen, ons gedrag is niet bepaald door het verleden. Onze blik is vooruit gericht, op de heerlijkheid die over ons zal worden geopenbaard. En als we zien wat we zullen zijn, hoe vrij, hoe liefdevol, hoe ongedwongen, hoe blij we zullen zijn, gaan we ernaar verlangen ook nu al op die manier te leven. En dat verlangen zal zich vertalen in nieuw gedrag. We doen de nieuwe mens aan, de mens die geschapen is om het beeld van God te weerspiegelen. De oude mens, de mens die bepaald werd door de pijn van het verleden, leggen we af als een oude jas. Daar verlangen we niet meer naar - die is saai, gescheurd, bevuild. We kijken naar wat voor ons ligt, en laten ons daardoor inspireren. Gods heerlijkheid die ooit helemaal door ons heen tot uiting zal komen, gaat nu alvast vrucht in ons dragen.
En de toekomst dringt zelfs door in ons verleden. We gaan de pijn van toen, de verwondingen, de verlating, leren zien door een nieuwe bril. We gaan herkennen dat niets ooit tevergeefs was. Dat God de pijn kende, er verdriet over had, en met ons meehuilde. Dat hij erbij was, en ons ook liefhad toen we ons door iedereen verlaten voelden. God kan het kwaad niet verdragen, hij wil het niet verdragen. We gaan ook zien dat zelfs de diepste wond en de grootste zonde niet voldoende zijn om zijn plan in gevaar te brengen. Liefdevol neemt hij de beschadigde plekken uit het verleden en geeft ze een plek in het weefsel van zijn bedoelingen. Hij trekt zijn lijnen er omheen, past zijn plannen aan, en uiteindelijk zullen we zelfs gaan begrijpen dat hij van die momenten gebruikmaakt om zijn koninkrijk te verwezenlijken. Ons verleden wordt door God verlost. En dus kan ook ons heden en kunnen ook onze keuzes van nu worden verlost. We kunnen werkelijk handelen uit liefde, in plaats van uit gebrokenheid. Dat is de hoop van het evangelie, het goede nieuws: de pijl van de tijd beweegt zich in de richting van de toekomst. En daarover gaat mijn volgende bericht.

Mass Effect, Hobbit of the Conchords, indrukwekkende commercial, diep duiken en luizen

Er komt een animatiefilm gebaseerd op Mass Effect - het computerspel dat mij nu ook al maanden bezighoudt - met een SF-wereld van een ongekende diepgang en nog mooi ontworpen ook.

Disney maakt een animatiefilmpje over het monster van Loch Ness. Cute.

Brett McKenzie, een van de sterren uit Flight of the Conchords, heeft een rol in The Hobbit. Hij heeft zelfs al in de eerdere films meegespeeld. En kijk hun song: Frodo, don't wear the ring.

Er komt een film van een van mijn favoriete Alistair McLean verhalen: Ice Station Zebra. Een recensent meende sporen van dit verhaal te ontdekken in mijn debuut, Neptunus, en ik kan hem geen ongelijk geven.

Dit stripverhaal lijkt me wel gaaf: over een Romeinse expeditie in donker Afrika.

De indrukwekkendste commercial ter wereld? Deze is wel heel bijzonder. Simpel, elegant, verbazingwekkend. Alleen jammer dat er geen dinosauriers in voorkomen.

Richard Branson (Virgin) wil opnieuw met een onderzeeboot afdalen naar de diepste plaatsen in de oceanen. Ik ga de ontwikkelingen volgen!

Oudste vliegende insect ooit gevonden als fossiel. 300 miljoen jaar oud.

Onderzoekers reconstrueerden enzymen die miljarden jaren geleden aanwezig waren in het leven dat toen de oceanen vulde. Vervolgens onderzochten ze bij welke omstandigheden deze enzymen het meest actief waren. Dit bleek te zijn onder zure omstandigheden, en bij veel hogere temperaturen dan tegenwoordig. Het leven is dus ontstaan in een hete, zure omgeving, is hun conclusie.

Er trad al soortvorming op onder luizen in de tijd van de dinosauriƫrs, en niet alleen in de tijd van de vogels en de zoogdieren daarna. Dit betekent of dat vogels en zoogdieren zich al ontwikkelden toen er nog dino's waren, of dat de dino's zelf luizen hadden. Omdat veel dino's warmbloedig waren en veren hadden is dat nog niet eens zo vreemd gedacht.

Op Voyages Extraordinaires wordt Paul Davies aangehaald, die ik zelf ook al citeerde in mijn bericht over de pijl van de tijd. Het gaat (waarover anders) over de vraag of het universum een doel heeft. "If the universe is pointless and reasonless, reality is ultimately absurd. We should then be obliged to conclude that the physical world of experience is a fiendishly clever piece of trickery: absurdity masquerading as rational order. Weinberg's aphorism can thus be inverted. If the universe is truly pointless, then it is also incomprehensible, and the rational basis of science collapses."

donderdag 7 april 2011

Filmbespreking: The Adjustment Bureau

Er draaien in de bioscoop heel wat films die eigenlijk een standaard verhaal vertellen. Stoere man wordt tegengewerkt en belandt in de goot, maar neemt uiteindelijk wraak op zijn tegenstanders. Jongen ontmoet meisje, raakt verliefd, lijkt haar kwijt te raken, maar weet haar toch voor zich te winnen. Een professional stemt ermee in nog een laatste klus te doen, een experiment van een wetenschapper blijkt gevaarlijker dan hij dacht, een tiener ontdekt dat grote kracht gepaard moet gaan met grote verantwoordelijkheid ... ga zo maar door. Je kent ze wel: de films die best vermakelijk zijn als je ze ziet, waar je ook nog wel om kunt lachen, met karakters met wie je kunt meeleven, maar die je eigenlijk al weer bijna vergeten bent als je de bioscoop weer uitloopt. Soms blijven je nog wel scenes bij, of inventieve special effects, of grappige bijrolspelers, maar het verhaal heeft verder niets met je gedaan. Je bent er niet door tot nadenken gezet, je bent er niet door uitgedaagd, het heeft je hart niet veranderd. Het was ontspanning, niet meer. Ik kijk die films ook, want soms heb je behoefte aan niet meer dan ontspanning. Maar gelukkig komt er eens in de zoveel tijd een film voorbij die anders is. Die originele ideeƫn bevat. Die de hoofdpersonen voor interessante keuzes plaatst. Die vragen oproept over wat belangrijk is in het leven, wat het betekent mens te zijn, en of er niet meer is tussen hemel en aarde dan wordt gedroomd in onze filosofie (om met William S. te spreken). Films die zijn als een verfrissend bad, waardoor je niet in slaap wordt gesust (puur als ontspanning), maar waardoor je juist met een andere blik naar je leven en de mensen om je heen gaat kijken. Inception was vorig jaar zo'n film. The Matrix, The Truman Show, de meeste Pixar-films, The Lord of the Rings, Into the Wild ... om er een paar te noemen die mijn eigen denken en verbeelding hebben aangesproken.
De lijst is nu weer uitgebreid, en wel met The Adjustment Bureau, een film van George Nolfi, gebaseerd op een verhaal van Philip K. Dick (die vaker boeken schreef die tot nadenken stemden). Het is ten eerste een goed gemaakte film, die gedragen wordt door sympathieke acteurs, die bovendien een leuke chemie met elkaar hebben. Dat zorgt dat je als kijker in hun relatie investeert. Er zitten ook een aantal originele achtervolgingsscènes in, met elementen die aan de werken van Escher doen denken. En veel karakters dragen hoeden, wat ik alleen maar kan toejuichen. Maar vooral kreeg ik bij het kijken van deze film een prettige energie en een glimlach op mijn gezicht door het spel met voorbestemming en vrije wil, verwijzingen naar God en zijn bedoelingen, en de overwinning van een theologie van de liefde. Ik had toen ik de bioscoop uitkwam zin om over deze film te praten, en dat gebeurt me niet met elke film die ik kijk. Goed, als je langer over de film nadenkt ontdek je dat het wereldbeeld achter de film niet helemaal consistent is, dat de regels die de 'aanpassers' beperken niet zo goed doordacht zijn, en dat het niet zo duidelijk is waarom de hoofdpersonen nou eigenlijk voor elkaar kiezen. Je kunt niet alles hebben. Maar deze film beoogt zo wie zo niet antwoorden te geven, maar roept eerder vragen op. En die vragen blijven staan, ook al is het plot misschien niet zo helder als de filmmaker het wil doen voorkomen. Ik ga de film in elk geval zelf wel aanschaffen en zie ernaar uit hem vaker te zien en er met vrienden over te discussiëren.

The Adjustment Bureau is het verhaal van David Norris, die zich kandidaat heeft gesteld voor de senaatsverkiezingen. Maar omdat de verkiezingen in de Verenigde Staten nogal op imago gestoeld zijn, heeft een gelekte foto uit zijn studententijd tot gevolg dat hij verliest. In het toilet bereidt hij zijn verliezerstoespraak voor, maar hij weet niet dat hij wordt gadegeslagen door balletdanseres Elise. Hun wat ongemakkelijke ontmoeting, ontwikkelt zich al snel tot een flirt, en door haar opmerkingen geĆÆnspireerd kiest David ervoor tijdens zijn toespraak eens echt eerlijk te zijn. En dat blijkt voor zijn politieke carriĆØre de juiste beslissing.
De volgende dag ontmoet hij Elise toevallig opnieuw en zij geeft hem haar nummer. David heeft het gevoel dat zij de ware voor hem is. Maar zijn geluk is van korte duur. Als hij op kantoor komt treft hij een gezelschap vreemde mannen met hoeden, die zijn collega's lijken te hersenspoelen. Zelf krijgt hij te horen dat zijn ontmoeting met Elise geen deel uitmaakte van het 'plan' van hun 'Voorzitter'. Davids leven heeft een bedoeling en die komt niet tot vervulling als hij met haar een relatie aangaat. De agenten van het Adjustment Bureau vertellen hem dat hij haar uit het hoofd moet zetten (en ze verbranden haar telefoonnummer).
Vervolgens duurt het drie jaar voor David Elise weer ontmoet. En nu laat hij zich niet tegenhouden, hoe de agenten ook hun best doen zijn levenspad te beĆÆnvloeden. Het lijkt een onmogelijke strijd tegen bijna alwetende en alomtegenwoordige tegenspelers. Maar een van de agenten is met David gaan meeleven. En hij geeft hem het instrument in handen om de agenten van het bureau te omzeilen en zijn beklag te doen bij de voorzitter ...

Dit is een film met meerdere lagen. Hij bevat bijvoorbeeld interessante ideeĆ«n over engelen en hun beperkingen, waar ik nu niet op in kan gaan. En op een heel mooie manier wordt ontleed waar Davids gedrevenheid vandaan komt: hij ervaart een leegte in zijn binnenste, die hij uit alle macht probeert te vullen. Pas als hij met Elise is, voelt hij zich vol, voor het eerst in zijn leven. Ik moest denken aan het gat in de ziel waar Augustinus het al over had, dat alleen door God gevuld kan worden, en dat onrustig in ons is zolang we geen rust hebben gevonden in hem. In deze film kan een vrouw die leegte in de hoofdpersoon vullen. Dat geldt volgens mij in het echt niet - anders zouden er niet zoveel echtscheidingen zijn. Het is echter wel de Hollywoodmythe - waarbij menselijke liefde de plek inneemt van de liefde van God. Mijn favoriete filmcriticus Steven Greydanus noemt dit de belangrijkste beperking in het beeld dat deze film van God schetst: "The Chairman’s most important attribute, for the purposes of the story at least, is whatever he (or she) thinks of David and Elise’s love. The Chairman may be an agent of or an obstacle to human happiness; there is no indication that he might be the source and goal of human happiness — of all possible happiness of all possible creatures in all possible universes." De 'voorzitter' is in deze film een afstandelijk wezen, met een doel dat geen rekening houdt met de wensen van individuele mensen. Hij is de 'vivisector' waar C.S. Lewis over schrijft in A Grief Observed, een klinische God, op wie mensen niet kunnen vertrouwen. Maar goed, van mij hoeft een film niet een theologisch correct godsbeeld neer te zetten, anders zou ik ook de Narnia-films van dezelfde Lewis niet hoeven kijken. Jezus was immers niet werkelijk een leeuw, toch?

Waar ik deze filmbespreking vooral voor wil gebruiken, is als illustratie van de menselijke vrijheid, en het 'open' plan van God. Ik wil namelijk dit weekeinde mijn vierde stuk schrijven over de 'pijl van de tijd' en dan hoef ik daarin dit niet meer te herhalen. In feite gaat deze film namelijk over dezelfde vraag als mijn artikelen, namelijk: ligt alles wat er gebeurt al van tevoren vast, en hebben onze keuzes geen werkelijke betekenis, of zijn wij vrij om te kiezen en neemt God onze vrije keuzes op in zijn creatieve plan om zijn koninkrijk te realiseren?
Hoofdpersoon David dacht altijd dat wat hij deed zijn eigen keuzes waren. Maar het blijkt dat hij (zonder het te weten) een nauwkeurig uitgestippeld plan volgt. Eigenlijk is van te voren bekend wat hij gaat doen en wat voor invloed hij in de wereld zal hebben. De agenten van het Adjustment Bureau vertellen hem dat hij alleen de illusie heeft van een vrije wil. En ze hebben natuurlijk voor een groot deel gelijk. We denken allemaal dat we vrij zijn om te kiezen wat we willen, maar in feite worden onze keuzes voor een groot deel bepaald door onze omstandigheden. Bijvoorbeeld door onze opvoeding, door onze cultuur, door wat we eten en drinken, door chemische stoffen in onze hersenen, door onbewuste patronen. Om een eenvoudig voorbeeld te geven: ik ben niet vrij om iemand aan te spreken op een symposium. Dat probeerde ik vanmiddag, maar mijn verlegenheid hield me tegen, en ik wachtte net zo lang tot er ook geen gelegenheid meer was. Een groot deel van mijn beslissingen is erg goed te voorspellen. Ik geloof dat deze onvrijheid niet Gods bedoeling was met mensen, maar het gevolg is van de keuze van mensen om zichzelf op de eerste plaats te zetten en 'als God' te willen zijn. De zelfzucht van mensen, die eigenlijk afgodendienst is, maakt ze tot slaven. Slaven van begeerte, slaven van angst, slaven van de macht van andere mensen. De leegte in ons hart is een slavendrijver die ons nooit tot rust laat komen, zoals bij David het geval is. De vrije wil die God mensen gegeven had (waarvan het verhaal in Genesis 3 volgens mij een mooi beeld is) leidde door de keuze voor onvrijheid tot de ondergang. Deze film herkent dit, want volgens de agenten van het bureau probeerde de Voorzitter de mensheid al eerder vrijheid te geven, maar dat leidde tot de donkere middeleeuwen, en een latere poging leidde tot de eerste wereldoorlog, nazisme, de atoombom en de Cubaanse crisis. De mens, aan zichzelf overgelaten, zal zichzelf vernietigen, omdat hij niet vrij is. Maar deze gebondenheid van onze wil is een moreel kwaad, het is niet hoe we als mensen geschapen zijn. We zijn geschapen als beelddragers van God, die (zij het op een beperkte schaal) kunnen kiezen. Wij zijn in staat om ons een voorstelling te maken van een toekomstige situatie, te bepalen welke stappen ervoor nodig zijn om die te bereiken, en vervolgens in actie te komen, zelfs al is onze keuzevrijheid beperkt door onze omstandigheden en onze geschiedenis, en worden we belemmerd door drang naar veiligheid en makkelijke oplossingen die het gevolg is van onze zelfzucht. We zijn personen die werkelijk betekenis hebben, die de machten achter de schermen verbaasd kunnen doen staan.

Niet alles ligt dus vast vanaf de grondlegging van de wereld. Niet in de materialistische betekenis - waarbij alles wordt veroorzaakt door de keten van bewegingen van atomen die in gang is gezet bij de oerknal. En niet in de religieuze, Calvinistische betekenis - waarbij alles wat gebeurt door God en alleen door God gewild is, en de wil van God zelfs bepaald welke mensen behouden worden en welke mensen verloren gaan.  Beide zijn mechanistisch. Greg Boyd schrijft in een blogbericht: "Determinists argue that everything is predetermined, despite all appearances to the contrary. What is disputable, however, is the claim that every cause necessitates one, and only one, effect. There’s nothing in the nature of causation itself that says Y must always follow X. So there’s no basis for the assumption that “Given X, Y had to happen, and only Y could happen.
Greg Boyd pleit ervoor dat we het universum niet meer gaan zien als een mechanisme (of het nu een mechanisme is dat uit zichzelf is gaan aflopen, of een dat volledig door God bestuurd wordt), maar als een kunstwerk. Dat is: iets dat door de grote Kunstenaar tot aanschijn wordt geroepen, wordt gekneed uit het rauwe materiaal van de chaos, wordt gehouwen uit het oorspronkelijke rotsblok. Het beeld van het universum als kunstwerk veronderstelt een andere relatie tussen God en het heelal. Niet controlerend, als een computerprogrammeur, maar persoonlijk en dynamisch. De kunstenaar heeft een plan, een doel, waar hij naar toe werkt. Maar hij laat zich soms verrassen door het materiaal waar hij mee werkt. Een beeldhouwer gebruikt een breuklijn in de steen om zijn werk te verfraaien, een schilder verwerkt een verfklodder in het uiteindelijke ontwerp, en een schrijver merkt dat zijn romanpersonages een eigen leven gaan leiden, maar werkt uiteindelijk wel toe naar een bevredigend einde. De kunstenaar verwerkelijkt zijn visie door een interactieve relatie met zijn materiaal. Net zo, zegt Greg Boyd in zijn bespreking van deze film, zijn de vrije keuzes van mensen het materiaal dat God gebruikt om zijn grote Kunstwerk te realiseren.
Dat wij een vrije wil hebben en keuzes kunnen maken die niet van te voren vast liggen, sluit dus niet uit dat er een kosmisch plan bestaat - "and a rather meticulous plan at that! It just means the plan must incorporate the possible free decisions of others and thus must be, within limits, flexible. A “chairman” (God) who was smart enough could have a personal, moment-by-moment plan for every one of his creations as well as a plan that assures his overall objectives for creation will be attained while yet granting free will to agents and thus while facing a partly open future." Wat Greg Boyd voorstaat wordt wel eens 'open theĆÆsme' genoemd. Hij gaat ervan uit dat de toekomst niet vastligt (want anders zouden onze keuzes geen werkelijke betekenis hebben). Dat betekent niet dat God de toekomst niet kent en dus minder zou zijn dan alwetend. Het betekent dat God alle mogelijke toekomsten kent. Hij kent alle consequenties van alle mogelijke keuzes. En hij speelt er actief op in, verandert zijn plan, wijkt af van zijn bedoeling, kortom: hij reageert op de keuzes van zijn schepselen. Hij laat zich verrassen door zijn materiaal. Maar dat betekent niet dat hij zijn visioen, zijn plan, niet zal verwerkelijken. Hoe kan het anders? Anders zou hij God niet zijn.

Maar waarom gunt God ons die vrijheid, die mogelijkheid om keuzes te maken waar hij op moet reageren? “Everything is a kind of test,” suggereert iemand aan het einde van de film. Dat geldt voor mensen als David en Elise. Het geldt ook voor de 'Agenten' in deze film, die zelf ook vrij zijn om te kiezen. Net als engelen, trouwens. Greg Boyd schrijft: "In the context of this movie – and, I believe, in the context of sound theology – this doesn’t mean every event is orchestrated by God to be a test. Rather, each event that impacts us presents us with a choice of how we will respond to it. This is the ultimate test: will we choose to love, even if doing so means we must defy [apparent] fate and court disaster?" Dat is waar het in het slot om blijkt te draaien: kiezen de karakters ervoor elkaar lief te hebben? Kiest David voor Elise? Kiest de agent Harry te doen wat goed is voor David? De keuze voor de liefde - wat in feite een keuze is voor iets of iemand buiten jezelf, boven de eigenliefde - is wat ons vrijmaakt.
Maar als onze vrijheid beperkt is, als we als gevolg van onze gebrokenheid een leegte in ons hart hebben, een innerlijke onrust, waardoor we steeds voor onszelf kiezen, zijn we dan in staat om werkelijk lief te hebben? Zolang David van binnen leeg was, voltooide hij stap voor stap het plan dat het Adjustment Bureau voor hem had - zijn weg naar de top. Pas als de leegte in hem is opgevuld is hij vrij om zijn eigen keuzes te maken. Hij is pas vrij om lief te hebben, om voor Elise te kiezen, als hij zelf geliefd is. Geliefd worden is de enige manier om te ontsnappen uit de gebondenheid van de wil, de onvrijheid van de zelfzucht. Misschien ligt daar de kern van de vrijheid die wij als gebonden mensen hebben. De enige keuze die we kunnen maken in onze toestand van gevangenschap is misschien wel om ons te laten liefhebben, om ons open te stellen voor de onvoorwaardelijke liefde van God - het enige wat de leegte in ons kan vullen. En als we door die liefde gevuld zijn, dan zijn we vrij om zelf lief te hebben, God boven alles en onze naaste als onszelf. Dat is echte vrijheid.