Vijf nieuwe planeten om andere sterren! En een planeet die maar vijf keer zo zwaar is als de aarde (de lichtste exoplaneet ooit gevonden), met een oppervlak van lava, en waarschijnlijk een overblijfsel van een gasplaneet!
Er waren vroeger meren op Mars. Een mooie plek om naar leven te zoeken later.
Chimpansees kunnen cultuur aan elkaar overdragen. Ze gebruiken stokken of sponzen van bladeren om aan honing te komen.
Goed advies van blog The Thinklings: je hoeft je niet schuldig te voelen als je uitrust. Voor sommigen is dat vanzelfsprekend, maar ik moet mezelf daar nog vaak aan herinneren.
De top tien films van Jeffrey Overstreet. Eigenlijk moet ik ze allemaal nog kijken!
De vierde bijdrage van Tim Stafford over wetenschap en geloof en het blijkt dat evolutie wel eens iets zou kunnen zeggen over de werkwijze van God, namelijk dat hij niet een ingenieur is die iets als de giraffennek uittekent en vervolgens opbouwt, maar meer een kunstenaar die met de beschikbare materialen werkt aan iets moois. "Evolution is not simply the story of chance. It is the story of chance operating within the laws of physical necessity. That necessity is astonishingly finely tuned."
In online comic PvP wordt mijn favoriete strip Calvin and Hobbes op de hak genomen. Kijk ook de volgende afleveringen!
En N.T. Wright, wiens boek Surprised by Hope tot mijn favorieten behoort, komt dit jaar met een nieuw boek: After You Believe. Why Christian Character Matters. Ik heb het direct op mijn lijstje gezet. Hier is een interview met deze Anglicaanse bisschop. Het boek blijkt ook aan te sluiten bij mijn serie over hemel en hel (dat deels is gebaseerd op Surprised by Hope): "Once one has grasped that the ultimate goal of the Christian life is not going to heaven or something like that, but rather being God’s Royal Priesthood in the new heavens/new earth, the idea of the virtues can be reworked as the character-strengths we need in order to anticipate, in the present time, that ultimate vocation in the future."
donderdag 7 januari 2010
woensdag 6 januari 2010
Boekbespreking: The Search for the Red Dragon
Soms ligt de lol van boeken niet in de eerste plaats in hun eigen verhaal, maar vooral in de liefde die ze oproepen voor verhalen in het algemeen. Dit geldt voor Here, There be Dragons van James A. Owen, dat ik al eerder besprak, en al helemaal voor het vervolg: The Search for the Red Dragon. Bijna elke pagina zat ik te genieten van verwijzingen naar schrijvers, mythen, echte geschiedenis en sprookjes die op originele en overtuigende manieren waren samengevoegd en uitgebreid, en me te verwonderen over de vele verwijzingen die ik (nog) niet kende. Mijn kennis van de klassieken schiet duidelijk nog tekort. Vooral van Charles Williams moet ik nodig het een en ander gaan lezen! Dit zijn boeken die je eraan herinneren hoe geweldig boeken eigenlijk zijn, hoe mooi (en tegelijk gevaarlijk) het is om betoverd te worden door een fantastische wereld en welke kracht er schuilt in een goed verteld verhaal. Dit boek is een van die toverspreuken waar C.S. Lewis het over had, die ons kunnen helpen bevrijden van de vloek van de wereldgelijkvormigheid die over ons ligt. Ze kunnen langs de alerte draken van het cynisme van de moderne tijd glippen om onze ogen te openen voor de waarheid. Ze kunnen ons weer in contact brengen met het kind in ons hart, dat daadwerkelijk geloofde in waarheid, schoonheid en liefde. Een eigenschap die een mens nooit zou mogen kwijtraken. Jezus zei het zelf: 'Wie niet wordt als een kind, kan mijn koninkrijk niet binnengaan.'
Wie zijn hart sluit voor de wereld om hem heen, voor de mensen die hem omringen, voor de God die naar hem op zoek is, wie het kind in zichzelf tot zwijgen brengt, verliest iets wat hem of haar mens deed zijn. Hij of zij is mechanisch geworden. Een schaduw van de persoon die hij of zij was bedoeld te zijn. En vaak is deze persoon er vervolgens op uit ook anderen van hun kinderlijke openheid en enthousiasme te beroven. De enige hoop die er voor hem of haar is, bestaat eruit in contact te komen met het ware, het mooie en het liefdevolle, en zich daardoor weer in een kind te laten veranderen.
In Lewis' verhalen wordt altijd wantrouwend gedaan over de personen die graag snel volwassen willen worden. Hij legt uit waarom: "Critics who treat "adult" as a term of approval, instead of as a merely descriptive term, cannot be adults themselves. To be concerned about being grown up, to admire the grown up because it is grown up, to blush at the suspicion of being childish; these things are the marks of childhood and adolescence.... When I was ten, I read fairy tales in secret and would have been ashamed if I had been found doing so. Now that I am fifty, I read them openly. When I became a man, I put away childish things, including the fear of childishness and the desire to be very grown up."
Het is trouwens niet vreemd om Lewis aan te halen in een recensie van dit verhaal, want hij is er een van de hoofdpersonen in. En een van de dingen die hij meemaakt lijkt door dit citaat geinspireerd te zijn. Het hele voorbeeld dat ik gebruikte, van kind worden, mechanisch worden en een schaduw worden, valt in deze boekbespreking niet uit de toon, want het komt zelf uit het verhaal!
Er zijn negen jaar verstreken sinds hun avonturen in de Droomarchipel. Jack (Lewis) vraagt John (J.R.R. Tolkien) en Charles (Williams) om bij hem langs te komen. Hij heeft namelijk last van nachtmerries, deels ingegeven door zijn ervaringen in de eerste wereldoorlog, maar deels met een verbinding met de wereld van de verhalen. Wanneer de vrienden voor het eerst in jaren bij elkaar zijn, ontdekken ze in de tuin van Lewis' buitenhuis een meisje met mechanische vleugels. Zij zoekt echter niet hen, maar de vorige bewaker van de Imaginarium Geographica, James Barry, ook wel bekend als de auteur van Peter Pan. Dat boek blijkt te zijn gebaseerd op echte gebeurtenissen en Jamies jeugdvriend blijkt in moeilijkheden. Door de hele droomarchipel heen blijken er kinderen te zijn verdwenen. Ook de legendarische drakenschepen lijken in het niets te zijn opgegaan. En er zijn mysterieuze aanwijzingen dat er in het verleden iets grondig is misgegaan, waardoor de geschiedenis nu aan het ontrafelen is. Met de hulp van hun oude vriend Bert (bij ons beter bekend als de sciencefictionschrijver H.G. Wells) reizen de drie terug naar de droomarchipel. Daar volgen ze een kruimelspoor van aanwijzingen (een sprookjesallusie is hier op zijn plaats) uit de geschiedenis en de literatuur naar de binnenwereld en de 'verloren jongens'.
Ik heb erg genoten van dit snel vertelde en spannende verhaal. Was het plot van het vorige deel nog enigszins standaard (boosaardige macht met groot leger alleen te overwinnen door magisch voorwerp), hier is het werkelijk onvoorspelbaar. Helaas volgen de gebeurtenissen elkaar soms wel erg snel op, en wordt een groot deel van het boek gevormd door verklaringen. Het ene na het andere karakter moet uitleg geven over de volken, personen en gebeurtenissen die voorbij komen. Dat kan afleiden van de kern, maar voor mij als liefhebber van obscure verwijzingen en verbanden tussen uiteenlopende onderwerpen, was het behoorlijk interessant. Zo komen Jason en de Argonauten, Daedalus en Orpheus voorbij uit de Griekse mythologie, de gele weg en de vliegende apen van Oz, de middeleeuwse Roger Bacon, de kinderkruistocht, de verdwenen Engelse kolonie van Roanoke en Amelia Earhart, de boeken van Dante over de negen cirkels van de hel, met suggesties van Roodkapje en Sneeuwwitje, een betoverde kleerkast en de mysteries van tijdreizen. Je zou er duizelig van worden.
De karakterontwikkeling is in dit geval duidelijk ondergeschikt aan de mythologie van de wereld, maar er komen interessante feiten boven over Charles en Jack. Wat in het eerste deel nog een historische fout leek (wie er met de naam Jack kwam) is in dit verhaal een belangrijk plotonderdeel. Ook het feit dat John en Charles beiden een gezin hebben komt aan bod, dat Jack zorgde voor de moeder van een vriend van hem wordt genoemd, en dat hij zelf nog vrijgezel was. Voor wie de film Finding Neverland heeft gezien was ook de beschrijving van James Barry (en de reden van zijn afscheid van de droomarchipel) ontroerend. Ook de christelijke achtergrond van in elk geval Charles en John ten tijde van dit verhaal wordt aangestipt. Het maakt me benieuwd naar boek 3 (The Indigo King) waarin, naar wat ik op internet heb gelezen, de bekering van Lewis tot het christelijke geloof een belangrijke rol speelt.
Wie zijn hart sluit voor de wereld om hem heen, voor de mensen die hem omringen, voor de God die naar hem op zoek is, wie het kind in zichzelf tot zwijgen brengt, verliest iets wat hem of haar mens deed zijn. Hij of zij is mechanisch geworden. Een schaduw van de persoon die hij of zij was bedoeld te zijn. En vaak is deze persoon er vervolgens op uit ook anderen van hun kinderlijke openheid en enthousiasme te beroven. De enige hoop die er voor hem of haar is, bestaat eruit in contact te komen met het ware, het mooie en het liefdevolle, en zich daardoor weer in een kind te laten veranderen.
In Lewis' verhalen wordt altijd wantrouwend gedaan over de personen die graag snel volwassen willen worden. Hij legt uit waarom: "Critics who treat "adult" as a term of approval, instead of as a merely descriptive term, cannot be adults themselves. To be concerned about being grown up, to admire the grown up because it is grown up, to blush at the suspicion of being childish; these things are the marks of childhood and adolescence.... When I was ten, I read fairy tales in secret and would have been ashamed if I had been found doing so. Now that I am fifty, I read them openly. When I became a man, I put away childish things, including the fear of childishness and the desire to be very grown up."
Het is trouwens niet vreemd om Lewis aan te halen in een recensie van dit verhaal, want hij is er een van de hoofdpersonen in. En een van de dingen die hij meemaakt lijkt door dit citaat geinspireerd te zijn. Het hele voorbeeld dat ik gebruikte, van kind worden, mechanisch worden en een schaduw worden, valt in deze boekbespreking niet uit de toon, want het komt zelf uit het verhaal!
Er zijn negen jaar verstreken sinds hun avonturen in de Droomarchipel. Jack (Lewis) vraagt John (J.R.R. Tolkien) en Charles (Williams) om bij hem langs te komen. Hij heeft namelijk last van nachtmerries, deels ingegeven door zijn ervaringen in de eerste wereldoorlog, maar deels met een verbinding met de wereld van de verhalen. Wanneer de vrienden voor het eerst in jaren bij elkaar zijn, ontdekken ze in de tuin van Lewis' buitenhuis een meisje met mechanische vleugels. Zij zoekt echter niet hen, maar de vorige bewaker van de Imaginarium Geographica, James Barry, ook wel bekend als de auteur van Peter Pan. Dat boek blijkt te zijn gebaseerd op echte gebeurtenissen en Jamies jeugdvriend blijkt in moeilijkheden. Door de hele droomarchipel heen blijken er kinderen te zijn verdwenen. Ook de legendarische drakenschepen lijken in het niets te zijn opgegaan. En er zijn mysterieuze aanwijzingen dat er in het verleden iets grondig is misgegaan, waardoor de geschiedenis nu aan het ontrafelen is. Met de hulp van hun oude vriend Bert (bij ons beter bekend als de sciencefictionschrijver H.G. Wells) reizen de drie terug naar de droomarchipel. Daar volgen ze een kruimelspoor van aanwijzingen (een sprookjesallusie is hier op zijn plaats) uit de geschiedenis en de literatuur naar de binnenwereld en de 'verloren jongens'.
Ik heb erg genoten van dit snel vertelde en spannende verhaal. Was het plot van het vorige deel nog enigszins standaard (boosaardige macht met groot leger alleen te overwinnen door magisch voorwerp), hier is het werkelijk onvoorspelbaar. Helaas volgen de gebeurtenissen elkaar soms wel erg snel op, en wordt een groot deel van het boek gevormd door verklaringen. Het ene na het andere karakter moet uitleg geven over de volken, personen en gebeurtenissen die voorbij komen. Dat kan afleiden van de kern, maar voor mij als liefhebber van obscure verwijzingen en verbanden tussen uiteenlopende onderwerpen, was het behoorlijk interessant. Zo komen Jason en de Argonauten, Daedalus en Orpheus voorbij uit de Griekse mythologie, de gele weg en de vliegende apen van Oz, de middeleeuwse Roger Bacon, de kinderkruistocht, de verdwenen Engelse kolonie van Roanoke en Amelia Earhart, de boeken van Dante over de negen cirkels van de hel, met suggesties van Roodkapje en Sneeuwwitje, een betoverde kleerkast en de mysteries van tijdreizen. Je zou er duizelig van worden.
De karakterontwikkeling is in dit geval duidelijk ondergeschikt aan de mythologie van de wereld, maar er komen interessante feiten boven over Charles en Jack. Wat in het eerste deel nog een historische fout leek (wie er met de naam Jack kwam) is in dit verhaal een belangrijk plotonderdeel. Ook het feit dat John en Charles beiden een gezin hebben komt aan bod, dat Jack zorgde voor de moeder van een vriend van hem wordt genoemd, en dat hij zelf nog vrijgezel was. Voor wie de film Finding Neverland heeft gezien was ook de beschrijving van James Barry (en de reden van zijn afscheid van de droomarchipel) ontroerend. Ook de christelijke achtergrond van in elk geval Charles en John ten tijde van dit verhaal wordt aangestipt. Het maakt me benieuwd naar boek 3 (The Indigo King) waarin, naar wat ik op internet heb gelezen, de bekering van Lewis tot het christelijke geloof een belangrijke rol speelt.
Labels:
boeken,
verbeelding,
verlangen
dinsdag 5 januari 2010
Hemel en hel 5: de grens van Gods liefde
De beschrijving die vaak wordt gegeven van de hemel, met witte wolken, engelenvleugels, een harp, en een poort waardoor je binnen moet komen, is een middeleeuwse mythe, maar komt niet overeen met de hoop die de bijbel beschrijft voor wie op God vertrouwt. De bijbel spreekt wel over de troonzaal van God (waar in Openbaringen de oudsten en de engelen God lof brengen), maar dat is niet onze eeuwige woonplaats. De toekomst die de bijbel beschrijft is de komst van het Koninkrijk van God, en het daarbij horende herstel van onze werkelijkheid. Alles wat niet aan de wil van God gehoorzaamt, zal als door vuur vergaan, zegt de bijbel, en een vernieuwde hemel en een vernieuwde aarde zullen overblijven ('waar gerechtigheid heerst'). In deze wereld zullen wij leven in vernieuwde lichamen, we zullen er als koningen heersen en genieten van al het goede van de bedoeling van God.
Daarmee samenhangend is het algemeen aanvaarde beeld van de hel misschien ook niet helemaal bijbels. Een plek van vlammen, waar rode duiveltjes met drietanden de zondaars martelen, komt niet voor in de bijbel. Sterker nog, als er wordt gesproken over de hel, is dat juist een plek die is gemaakt voor de duivel en zijn engelen (en niet in eerste instantie voor de mensen). Deze plek wordt ook de tweede dood genoemd. Jezus gebruikt in zijn gelijkenissen soms beelden uit de Joodse traditie, over een plek waar mensen door vlammen pijn lijden (de rijke man en de arme lazarus). Maar de boodschap daarvan ging niet over de theologie van hemel en hel, maar over het verschil tussen armen en rijken. Beelden uit andere gelijkenissen helpen wel. Daarbij beschrijft Jezus de buitenste duisternis ('waar geween is en tandengeknars') waar degenen terechtkomen die niet bij het bruiloftsfeest binnenkomen. Het is wat overblijft buiten het koninkrijk van God, dat alomvattend zal zijn, en dat is niet veel. Er is geen licht buiten Gods koninkrijk, geen betekenis, geen vrijheid, geen persoonlijkheid, geen leven. Het is de tweede dood.
Dit is een van die leerstellingen die lijkt in te gaan tegen onze moderne gevoeligheden. Kun je blijven volhouden dat er mensen voor altijd verloren gaan? Is het niet veel aardiger als blijkt dat uiteindelijk iedereen gered wordt? Het kan niet zo zijn dat ook maar iemand zo'n lot verdient ... Maar zoals ik al schreef, is ons beeld van wat rechtvaardigheid en liefde is wellicht vervormd door onze zelfzuchtige instelling.(Aan de andere kant willen sommige gelovigen veel te graag dat mensen (vooral degenen die anders denken dan zij) naar de hel gaan, denk aan de 'God hates fags'-kerk in de VS. Ook zij doen aan 'wishful thinking'.)
Er zijn twee vragen die we op dit vlak moeten beantwoorden. Ten eerste: is God rechtvaardig als hij iemand voor altijd naar de hel stuurt? Mensen zijn namelijk beperkte wezens (we zijn niet almachtig) en dus zijn onze overtredingen ook beperkt. Een onbeperkte straf staat daarmee buiten verhouding. Mijn antwoord daarop is dat we God niet moeten zien als een rechter die straffen uitdeelt. We moeten de gevolgen van onze opstand tegen God zien als een onafwendbare consequentie: wie zichzelf tot God maakt, wie kiest voor controle of passiviteit, keert zijn rug naar God toe en bevindt zich buiten het koninkrijk van God. Volgens de bijbel is voor afgodendienst, hebzucht en andere vormen van controle geen plaats in het koninkrijk van God. En wat je buiten het koninkrijk van God ervaart, is de dood. Als God de enige echte bron van leven is, en wij snijden ons daar door onze daden vanaf (bijvoorbeeld door andere mensen pijn te doen, of op andere manieren te beschadigen), dan verschrompelen en verdorren we. Wie zichzelf tot God maakt (bijvoorbeeld door alleen te leven voor de bevrediging van zijn eigen verlangens), wordt zelf het centrum van zijn universum. Maar daar zijn wij mensen veel te klein voor en dus raken we ingeperkt, bekrompen, verstikt. Dat zien we al in dit leven, bijvoorbeeld in verslavingen. We denken dat het ons recht is zelf onze behoeften te bevredigen, maar daarmee verliezen we onze vrijheid.
Het goede nieuws is dat het werk van Jezus voor ons allemaal de gevolgen van de zonde heeft opgeheven. We zijn allemaal ingesloten in zijn dood en opstanding. Daarmee is het Koninkrijk van God voor ons allemaal beschikbaar gekomen. In ons leven kan de wil van God gebeuren. We kunnen de vrijheid van de kinderen van God ontvangen. Niemand hoeft buiten het feest te blijven, sterker nog, iedereen heeft er vrij toegang toe! Maar we moeten dat geschenk wel willen accepteren. Het vereist van ons een keuze.
Dit hangt samen met de tweede vraag die we moeten beantwoorden, namelijk of een God die liefde is (niet alleen maar die liefheeft, maar die in zijn diepste relationele wezen Liefde is) mensen naar de hel zou kunnen laten gaan. Het argument wordt bijvoorbeeld hier aangevoerd: omdat God liefde is, en al zijn keuzes en al zijn handelingen dus noodzakelijk in overeenstemming moeten zijn met zijn liefde, zal Hij er uiteindelijk voor zorgen dat ieder mens in de hemel terechtkomt.
Dit klinkt heel overtuigend. Ik ben er zeker van overtuigd dat we erop kunnen vertrouwen dat al Gods keuzes voortkomen uit zijn liefde. Wat hij doet is altijd volmaakt liefdevol. Dat is ook de enige reden dat we op Hem kunnen vertrouwen. Hij is niet onvoorspelbaar, hij zal niet boos tegen ons uitvallen, hij mishandelt ons niet. Hij is goed. Sterker nog, als we dat ten diepste geloven, onze hoop erop vestigen dat God van ons houdt, zijn we gered! Dat is namelijk wat het betekent op God te vertrouwen.
Maar Gods liefde betekent tegelijkertijd dat Hij mensen niet ergens toe zal dwingen wat ze niet willen. Hij zal onze persoonlijkheid niet overmeesteren. Hij zal ons niet van onze vrijheid beroven. Als hij mensen die consequent tegen hem blijven kiezen, zou veranderen zodat ze wel voor hem zouden kiezen, zouden ze niet meer zichzelf zijn. Dan zouden ze niet meer de mensen zijn die Hij liefheeft. Dan zouden het feitelijk robots zijn geworden. En God zou dan iemand zijn als 'Big Brother' in 1984: de macht die met geweld de weerstand van Winston breekt, zodat hij uiteindelijk 'Big Brother' liefheeft. Maar het is ook duidelijk dat Winston niet meer de moedige man was van daarvoor.
Wat de grenzen van Gods liefde zijn wordt door Jezus weergegeven in de gelijkenis van de verloren zoon. Ik heb het nu niet over de jongste zoon, die bij de varkens zat. Hij keerde namelijk van die varkens terug naar de vader, die al met open armen op hem stond te wachten. Hij accepteerde het feit dat de vader onvoorwaardelijk van hem hield en liet zich op het feest ter zijner ere verwelkomen. Ik heb het over de oudste zoon. Hij blijft buiten het feest. De vader zoekt hem op en vraagt hem waarom hij niet binnen wil komen. "Ik heb altijd voor u gewerkt, maar u hebt me net eens een bokje gegeven om met mijn vrienden feest te vieren", klaagt hij. De vader antwoordt: "Al het mijne is het uwe!" De zegen van de vader was al voor hem, als hij het maar wilde accepteren. De oudste zoon wilde echter beloond worden voor zijn harde werken. Hij wilde het zelf verdienen. Hij wilde niet een onvoorwaardelijk geschenk krijgen, hij wilde zelf de controle houden. En dus, uit zijn eigen keuze, bleef hij buiten het feest. Het verhaal zegt niet hoe het afloopt, maar er is ook geen aanwijzing dat deze man op zijn keuze terugkomt.
Interessant genoeg (en daar snijdt dit verhaal in het vlees van te religieuze mensen, zoals ik) is het hier dus niet de 'goede' zoon die het feest binnenkomt, niet degene die zo hard zijn best doet, die nooit uit de band springt, die recht heeft op de hemel. Het is de nietsnut, die het geld van zijn vader verkwistte bij de hoeren en later bij de onreine dieren zat, die zomaar binnen mag komen. Omdat hij zich door de vader liet liefhebben. Omdat hij zijn trots opzij zette, zijn controle en oordeel liet varen, en zich liet omarmen.
Dat God liefde is, betekent dat hij mensen altijd de vrijheid zal laten te kiezen, voor of tegen hem. En hij zal die keuze respecteren, ook al betekent het dat iemand voor altijd buiten de vreugde van het koninkrijk blijft.
Zoals vaker weet C.S. Lewis het weer beter te zeggen in Mere Christianity: "I would pay any price to be able to say truthfully 'All will be saved'. But my reason retorts, 'Without their will, or with it'? In fact, God has paid the price, and herein lies the real problem: so much mercy, yet still there is hell. God can't condone evil, forgiving the wilfully unrepentant. Lost souls have their wish - to live wholly in the Self, and to make the best of what they find there. And what they finds there is hell ... Does the ultimate loss of a soul mean the defeat of Omnipotence? In a sense, yes. The damned are successful rebels to the end, enslaved within the horrible freedom they have demanded. The doors of hell are locked on the inside. In the long run, objectors to the doctrine of hell must answer this question: What are you asking God to do? To wipe out their past sins, and at all costs to give them a fresh start, smoothing every difficulty, and offering every miraculous help? But he has done so - in the life and death of his Son. To forgive them? They will not be forgiven. To leave them alone? Alas, that is what he does."
In de volgende (nu echt de laatste) aflevering wil ik nagaan hoe onze verwachting van de goede toekomst van God ons leven nu kan beinvloeden.
Daarmee samenhangend is het algemeen aanvaarde beeld van de hel misschien ook niet helemaal bijbels. Een plek van vlammen, waar rode duiveltjes met drietanden de zondaars martelen, komt niet voor in de bijbel. Sterker nog, als er wordt gesproken over de hel, is dat juist een plek die is gemaakt voor de duivel en zijn engelen (en niet in eerste instantie voor de mensen). Deze plek wordt ook de tweede dood genoemd. Jezus gebruikt in zijn gelijkenissen soms beelden uit de Joodse traditie, over een plek waar mensen door vlammen pijn lijden (de rijke man en de arme lazarus). Maar de boodschap daarvan ging niet over de theologie van hemel en hel, maar over het verschil tussen armen en rijken. Beelden uit andere gelijkenissen helpen wel. Daarbij beschrijft Jezus de buitenste duisternis ('waar geween is en tandengeknars') waar degenen terechtkomen die niet bij het bruiloftsfeest binnenkomen. Het is wat overblijft buiten het koninkrijk van God, dat alomvattend zal zijn, en dat is niet veel. Er is geen licht buiten Gods koninkrijk, geen betekenis, geen vrijheid, geen persoonlijkheid, geen leven. Het is de tweede dood.
Dit is een van die leerstellingen die lijkt in te gaan tegen onze moderne gevoeligheden. Kun je blijven volhouden dat er mensen voor altijd verloren gaan? Is het niet veel aardiger als blijkt dat uiteindelijk iedereen gered wordt? Het kan niet zo zijn dat ook maar iemand zo'n lot verdient ... Maar zoals ik al schreef, is ons beeld van wat rechtvaardigheid en liefde is wellicht vervormd door onze zelfzuchtige instelling.(Aan de andere kant willen sommige gelovigen veel te graag dat mensen (vooral degenen die anders denken dan zij) naar de hel gaan, denk aan de 'God hates fags'-kerk in de VS. Ook zij doen aan 'wishful thinking'.)
Er zijn twee vragen die we op dit vlak moeten beantwoorden. Ten eerste: is God rechtvaardig als hij iemand voor altijd naar de hel stuurt? Mensen zijn namelijk beperkte wezens (we zijn niet almachtig) en dus zijn onze overtredingen ook beperkt. Een onbeperkte straf staat daarmee buiten verhouding. Mijn antwoord daarop is dat we God niet moeten zien als een rechter die straffen uitdeelt. We moeten de gevolgen van onze opstand tegen God zien als een onafwendbare consequentie: wie zichzelf tot God maakt, wie kiest voor controle of passiviteit, keert zijn rug naar God toe en bevindt zich buiten het koninkrijk van God. Volgens de bijbel is voor afgodendienst, hebzucht en andere vormen van controle geen plaats in het koninkrijk van God. En wat je buiten het koninkrijk van God ervaart, is de dood. Als God de enige echte bron van leven is, en wij snijden ons daar door onze daden vanaf (bijvoorbeeld door andere mensen pijn te doen, of op andere manieren te beschadigen), dan verschrompelen en verdorren we. Wie zichzelf tot God maakt (bijvoorbeeld door alleen te leven voor de bevrediging van zijn eigen verlangens), wordt zelf het centrum van zijn universum. Maar daar zijn wij mensen veel te klein voor en dus raken we ingeperkt, bekrompen, verstikt. Dat zien we al in dit leven, bijvoorbeeld in verslavingen. We denken dat het ons recht is zelf onze behoeften te bevredigen, maar daarmee verliezen we onze vrijheid.
Het goede nieuws is dat het werk van Jezus voor ons allemaal de gevolgen van de zonde heeft opgeheven. We zijn allemaal ingesloten in zijn dood en opstanding. Daarmee is het Koninkrijk van God voor ons allemaal beschikbaar gekomen. In ons leven kan de wil van God gebeuren. We kunnen de vrijheid van de kinderen van God ontvangen. Niemand hoeft buiten het feest te blijven, sterker nog, iedereen heeft er vrij toegang toe! Maar we moeten dat geschenk wel willen accepteren. Het vereist van ons een keuze.
Dit hangt samen met de tweede vraag die we moeten beantwoorden, namelijk of een God die liefde is (niet alleen maar die liefheeft, maar die in zijn diepste relationele wezen Liefde is) mensen naar de hel zou kunnen laten gaan. Het argument wordt bijvoorbeeld hier aangevoerd: omdat God liefde is, en al zijn keuzes en al zijn handelingen dus noodzakelijk in overeenstemming moeten zijn met zijn liefde, zal Hij er uiteindelijk voor zorgen dat ieder mens in de hemel terechtkomt.
Dit klinkt heel overtuigend. Ik ben er zeker van overtuigd dat we erop kunnen vertrouwen dat al Gods keuzes voortkomen uit zijn liefde. Wat hij doet is altijd volmaakt liefdevol. Dat is ook de enige reden dat we op Hem kunnen vertrouwen. Hij is niet onvoorspelbaar, hij zal niet boos tegen ons uitvallen, hij mishandelt ons niet. Hij is goed. Sterker nog, als we dat ten diepste geloven, onze hoop erop vestigen dat God van ons houdt, zijn we gered! Dat is namelijk wat het betekent op God te vertrouwen.
Maar Gods liefde betekent tegelijkertijd dat Hij mensen niet ergens toe zal dwingen wat ze niet willen. Hij zal onze persoonlijkheid niet overmeesteren. Hij zal ons niet van onze vrijheid beroven. Als hij mensen die consequent tegen hem blijven kiezen, zou veranderen zodat ze wel voor hem zouden kiezen, zouden ze niet meer zichzelf zijn. Dan zouden ze niet meer de mensen zijn die Hij liefheeft. Dan zouden het feitelijk robots zijn geworden. En God zou dan iemand zijn als 'Big Brother' in 1984: de macht die met geweld de weerstand van Winston breekt, zodat hij uiteindelijk 'Big Brother' liefheeft. Maar het is ook duidelijk dat Winston niet meer de moedige man was van daarvoor.
Wat de grenzen van Gods liefde zijn wordt door Jezus weergegeven in de gelijkenis van de verloren zoon. Ik heb het nu niet over de jongste zoon, die bij de varkens zat. Hij keerde namelijk van die varkens terug naar de vader, die al met open armen op hem stond te wachten. Hij accepteerde het feit dat de vader onvoorwaardelijk van hem hield en liet zich op het feest ter zijner ere verwelkomen. Ik heb het over de oudste zoon. Hij blijft buiten het feest. De vader zoekt hem op en vraagt hem waarom hij niet binnen wil komen. "Ik heb altijd voor u gewerkt, maar u hebt me net eens een bokje gegeven om met mijn vrienden feest te vieren", klaagt hij. De vader antwoordt: "Al het mijne is het uwe!" De zegen van de vader was al voor hem, als hij het maar wilde accepteren. De oudste zoon wilde echter beloond worden voor zijn harde werken. Hij wilde het zelf verdienen. Hij wilde niet een onvoorwaardelijk geschenk krijgen, hij wilde zelf de controle houden. En dus, uit zijn eigen keuze, bleef hij buiten het feest. Het verhaal zegt niet hoe het afloopt, maar er is ook geen aanwijzing dat deze man op zijn keuze terugkomt.
Interessant genoeg (en daar snijdt dit verhaal in het vlees van te religieuze mensen, zoals ik) is het hier dus niet de 'goede' zoon die het feest binnenkomt, niet degene die zo hard zijn best doet, die nooit uit de band springt, die recht heeft op de hemel. Het is de nietsnut, die het geld van zijn vader verkwistte bij de hoeren en later bij de onreine dieren zat, die zomaar binnen mag komen. Omdat hij zich door de vader liet liefhebben. Omdat hij zijn trots opzij zette, zijn controle en oordeel liet varen, en zich liet omarmen.
Dat God liefde is, betekent dat hij mensen altijd de vrijheid zal laten te kiezen, voor of tegen hem. En hij zal die keuze respecteren, ook al betekent het dat iemand voor altijd buiten de vreugde van het koninkrijk blijft.
Zoals vaker weet C.S. Lewis het weer beter te zeggen in Mere Christianity: "I would pay any price to be able to say truthfully 'All will be saved'. But my reason retorts, 'Without their will, or with it'? In fact, God has paid the price, and herein lies the real problem: so much mercy, yet still there is hell. God can't condone evil, forgiving the wilfully unrepentant. Lost souls have their wish - to live wholly in the Self, and to make the best of what they find there. And what they finds there is hell ... Does the ultimate loss of a soul mean the defeat of Omnipotence? In a sense, yes. The damned are successful rebels to the end, enslaved within the horrible freedom they have demanded. The doors of hell are locked on the inside. In the long run, objectors to the doctrine of hell must answer this question: What are you asking God to do? To wipe out their past sins, and at all costs to give them a fresh start, smoothing every difficulty, and offering every miraculous help? But he has done so - in the life and death of his Son. To forgive them? They will not be forgiven. To leave them alone? Alas, that is what he does."
In de volgende (nu echt de laatste) aflevering wil ik nagaan hoe onze verwachting van de goede toekomst van God ons leven nu kan beinvloeden.
maandag 4 januari 2010
Wereldvreemde christenen, ideeën van Bono en katholieke SF
Er komen nog twee Harry Potter-films. Dan is het afgelopen. Maar dat betekent niet dat er geen vervolgen mogelijk zijn. Wat als Hermelien een baan aanneemt als onderwijzeres in de binnenstad?
Goedgelovig reikt elk jaar de 'gouden bikini' uit voor de meest wereldvreemde christen in het nieuws. Dit jaar gaat hij naar succesprediker Goldschmeding, die beweerde dat volgens de bijbel ouders hun kinderen moesten slaan. Goed om te zien dat er een website is die dit type gelovigen op een ironische manier aan de kaak stelt.
Prachtige beelden uit de diepzee van onder andere een 'six gill shark'.
Het conflict tussen schepping en evolutie opgelost in een liedje.
Tien ideeen die volgens U2-zanger Bono bepalend worden voor het komende decennium.
Een interessante bundel SF-verhalen door katholieke schrijvers.
Een christelijke filmrecensent en fantasyschrijver die ik al enkele jaren volg, Jeffrey Overstreet, publiceert zijn jaarlijkste film top twintig. Hier zijn de films die net buiten de boot vielen, en de nummers 20 tot 10. De top tien van 2009 volgt morgen op deze blog van het tijdschrift Image. Ik zal er later nog naar verwijzen.
Goedgelovig reikt elk jaar de 'gouden bikini' uit voor de meest wereldvreemde christen in het nieuws. Dit jaar gaat hij naar succesprediker Goldschmeding, die beweerde dat volgens de bijbel ouders hun kinderen moesten slaan. Goed om te zien dat er een website is die dit type gelovigen op een ironische manier aan de kaak stelt.
Prachtige beelden uit de diepzee van onder andere een 'six gill shark'.
Het conflict tussen schepping en evolutie opgelost in een liedje.
Tien ideeen die volgens U2-zanger Bono bepalend worden voor het komende decennium.
Een interessante bundel SF-verhalen door katholieke schrijvers.
Een christelijke filmrecensent en fantasyschrijver die ik al enkele jaren volg, Jeffrey Overstreet, publiceert zijn jaarlijkste film top twintig. Hier zijn de films die net buiten de boot vielen, en de nummers 20 tot 10. De top tien van 2009 volgt morgen op deze blog van het tijdschrift Image. Ik zal er later nog naar verwijzen.
Labels:
films,
sciencefiction,
wetenschap
zondag 3 januari 2010
Hemel en hel 4: de reikwijdte van de verlossing
Wat is Gods bedoeling met ons? Dat is misschien wel de belangrijkste vraag die we ons als mensen kunnen stellen. Het bepaalt namelijk ons leven. In het vorige deel van deze serie beschreef ik wat volgens mij volgens de bijbel onze eindbestemming is. Niet een hemels bestaan zonder relatie met de Aarde, bestemd voor mensen die bepaalde dogma's aanvaard hebben. En niet een hel volgens middeleeuwse beelden, met duiveltjes die de ongelovigen straffen. In plaats daarvan wil God aansturen op het herstel van zijn schepping, die hij liefheeft, tot haar oorspronkelijke bedoeling. En in die nieuwe hemel en nieuwe aarde zullen wij leven, als opgestane mensen, helemaal onszelf. We zullen regeren als koningen met God in zijn grote koninkrijk. En aan dat rijk zal geen einde komen. Dit is iets waar we naar uit kunnen zien.
Voor deze toekomst hoeven wij zelf niets te doen. Het is niet iets dat wij tot stand moeten brengen. De bijbel belooft dat dit eeuwige koninkrijk door God tot stand zal worden gebracht. Zoals het bekende gebed van het 'Onze Vader' het aanduidt: het zal ZIJN wil zijn die gebeurt, op de Aarde, zoals in de hemel. De vernieuwing die komt, wordt door de bijbel aangeduid als een nieuwe scheppingsdaad van God. Op dat moment maakt Jezus alle dingen nieuw. Het is een creatieve daad van de Schepper. Wellicht zal hij ons een rol geven in de herstelwerkzaamheden (zoals we ook nu een taak hebben om de schepping tot ontplooiing te brengen), maar ook dan zal Hij het zijn die door ons heen werkt. En trouwens, alleen God zou de natuurwet van de entropie, het onvermijdelijke verval van energie en matierie, de afkoeling van het heelal, tot stilstaan kunnen brengen. Alleen Hij kan licht maken in het duisternis.
Maar Jezus maakt niet allemaal nieuwe dingen. Het is onze wereld die wordt hersteld. En de reparatie vindt plaats doordat God zelf in zijn Schepping is binnengekomen. God is mens geworden. Hij heeft onder ons gewoond. In de persoon van Jezus identificeerde God zich met ons in onze gevallen, verworden staat. Maar hij identificeerde zich ook met de schepping, die door de zonde aan de vergankelijkheid onderworpen is. Hij sloot zich uit eigen keuze bij onze materiele werkelijkheid aan. Zozeer zelfs dat hij zich identificeerde met ons in de dood. Om even heel metafysisch en speculatief te worden: Jezus onderging niet alleen de scheiding van God die het gevolg was van onze opstand (de geestelijke dood), hij onderging ook de ultieme gevolgen van de entropie: de dood van ons fysieke lichaam doordat onze cellen tot stilstand komen, en de hittedood van het universum doordat alle atomen tot stilstand komen. Wij, elke individuele mens, en misschien zelfs elk afzonderlijk atoom, waren in de persoon van Jezus ingesloten toen hij de dood onderging.
En wij, elk individueel persoon, en elk afzonderlijk atoom, waren in de persoon van Jezus ingesloten toen hij uit de dood opstond, toen hij het graf verliet, en een nieuw, volmaakt lichaam kreeg. Het herstel tot een eeuwige heerlijkheid van de mens Jezus Christus op paaszondag werd het herstel tot eeuwige heerlijkheid van ons en van de schepping. Dit wonder van God strekt zich uit tot alles wat er is. In Miracles vergelijkt C.S. Lewis Jezus beeldend met een parelduiker. Hij daalt af in de diepten van de zee, waar alles kleurloos is, ook de parel, en verliest daardoor zelf alle kleur. Maar dan stijgt hij weer op naar het licht, met de parel bij zich. En die krijgt dan kleur. Zo neemt Christus ons met zich mee in zijn nieuwe leven. Wat op dat moment waar was voor hem, geldt ook voor ons. In hem hebben wij een nieuw leven gekregen: een geschenk van God! Het is nu nog niet zichtbaar, maar het wordt wel werkelijkheid. Dat is Gods belofte en daar kunnen we op vertrouwen. Jezus is in zijn opstanding volgens de bijbel 'de eersteling'. Hij is de eerste kiem die boven de grond komt, maar na hem volgt de hele akker!
(Kijk voor een mooi beeld hiervan de videoclip van U2's Window in the sky: 'The stone has been moved. The grave is now a groove. All debts are removed.')
Het lege graf (dat historisch goed gedocumenteerd is), is dus voor christenen de reden voor hun hoop, de basis voor hun geloof. Paulus zegt in 1 Korinthiërs 15 dat als Jezus niet uit de dood zou zijn opgestaan, ons geloof zinloos zou zijn. Als Jezus niet was opgestaan, zou het betekenen dat ons herstel geen werkelijkheid is geworden. Dan zouden we nog 'in onze zonden' zijn en aan onszelf overgeleverd. Alleen omdat Jezus is opgestaan kunnen we werkelijk uitzien naar een goede toekomst, die God voor ons heeft klaargemaakt en waar hij ons in zal laten delen. We kunnen er zelf niets voor doen (we kunnen zelf de entropie niet tegenhouden), maar we mogen erop vertrouwen dat God de belofte van Jezus' dood en opstanding werkelijkheid zal maken.
Hierin bevindt zich de kern van het evangelie: Het herstel dat hoort bij Gods regering, is nu voor iedereen toegankelijk. Kom erbij!
Voor wie is deze belofte? Voor wie geldt het herstel van Gods koninkrijk? Voor wie ging Jezus naar het kruis? Voor wie is hij uit de dood opgestaan?
Ik schreef het al: voor alles en iedereen. Er was niemand die niet in Hem besloten was toen hij afdaalde in de dood, en er was niemand die hij niet met zich meenam toen hij het graf verliet. De bijbel is duidelijk over het universele karakter van Jezus' werk. Jezus wordt genoemd: het lam van God dat de zonde van de wereld wegneemt. En ergens anders staat dat Jezus is gestorven voor onze zonden, "en niet voor onze zonden alleen, maar voor die van de gehele wereld" (1 Johannes 2:2). Er is geen ontsnappen aan: alle zonden zijn door hem al weggenomen, zonder dat er ook maar iemand om vergeving gevraagd had. Ze zijn al verdwenen in zijn dood. Door zijn bloed aan het kruis heeft God "alles met zich willen verzoenen, alles op aarde en alles in de hemel" (Kolossenzen 1:20). Niets is van zijn verlossingswerk uitgezonderd. Jezus heeft "zichzelf gegeven als losgeld voor allen", stelt Paulus (1 Timoteus 2:6). En ook het herstel dat werkelijkheid werd door Jezus opstanding was universeel: het geldt voor de hele schepping. Zoals de zonde van de eerste mens ertoe heeft geleid dat iedereen werd veroordeeld, leidt het werk van Jezus ertoe "dat allen worden vrijgesproken en daardoor zullen leven" (Romeinen 5:18). "Wanneer ik van de aarde omhoog geheven word, zal ik iedereen naar mij toe halen", beloofde Jezus (Johannes 12:32). God was voornemens om met Christus opstanding de voltooiing van de tijd te verwezenlijken "en zijn besluit om alles in de hemel en op aarde onder een enkel hoofd bijeen te brengen, onder Christus" (Efeze 1:10).
Dit is sinds Jezus opstanding de basisrealiteit voor ieder mens en voor alles in de schepping. Ik hoorde laatst een spreker in een podcast zeggen: "De hele schepping bevindt zich binnen de liefdevolle omhelsing van God." In het Engels: "You are within the bear hug of God." Dit is de toestand waar we ons in bevinden. De vraag is of we dat willen accepteren. Of we willen aanvaarden dat God alles al voor ons gedaan heeft en dat wij er niets meer aan kunnen toevoegen. Of we willen ophouden zelf voor God te spelen, onszelf en anderen te controleren, om in plaats daarvan eenvoudig op Hem te vertrouwen. Of we onze eigen projecten, onze afgoden, onze verslavingen willen loslaten en onze open handen in geloof willen uitstrekken naar boven. Willen we onze ogen openen voor wat Jezus voor ons gedaan heeft. Voor de waarheid?
God verlangt ernaar dat “alle mensen worden gered en de waarheid leren kennen” (1 Timoteus 2:4). Als het aan Hem ligt wordt het herstel dat in de kiemvorm ligt opgesloten in Jezus werkelijkheid voor alles en iedereen. Maar wij moeten ervoor kiezen om dat vrije aanbod te aanvaarden.
In de volgende (op een na laatste) aflevering meer over dat kiezen: want kan er nog sprake zijn van een hel als de verlossing en het herstel universeel zijn? En als God alleen uit liefde handelt, kan hij dan niet iedereen forceren de juiste keuze te maken?
Voor deze toekomst hoeven wij zelf niets te doen. Het is niet iets dat wij tot stand moeten brengen. De bijbel belooft dat dit eeuwige koninkrijk door God tot stand zal worden gebracht. Zoals het bekende gebed van het 'Onze Vader' het aanduidt: het zal ZIJN wil zijn die gebeurt, op de Aarde, zoals in de hemel. De vernieuwing die komt, wordt door de bijbel aangeduid als een nieuwe scheppingsdaad van God. Op dat moment maakt Jezus alle dingen nieuw. Het is een creatieve daad van de Schepper. Wellicht zal hij ons een rol geven in de herstelwerkzaamheden (zoals we ook nu een taak hebben om de schepping tot ontplooiing te brengen), maar ook dan zal Hij het zijn die door ons heen werkt. En trouwens, alleen God zou de natuurwet van de entropie, het onvermijdelijke verval van energie en matierie, de afkoeling van het heelal, tot stilstaan kunnen brengen. Alleen Hij kan licht maken in het duisternis.
Maar Jezus maakt niet allemaal nieuwe dingen. Het is onze wereld die wordt hersteld. En de reparatie vindt plaats doordat God zelf in zijn Schepping is binnengekomen. God is mens geworden. Hij heeft onder ons gewoond. In de persoon van Jezus identificeerde God zich met ons in onze gevallen, verworden staat. Maar hij identificeerde zich ook met de schepping, die door de zonde aan de vergankelijkheid onderworpen is. Hij sloot zich uit eigen keuze bij onze materiele werkelijkheid aan. Zozeer zelfs dat hij zich identificeerde met ons in de dood. Om even heel metafysisch en speculatief te worden: Jezus onderging niet alleen de scheiding van God die het gevolg was van onze opstand (de geestelijke dood), hij onderging ook de ultieme gevolgen van de entropie: de dood van ons fysieke lichaam doordat onze cellen tot stilstand komen, en de hittedood van het universum doordat alle atomen tot stilstand komen. Wij, elke individuele mens, en misschien zelfs elk afzonderlijk atoom, waren in de persoon van Jezus ingesloten toen hij de dood onderging.
En wij, elk individueel persoon, en elk afzonderlijk atoom, waren in de persoon van Jezus ingesloten toen hij uit de dood opstond, toen hij het graf verliet, en een nieuw, volmaakt lichaam kreeg. Het herstel tot een eeuwige heerlijkheid van de mens Jezus Christus op paaszondag werd het herstel tot eeuwige heerlijkheid van ons en van de schepping. Dit wonder van God strekt zich uit tot alles wat er is. In Miracles vergelijkt C.S. Lewis Jezus beeldend met een parelduiker. Hij daalt af in de diepten van de zee, waar alles kleurloos is, ook de parel, en verliest daardoor zelf alle kleur. Maar dan stijgt hij weer op naar het licht, met de parel bij zich. En die krijgt dan kleur. Zo neemt Christus ons met zich mee in zijn nieuwe leven. Wat op dat moment waar was voor hem, geldt ook voor ons. In hem hebben wij een nieuw leven gekregen: een geschenk van God! Het is nu nog niet zichtbaar, maar het wordt wel werkelijkheid. Dat is Gods belofte en daar kunnen we op vertrouwen. Jezus is in zijn opstanding volgens de bijbel 'de eersteling'. Hij is de eerste kiem die boven de grond komt, maar na hem volgt de hele akker!
(Kijk voor een mooi beeld hiervan de videoclip van U2's Window in the sky: 'The stone has been moved. The grave is now a groove. All debts are removed.')
Het lege graf (dat historisch goed gedocumenteerd is), is dus voor christenen de reden voor hun hoop, de basis voor hun geloof. Paulus zegt in 1 Korinthiërs 15 dat als Jezus niet uit de dood zou zijn opgestaan, ons geloof zinloos zou zijn. Als Jezus niet was opgestaan, zou het betekenen dat ons herstel geen werkelijkheid is geworden. Dan zouden we nog 'in onze zonden' zijn en aan onszelf overgeleverd. Alleen omdat Jezus is opgestaan kunnen we werkelijk uitzien naar een goede toekomst, die God voor ons heeft klaargemaakt en waar hij ons in zal laten delen. We kunnen er zelf niets voor doen (we kunnen zelf de entropie niet tegenhouden), maar we mogen erop vertrouwen dat God de belofte van Jezus' dood en opstanding werkelijkheid zal maken.
Hierin bevindt zich de kern van het evangelie: Het herstel dat hoort bij Gods regering, is nu voor iedereen toegankelijk. Kom erbij!
Voor wie is deze belofte? Voor wie geldt het herstel van Gods koninkrijk? Voor wie ging Jezus naar het kruis? Voor wie is hij uit de dood opgestaan?
Ik schreef het al: voor alles en iedereen. Er was niemand die niet in Hem besloten was toen hij afdaalde in de dood, en er was niemand die hij niet met zich meenam toen hij het graf verliet. De bijbel is duidelijk over het universele karakter van Jezus' werk. Jezus wordt genoemd: het lam van God dat de zonde van de wereld wegneemt. En ergens anders staat dat Jezus is gestorven voor onze zonden, "en niet voor onze zonden alleen, maar voor die van de gehele wereld" (1 Johannes 2:2). Er is geen ontsnappen aan: alle zonden zijn door hem al weggenomen, zonder dat er ook maar iemand om vergeving gevraagd had. Ze zijn al verdwenen in zijn dood. Door zijn bloed aan het kruis heeft God "alles met zich willen verzoenen, alles op aarde en alles in de hemel" (Kolossenzen 1:20). Niets is van zijn verlossingswerk uitgezonderd. Jezus heeft "zichzelf gegeven als losgeld voor allen", stelt Paulus (1 Timoteus 2:6). En ook het herstel dat werkelijkheid werd door Jezus opstanding was universeel: het geldt voor de hele schepping. Zoals de zonde van de eerste mens ertoe heeft geleid dat iedereen werd veroordeeld, leidt het werk van Jezus ertoe "dat allen worden vrijgesproken en daardoor zullen leven" (Romeinen 5:18). "Wanneer ik van de aarde omhoog geheven word, zal ik iedereen naar mij toe halen", beloofde Jezus (Johannes 12:32). God was voornemens om met Christus opstanding de voltooiing van de tijd te verwezenlijken "en zijn besluit om alles in de hemel en op aarde onder een enkel hoofd bijeen te brengen, onder Christus" (Efeze 1:10).
Dit is sinds Jezus opstanding de basisrealiteit voor ieder mens en voor alles in de schepping. Ik hoorde laatst een spreker in een podcast zeggen: "De hele schepping bevindt zich binnen de liefdevolle omhelsing van God." In het Engels: "You are within the bear hug of God." Dit is de toestand waar we ons in bevinden. De vraag is of we dat willen accepteren. Of we willen aanvaarden dat God alles al voor ons gedaan heeft en dat wij er niets meer aan kunnen toevoegen. Of we willen ophouden zelf voor God te spelen, onszelf en anderen te controleren, om in plaats daarvan eenvoudig op Hem te vertrouwen. Of we onze eigen projecten, onze afgoden, onze verslavingen willen loslaten en onze open handen in geloof willen uitstrekken naar boven. Willen we onze ogen openen voor wat Jezus voor ons gedaan heeft. Voor de waarheid?
God verlangt ernaar dat “alle mensen worden gered en de waarheid leren kennen” (1 Timoteus 2:4). Als het aan Hem ligt wordt het herstel dat in de kiemvorm ligt opgesloten in Jezus werkelijkheid voor alles en iedereen. Maar wij moeten ervoor kiezen om dat vrije aanbod te aanvaarden.
In de volgende (op een na laatste) aflevering meer over dat kiezen: want kan er nog sprake zijn van een hel als de verlossing en het herstel universeel zijn? En als God alleen uit liefde handelt, kan hij dan niet iedereen forceren de juiste keuze te maken?
Labels:
eeuwigheid,
hel,
hemel
zaterdag 2 januari 2010
Filmbespreking: De Matrix-trilogie
Hoe kun je nieuwjaarsdag op een gedenkwaardige manier besteden? Voor mij is dat de vaste traditie van de 'badjasdag' en het spelen van computerspellen en het kijken van films. Gisteren week ik enigszins af van het vaste schema door ook nog te bloggen, maar dat maakte ik goed door later drie films achter elkaar te bekijken. Dat heb ik een keer eerder gedaan, op nieuwjaarsdag 2007. Toen waren het de Lord of the Rings-films. Nu koos ik voor de drie films uit de Matrix-serie: The Matrix, The Matrix Reloaded en The Matrix Revolutions.
Deze filmmarathon was met zeven uur een stuk korter dan de vorige. En gelukkig maar, want deze films zijn een stuk minder meeslepend dan die van The Lord of the Rings. Dat geldt niet voor The Matrix, die wat mij betreft ook na meer dan tien jaar nog steeds een van de beste actie/sciencefictionfilms is die er zijn. Een interessant uitgangspunt, een op dat moment unieke eigen vormgeving, baanbrekende computereffecten (het 'bullet time'-effect), karakters die aan zichzelf twijfelden, en een intense climax. Ook als je de film, zoals ik, meerdere keren gezien heb, wordt je nog steeds het verhaal ingetrokken. Bovendien blijft de thematiek van het vinden van je eigen identiteit in een wereld van leugens, van een belangrijke rol als je jezelf onbelangrijk vindt, van een kleine groep die ervoor strijdt mensen met de waarheid in contact te brengen, me als Christen aanspreken. Neo kan worden gezien als Jezus-figuur (compleet met dood en opstanding, daar zijn al boeken over volgeschreven), maar meer nog werkt hij als beeld van een christen, die ontdekt dat de werkelijkheid anders in elkaar zit dan hij geloofd, en dat hij bereid moet zijn grote offers te brengen voor die waarheid, tot zijn leven toe. Elementen van geloof en vertrouwen spelen daarbij een belangrijke rol. Blijf je aan jezelf twijfelen, of durf je de sprong te maken? "You have to let it all go," zegt mentor Morpheus, "Fear, doubt, disbelief."
Na zo'n begin zijn de vervolgfilms toch een teleurstelling. De verhaallijn is ingewikkelder dan die van de eerste. Dat hoeft geen probleem te zijn, als het op een begrijpelijke manier gebracht werd. The Matrix had ook niet het meest makkelijke concept, maar omdat je Neo volgde op zijn reis, werd wel duidelijk wat er op het spel stond en wat de hoofdpersoon moest doen om het onheil te voorkomen. Hier wordt al snel duidelijk dat de mensenstad Zion wordt bedreigd door een robotleger. En er zijn visioenen van de dood van Trinity. En agent Smith is terug. Maar wat Neo aan die drie dingen moet doen is behoorlijk esotherisch. Hij moet de bron opzoeken? Daarvoor moeten drie locaties worden uitgeschakeld? Daarvoor moet hij een sleutelmaker vinden? En die wordt door een computerprogramma gevangen gehouden? En hij blijkt zelf een gevolg te zijn van een disbalans in het programma van The Matrix? Het zou hebben geholpen als de Architect zich niet had uitgedrukt als een filosofieprofessor. Of als de actiescenes niet aan het plot toegevoegd leken te zijn om het verhaal smeuig te maken in plaats van een essentieel deel ervan uit te maken. Nu leek het verhaal stil te staan terwijl de (niet speciaal nodige) gevechten zich afwikkelden. Het feit dat je weet dat Neo bovenmenselijke capaciteiten heeft binnen de wereld van de Matrix maakt bovendien dat er weinig spannend is aan deze scenes. In de eerste film was het (in elk geval voor Neo) nog maar de vraag of hij zou overleven. Per slot van rekening had hij een boodschap gekregen dat hij zijn mentor kon redden, maar niet zichzelf. Het verhaal was daardoor werkelijk spannend. Hier weet je dat Neo gewoon weg kan vliegen als hij dat wil, en nergens werkelijk door wordt bedreigd. Het is spannender als het gaat om Morpheus en Trinity. Ten slotte is het verband tussen scenes losser. Iemand zegt dat hij het orakel moet zien. De volgende scene is hij er al. Wat er nodig was om dat mogelijk te maken hoeft misschien niet uitgebreid in beeld te worden gebracht, maar het zou volgens mij wel de samenhang van het verhaal sterker maken.
In de derde film is het al anders. Het grootste deel van deze film speelt zich af in de echte wereld. Onze wereld. Waar mensen geen superkrachten hebben en geen 'kung fu'. Waar kogels niet kunnen worden tegengehouden, en mensen bloeden als ze zichzelf snijden. Een wereld van vlees, zweet en ademhaling. (Maar er zijn suggesties dat er ook onder deze materiële wereld een laag van informatie zit, hoewel dat nooit expliciet duidelijk wordt gemaakt.) De gevechten om de stad Zion zijn dus werkelijk spannend. Bovendien heeft aan het eind van het verhaal Smith zoveel invloed gekregen, dat hij tegen Neo opgewassen blijkt te zijn. De afloop van hun eindconfrontatie is daardoor verre van zeker.
Ik heb mensen horen beweren dat de conclusie van de trilogie in essentie nihilistisch is. Dat geloof, hoop en liefde worden weggezet als betekenisloze constructen, niet anders dan de Matrix zelf. En dat Neo's uitspraak waarom hij blijft vechten ('Because I choose to') getuigt van inhoudsloos existentialisme. Alsof puur het feit dat wij iets kiezen genoeg zou zijn om iets waardevol te maken. Alsof er geen hoger principe nodig is om onze keuzes te leiden.
Bij het kijken van de films moest ik daar geregeld aan denken. Mijn conclusie is dat deze afwijzing van het slot van The Matrix tekort doet aan het verhaal. En vooral aan het thema van liefde als een factor die de cyclus van doelbewustzijn, oorzaak en effect, determinisme doorbreekt. Dit hangt ook samen met het creatieve slot van de film, waarbij de mens niet de machines verslaat, maar juist vrede sluit.
Het begint in de tweede film, waar veel wordt gesproken over het 'waarom' van onze keuzes. Dat we niet verder kunnen kijken naar de gevolgen van onze keuzes als we dat waarom niet kennen. De Merovingian (een machtig programma dat een soort maffiarol vervult) gelooft dat vrije wil een illusie is. Alles wat er gebeurt is een kwestie van oorzaak en gevolg. Hij gebruikt het als rationalisatie om overspel te plegen. Zijn echtgenote accepteert dat excuus echter niet en besluit de helden te helpen, op basis van de echte liefde van Neo voor Trinity. Uiteindelijk, tegen de verwachting van de Architect van de Matrix in, kiest Neo niet voor wat op basis van oorzaak en gevolg-argumenten het meest logisch was geweest maar voor zijn vriendin. Volgens de Architect, die alles ziet in termen van evenwicht en programma's, leidt dat onherroepelijk tot de ondergang van zowel de computers als de mensheid. Hij is niet in staat om in zijn berekeningen de kracht te verwerken van de liefde, die leidt tot keuzes die ingaan tegen de zelfbeschermende programmatuur, die bereid is zichzelf op te offeren voor een ander.
Het mysterieuze orakel ziet dit echter wel, en is daarom ook bereid om zelf dergelijke offers te maken. Zij gelooft dat liefde (gepersonificeerd in Neo's liefde voor Trinity) een macht heeft die programma's als de Architect en de haat van Smith niet kunnen overwinnen.
In het begin van de derde film ontmoet Neo computerprogramma's. Hoewel hij wist dat het bewuste enititeiten waren (in deze film is Artificial Intelligence uitgevonden), had hij er geen rekening mee gehouden dat ze lief konden hebben. Liefde, blijkt hier, is geen menselijk gevoel, maar de keuze om aan iets of iemand zoveel waarde te hechten dat je er alles voor over hebt. Een keuze die alle bewuste levensvormen kunnen maken, ook computerprogramma's. En wezens die kunnen liefhebben, kunnen elkaar liefhebben en vrede sluiten. Dat maakt dat Neo niet alleen zal vechten voor de overleving van de mensen, maar voor al het bewustzijn, alle wezens die kunnen liefhebben.
De programma's en de mensen hebben namelijk ook een gemeenschappelijke vijand. Smith. Hij is de tegenpool van Neo. Zijn enige doel is de wereld te veranderen in zichzelf. Om persoonlijkheid, individualiteit, eigenheid uit te wissen. Om te vernietigen. Dit is de definitie van haat. Waar liefde vreugde schept in verscheidenheid, in eigenheid, wil haat alles wat anders is dan zichzelf juist laten verdwijnen. De liefde wil zichzelf uitstorten voor de ander. De haat wil zelf het enige zijn dat overblijft en duldt geen concurrenten. Zolang er iets is dat anders is dan zichzelf, is er iets om te haten.
Daarom begrijpt Smith niet waarom Neo hem bestrijdt. Liefde is een illusie, volgens hem, en we de meest waardeloze uitvinding van de mensen. Hij zou nooit begrijpen dat iemand bereid zou kunnen zijn zichzelf over te geven voor anderen. Maar dat is wat Neo doet als hij zegt: 'I choose to'. Zijn keuze is zijn liefde. Zijn opoffering is zijn liefde. Het orakel had hem gezegd dat alles wat een begin heeft ook een einde kent. En hij is bereid voor het einde te kiezen, als dat de vrijheid oplevert voor zijn geliefden. Dat hij zichzelf overgeeft aan Smith is dus geen zwakte. Het is wat hij altijd van plan was. Want doordat hij het kwaad, de haat, van Smith in zich opneemt, kan het in hem worden vernietigd. Het wordt uitgeroeid in de zelfovergave van Neo. Niet toevallig dat hij daarbij de vorm van een kruis aanneemt. En uit dat offer komt de vernieuwing van de Matrix voort en een vrede voor de mensen van Sion. Voortaan kan iedereen de gevangenschap verlaten die vrij wil zijn.
En de suggestie is dat Neo niet voor altijd weg is, mede gesymboliseerd door de zonsopgang aan het slot van de film.
Waarschijnlijk zonder dat de filmmakers het allemaal precies zo bedoelden, is dit verhaal een krachtige illustratie van wat Jezus voor ons gedaan heeft. Ik had deze films goed als voorbeeld kunnen gebruiken voor mijn boek, want daar betoog ik hetzelfde, dat liefde voor de ander (en vooral de liefde voor God), hetgene is dat mensen vrij maakt.
Tot slot: en interessant essay van Steven Greydanus legt uit waarom de Matrix niet gnostisch is (hoewel de films wel met oosterse godsdiensten en reincarnatie flirten), maar in de weergave van de echte wereld juist het menselijke en lichamelijke als belangrijk toont (onder andere door de iets te lang weergegeven party-scene in Zion).
Deze filmmarathon was met zeven uur een stuk korter dan de vorige. En gelukkig maar, want deze films zijn een stuk minder meeslepend dan die van The Lord of the Rings. Dat geldt niet voor The Matrix, die wat mij betreft ook na meer dan tien jaar nog steeds een van de beste actie/sciencefictionfilms is die er zijn. Een interessant uitgangspunt, een op dat moment unieke eigen vormgeving, baanbrekende computereffecten (het 'bullet time'-effect), karakters die aan zichzelf twijfelden, en een intense climax. Ook als je de film, zoals ik, meerdere keren gezien heb, wordt je nog steeds het verhaal ingetrokken. Bovendien blijft de thematiek van het vinden van je eigen identiteit in een wereld van leugens, van een belangrijke rol als je jezelf onbelangrijk vindt, van een kleine groep die ervoor strijdt mensen met de waarheid in contact te brengen, me als Christen aanspreken. Neo kan worden gezien als Jezus-figuur (compleet met dood en opstanding, daar zijn al boeken over volgeschreven), maar meer nog werkt hij als beeld van een christen, die ontdekt dat de werkelijkheid anders in elkaar zit dan hij geloofd, en dat hij bereid moet zijn grote offers te brengen voor die waarheid, tot zijn leven toe. Elementen van geloof en vertrouwen spelen daarbij een belangrijke rol. Blijf je aan jezelf twijfelen, of durf je de sprong te maken? "You have to let it all go," zegt mentor Morpheus, "Fear, doubt, disbelief."
Na zo'n begin zijn de vervolgfilms toch een teleurstelling. De verhaallijn is ingewikkelder dan die van de eerste. Dat hoeft geen probleem te zijn, als het op een begrijpelijke manier gebracht werd. The Matrix had ook niet het meest makkelijke concept, maar omdat je Neo volgde op zijn reis, werd wel duidelijk wat er op het spel stond en wat de hoofdpersoon moest doen om het onheil te voorkomen. Hier wordt al snel duidelijk dat de mensenstad Zion wordt bedreigd door een robotleger. En er zijn visioenen van de dood van Trinity. En agent Smith is terug. Maar wat Neo aan die drie dingen moet doen is behoorlijk esotherisch. Hij moet de bron opzoeken? Daarvoor moeten drie locaties worden uitgeschakeld? Daarvoor moet hij een sleutelmaker vinden? En die wordt door een computerprogramma gevangen gehouden? En hij blijkt zelf een gevolg te zijn van een disbalans in het programma van The Matrix? Het zou hebben geholpen als de Architect zich niet had uitgedrukt als een filosofieprofessor. Of als de actiescenes niet aan het plot toegevoegd leken te zijn om het verhaal smeuig te maken in plaats van een essentieel deel ervan uit te maken. Nu leek het verhaal stil te staan terwijl de (niet speciaal nodige) gevechten zich afwikkelden. Het feit dat je weet dat Neo bovenmenselijke capaciteiten heeft binnen de wereld van de Matrix maakt bovendien dat er weinig spannend is aan deze scenes. In de eerste film was het (in elk geval voor Neo) nog maar de vraag of hij zou overleven. Per slot van rekening had hij een boodschap gekregen dat hij zijn mentor kon redden, maar niet zichzelf. Het verhaal was daardoor werkelijk spannend. Hier weet je dat Neo gewoon weg kan vliegen als hij dat wil, en nergens werkelijk door wordt bedreigd. Het is spannender als het gaat om Morpheus en Trinity. Ten slotte is het verband tussen scenes losser. Iemand zegt dat hij het orakel moet zien. De volgende scene is hij er al. Wat er nodig was om dat mogelijk te maken hoeft misschien niet uitgebreid in beeld te worden gebracht, maar het zou volgens mij wel de samenhang van het verhaal sterker maken.
In de derde film is het al anders. Het grootste deel van deze film speelt zich af in de echte wereld. Onze wereld. Waar mensen geen superkrachten hebben en geen 'kung fu'. Waar kogels niet kunnen worden tegengehouden, en mensen bloeden als ze zichzelf snijden. Een wereld van vlees, zweet en ademhaling. (Maar er zijn suggesties dat er ook onder deze materiële wereld een laag van informatie zit, hoewel dat nooit expliciet duidelijk wordt gemaakt.) De gevechten om de stad Zion zijn dus werkelijk spannend. Bovendien heeft aan het eind van het verhaal Smith zoveel invloed gekregen, dat hij tegen Neo opgewassen blijkt te zijn. De afloop van hun eindconfrontatie is daardoor verre van zeker.
Ik heb mensen horen beweren dat de conclusie van de trilogie in essentie nihilistisch is. Dat geloof, hoop en liefde worden weggezet als betekenisloze constructen, niet anders dan de Matrix zelf. En dat Neo's uitspraak waarom hij blijft vechten ('Because I choose to') getuigt van inhoudsloos existentialisme. Alsof puur het feit dat wij iets kiezen genoeg zou zijn om iets waardevol te maken. Alsof er geen hoger principe nodig is om onze keuzes te leiden.
Bij het kijken van de films moest ik daar geregeld aan denken. Mijn conclusie is dat deze afwijzing van het slot van The Matrix tekort doet aan het verhaal. En vooral aan het thema van liefde als een factor die de cyclus van doelbewustzijn, oorzaak en effect, determinisme doorbreekt. Dit hangt ook samen met het creatieve slot van de film, waarbij de mens niet de machines verslaat, maar juist vrede sluit.
Het begint in de tweede film, waar veel wordt gesproken over het 'waarom' van onze keuzes. Dat we niet verder kunnen kijken naar de gevolgen van onze keuzes als we dat waarom niet kennen. De Merovingian (een machtig programma dat een soort maffiarol vervult) gelooft dat vrije wil een illusie is. Alles wat er gebeurt is een kwestie van oorzaak en gevolg. Hij gebruikt het als rationalisatie om overspel te plegen. Zijn echtgenote accepteert dat excuus echter niet en besluit de helden te helpen, op basis van de echte liefde van Neo voor Trinity. Uiteindelijk, tegen de verwachting van de Architect van de Matrix in, kiest Neo niet voor wat op basis van oorzaak en gevolg-argumenten het meest logisch was geweest maar voor zijn vriendin. Volgens de Architect, die alles ziet in termen van evenwicht en programma's, leidt dat onherroepelijk tot de ondergang van zowel de computers als de mensheid. Hij is niet in staat om in zijn berekeningen de kracht te verwerken van de liefde, die leidt tot keuzes die ingaan tegen de zelfbeschermende programmatuur, die bereid is zichzelf op te offeren voor een ander.
Het mysterieuze orakel ziet dit echter wel, en is daarom ook bereid om zelf dergelijke offers te maken. Zij gelooft dat liefde (gepersonificeerd in Neo's liefde voor Trinity) een macht heeft die programma's als de Architect en de haat van Smith niet kunnen overwinnen.
In het begin van de derde film ontmoet Neo computerprogramma's. Hoewel hij wist dat het bewuste enititeiten waren (in deze film is Artificial Intelligence uitgevonden), had hij er geen rekening mee gehouden dat ze lief konden hebben. Liefde, blijkt hier, is geen menselijk gevoel, maar de keuze om aan iets of iemand zoveel waarde te hechten dat je er alles voor over hebt. Een keuze die alle bewuste levensvormen kunnen maken, ook computerprogramma's. En wezens die kunnen liefhebben, kunnen elkaar liefhebben en vrede sluiten. Dat maakt dat Neo niet alleen zal vechten voor de overleving van de mensen, maar voor al het bewustzijn, alle wezens die kunnen liefhebben.
De programma's en de mensen hebben namelijk ook een gemeenschappelijke vijand. Smith. Hij is de tegenpool van Neo. Zijn enige doel is de wereld te veranderen in zichzelf. Om persoonlijkheid, individualiteit, eigenheid uit te wissen. Om te vernietigen. Dit is de definitie van haat. Waar liefde vreugde schept in verscheidenheid, in eigenheid, wil haat alles wat anders is dan zichzelf juist laten verdwijnen. De liefde wil zichzelf uitstorten voor de ander. De haat wil zelf het enige zijn dat overblijft en duldt geen concurrenten. Zolang er iets is dat anders is dan zichzelf, is er iets om te haten.
Daarom begrijpt Smith niet waarom Neo hem bestrijdt. Liefde is een illusie, volgens hem, en we de meest waardeloze uitvinding van de mensen. Hij zou nooit begrijpen dat iemand bereid zou kunnen zijn zichzelf over te geven voor anderen. Maar dat is wat Neo doet als hij zegt: 'I choose to'. Zijn keuze is zijn liefde. Zijn opoffering is zijn liefde. Het orakel had hem gezegd dat alles wat een begin heeft ook een einde kent. En hij is bereid voor het einde te kiezen, als dat de vrijheid oplevert voor zijn geliefden. Dat hij zichzelf overgeeft aan Smith is dus geen zwakte. Het is wat hij altijd van plan was. Want doordat hij het kwaad, de haat, van Smith in zich opneemt, kan het in hem worden vernietigd. Het wordt uitgeroeid in de zelfovergave van Neo. Niet toevallig dat hij daarbij de vorm van een kruis aanneemt. En uit dat offer komt de vernieuwing van de Matrix voort en een vrede voor de mensen van Sion. Voortaan kan iedereen de gevangenschap verlaten die vrij wil zijn.
En de suggestie is dat Neo niet voor altijd weg is, mede gesymboliseerd door de zonsopgang aan het slot van de film.
Waarschijnlijk zonder dat de filmmakers het allemaal precies zo bedoelden, is dit verhaal een krachtige illustratie van wat Jezus voor ons gedaan heeft. Ik had deze films goed als voorbeeld kunnen gebruiken voor mijn boek, want daar betoog ik hetzelfde, dat liefde voor de ander (en vooral de liefde voor God), hetgene is dat mensen vrij maakt.
Tot slot: en interessant essay van Steven Greydanus legt uit waarom de Matrix niet gnostisch is (hoewel de films wel met oosterse godsdiensten en reincarnatie flirten), maar in de weergave van de echte wereld juist het menselijke en lichamelijke als belangrijk toont (onder andere door de iets te lang weergegeven party-scene in Zion).
vrijdag 1 januari 2010
Gelukkig nieuw jaar!
Gelukkig nieuw jaar iedereen!
2010 alweer! Niet alleen een nieuw jaar dus, maar zelfs een nieuw decennium.
Er is weer heel wat gebeurd de afgelopen dagen (waarin ik genoot van mijn vakantie. Een goede 'break' in de lange winter. Dat heeft een mens nodig).
Ik kreeg bijvoorbeeld met de post de drukproef van mijn boek Indrukwekkende Vrijheid (te verschijnen voorjaar 2010). Het voelt toch wel weer spannend en 'echt' of het opgemaakte werk in handen te houden. En de realisatie begint door te dringen dat andere mensen het dus binnenkort gaan lezen! Maar eerst moet ik er nog een keer doorheen om de laatste puntjes op de spreekwoordelijke 'i' te zetten.
Ondertussen ben ik een heel eind op weg met het schrijven van een nieuw verhaal. Het wordt het openingsverhaal van het project waar ik nu mee bezig ben. En ik kan wel verklappen dat dit het meest depressieve verhaal is dat ik ooit geschreven heb (hoewel het niet eindigt zonder een behoorlijke dosis hoop). Ik geniet ervan om te merken dat mijn creativiteit weer een beetje op gang komt!
Afgelopen woensdag was er een receptie omdat mijn vader met pensioen ging. Ik was erg trots om te zien hoeveel mensen afscheid van hem kwamen nemen. Hij heeft door zijn werk met heel veel mensen uit diverse nationaliteiten en leeftijdscategorieën in contact gestaan, en blijkens de reacties van deze mensen heeft hij ook een invloed ten goede in hun leven gehad. Ik was er ergens wel ontroerd door. Ook leuk was de serie foto's van hem die werden geprojecteerd. Sommige had ik nog nooit gezien! Verder hadden mijn vier broers en ik twee gospelsongs ingestudeerd van de band waar mijn vader ooit in zong, de Sounds of Gospel. De eerste keer volgens mij dat we met z'n vijven op het podium stonden, en erg leuk (hoewel ik een beetje zenuwachtig was. Het was beter geweest als mijn microfoon in een standaard had gestaan. Hij bewoog nu wel erg duidelijk ...).
Gisteren samen met vrienden van de 'na de kerk koffie drinken groep' (we noemen onszelf ook wel de 'Bokhovengroep', hoewel we nu vaker bij de Coffee company zitten) oudejaarsavond gevierd. Spelletjes gedaan, veel lekkere hapjes, en zelfs een paar goede gesprekken. Ik genoot van de gastvrijheid van mijn vrienden en de ontspannen sfeer waarbij je niet over belangrijke dingen hoeft te praten, maar het wel kan! Een deel van de avond heb ik (voor mij wel bijzonder) gewoon stil zitten kijken en luisteren. Het vuurwerk was ook mooi, de champagne lekker, en ik heb vannacht zelfs redelijk geslapen. Ik weet alleen niet waarom ik over zombies droomde.
Maar laten we in plaats van terug te kijken (ik word er alleen maar neerslachtig van als ik me realiseer hoe snel de tijd voorbijgaat) vooral vooruit kijken naar wat dit jaar en de verdere nabije toekomst gaan brengen! Ik heb de hoop en verwachting dat 2010 een goed jaar gaat worden (let op: ik zeg niet 'gezond' of 'gelukkig' - dat kan ik niet voorspellen. Ik weet wel dat volgens Romeinen 8 alle dingen zullen meewerken ten goede voor wie op God vertrouwen (ha, zelfs in een nieuwjaarsbericht een bijbeltekst!) en dus kan ik dit zo verwoorden).
Ten eerste komt in het voorjaar namelijk mijn boek uit. Mijn eerste boek in bijna acht jaar. Het laatste was Het Wrak in 2002. Dit is ook mijn eerste non fictie-boek, heel wat anders dan de theologische thrillers/sf-verhalen van eerst. Ik ben erg benieuwd wat mensen ervan gaan vinden.
Ten tweede hoop ik een thematische verhalenbundel af te schrijven, over een onderwerp dat mij na aan het hart ligt (en wie mijn blog leest kan dat herkennen): de hoopvolle toekomst van de bijbel. Meer kan ik er niet over zeggen, behalve dat ik al jaren met dit idee rondloop en blij ben dat ik nu inspiratie heb! En wie weet, misschien kan ik tegen het eind van dit jaar wel weer met een nieuw non fictie-boek beginnen! Ik heb ideeën genoeg.
Ten derde zou ik het leuk vinden (misschien door mijn boek) dit jaar weer gelegenheden te krijgen om te spreken (voor kerken of bijeenkomsten).
Ten vierde hoop ik dat dit het jaar wordt dat mijn denken over de kerk en wat gemeente-zijn eigenlijk betekent zich concretiseert, en dat God deuren opent om mijn verlangen op dat gebied in praktijk te brengen. Recente gebeurtenissen hebben mijn twijfel bij de overgeorganiseerde kerkelijke instituten laten toenemen, en mijn visie voor 'organische kerk' laten groeien. Ik ga daarom binnenkort een dag of avond organiseren voor mensen die hier belangstelling voor hebben om er dieper over door te praten.
Ten vijfde zou ik dit jaar graag op vakantie gaan. Bergen zien lijkt me wel wat!
Ten zesde komen er weer veel interessante films aan (opvallend veel met een mythisch/historisch thema!). En ook gave boeken, zoals het derde boek van The Last Chronicles of Thomas Covenant.
Ten zevende hoop ik door te gaan met mijn blog en misschien zelfs meer mensen ervoor te interesseren. Blogger Trevin Wax denkt dat nieuwe blogs weinig lezers zullen aantrekken (omdat er al zoveel zijn). We zullen dus zien hoe het met deze gaat. Misschien is het wel goed dat er weinig lezers zijn, want zoals hij ook aangeeft, het is makkelijk om jezelf heel wat te vinden als je blogt, maar over geloof schrijven en daadwerkelijk geloven zijn twee heel verschillende dingen.
Ten achtste probeer ik niet cynisch te worden over een bepaalde hoop die ik elk jaar koester in relationele sfeer. Misschien wordt dit wel het jaar ...
Ten negende hoop ik ervan te genieten dat vrienden van mij in het huwelijk treden, en ik hoop op verdiepingen van contacten met mensen uit de kerk en de huiskring, hopelijk tot betekenisvolle vriendschappen. Ik hoop ook nog vaak bij de koffie samen te komen met mijn goede vrienden en van hun gezelschap te genieten.
Ten tiende (de meest serieuze) verlang ik naar een diepere relatie met God en meer moed om deze ook met anderen bespreekbaar te maken. In mijn leven, net als in de kerk als het goed is, zou Jezus het ijkpunt moeten zijn. Niet als leerstelling of doctrine, maar als persoon. Ik ben er namelijk van overtuigd dat Hij de enige is die al de vorige negen punten werkelijkheid kan maken in mijn leven. Als het van mijn wilskracht zou afhangen, zou het een verloren zaak zijn. Maar dat betekent wel dat ik Hem daarvoor de ruimte moet geven. Hem in de gelegenheid moet stellen. Ik wil als het ware grond zijn waarin het zaad van zijn woorden rijk vrucht kan voortbrengen (als in de gelijkenis van de zaaier in Mattheus 13)
Ik wil dat niet doen door weer nieuwe disciplines aan mezelf op te leggen, of nieuwe methodes te verzinnen. Dat werkt bij mij niet goed. Wat ik wel kan doen is vaker handelen naar het verlangen om dichter bij God te leven, om vaker te kiezen mijn tijd te wijden aan gebed of meditatie (in plaats van bijvoorbeeld surfen op het internet). En ik ben benieuwd wat mijn contact met God in mijn dagelijks leven kan betekenen. Als het er alleen maar toe leidt dat ik op een dieper niveau er zeker van ben dat God van mij houdt, is dat al genoeg om het alle moeite waard te maken.
Maar eerst ga ik genieten van een van mijn weinige persoonlijke tradities: de jaarlijkse badjasdag. Een dag van gamen (Call of Duty) en films (De Matrix-trilogie) en oliebollen en appelflappen. Het hoogtepunt van het jaar komt altijd vroeg!
2010 alweer! Niet alleen een nieuw jaar dus, maar zelfs een nieuw decennium.
Er is weer heel wat gebeurd de afgelopen dagen (waarin ik genoot van mijn vakantie. Een goede 'break' in de lange winter. Dat heeft een mens nodig).
Ik kreeg bijvoorbeeld met de post de drukproef van mijn boek Indrukwekkende Vrijheid (te verschijnen voorjaar 2010). Het voelt toch wel weer spannend en 'echt' of het opgemaakte werk in handen te houden. En de realisatie begint door te dringen dat andere mensen het dus binnenkort gaan lezen! Maar eerst moet ik er nog een keer doorheen om de laatste puntjes op de spreekwoordelijke 'i' te zetten.
Ondertussen ben ik een heel eind op weg met het schrijven van een nieuw verhaal. Het wordt het openingsverhaal van het project waar ik nu mee bezig ben. En ik kan wel verklappen dat dit het meest depressieve verhaal is dat ik ooit geschreven heb (hoewel het niet eindigt zonder een behoorlijke dosis hoop). Ik geniet ervan om te merken dat mijn creativiteit weer een beetje op gang komt!
Afgelopen woensdag was er een receptie omdat mijn vader met pensioen ging. Ik was erg trots om te zien hoeveel mensen afscheid van hem kwamen nemen. Hij heeft door zijn werk met heel veel mensen uit diverse nationaliteiten en leeftijdscategorieën in contact gestaan, en blijkens de reacties van deze mensen heeft hij ook een invloed ten goede in hun leven gehad. Ik was er ergens wel ontroerd door. Ook leuk was de serie foto's van hem die werden geprojecteerd. Sommige had ik nog nooit gezien! Verder hadden mijn vier broers en ik twee gospelsongs ingestudeerd van de band waar mijn vader ooit in zong, de Sounds of Gospel. De eerste keer volgens mij dat we met z'n vijven op het podium stonden, en erg leuk (hoewel ik een beetje zenuwachtig was. Het was beter geweest als mijn microfoon in een standaard had gestaan. Hij bewoog nu wel erg duidelijk ...).
Gisteren samen met vrienden van de 'na de kerk koffie drinken groep' (we noemen onszelf ook wel de 'Bokhovengroep', hoewel we nu vaker bij de Coffee company zitten) oudejaarsavond gevierd. Spelletjes gedaan, veel lekkere hapjes, en zelfs een paar goede gesprekken. Ik genoot van de gastvrijheid van mijn vrienden en de ontspannen sfeer waarbij je niet over belangrijke dingen hoeft te praten, maar het wel kan! Een deel van de avond heb ik (voor mij wel bijzonder) gewoon stil zitten kijken en luisteren. Het vuurwerk was ook mooi, de champagne lekker, en ik heb vannacht zelfs redelijk geslapen. Ik weet alleen niet waarom ik over zombies droomde.
Maar laten we in plaats van terug te kijken (ik word er alleen maar neerslachtig van als ik me realiseer hoe snel de tijd voorbijgaat) vooral vooruit kijken naar wat dit jaar en de verdere nabije toekomst gaan brengen! Ik heb de hoop en verwachting dat 2010 een goed jaar gaat worden (let op: ik zeg niet 'gezond' of 'gelukkig' - dat kan ik niet voorspellen. Ik weet wel dat volgens Romeinen 8 alle dingen zullen meewerken ten goede voor wie op God vertrouwen (ha, zelfs in een nieuwjaarsbericht een bijbeltekst!) en dus kan ik dit zo verwoorden).
Ten eerste komt in het voorjaar namelijk mijn boek uit. Mijn eerste boek in bijna acht jaar. Het laatste was Het Wrak in 2002. Dit is ook mijn eerste non fictie-boek, heel wat anders dan de theologische thrillers/sf-verhalen van eerst. Ik ben erg benieuwd wat mensen ervan gaan vinden.
Ten tweede hoop ik een thematische verhalenbundel af te schrijven, over een onderwerp dat mij na aan het hart ligt (en wie mijn blog leest kan dat herkennen): de hoopvolle toekomst van de bijbel. Meer kan ik er niet over zeggen, behalve dat ik al jaren met dit idee rondloop en blij ben dat ik nu inspiratie heb! En wie weet, misschien kan ik tegen het eind van dit jaar wel weer met een nieuw non fictie-boek beginnen! Ik heb ideeën genoeg.
Ten derde zou ik het leuk vinden (misschien door mijn boek) dit jaar weer gelegenheden te krijgen om te spreken (voor kerken of bijeenkomsten).
Ten vierde hoop ik dat dit het jaar wordt dat mijn denken over de kerk en wat gemeente-zijn eigenlijk betekent zich concretiseert, en dat God deuren opent om mijn verlangen op dat gebied in praktijk te brengen. Recente gebeurtenissen hebben mijn twijfel bij de overgeorganiseerde kerkelijke instituten laten toenemen, en mijn visie voor 'organische kerk' laten groeien. Ik ga daarom binnenkort een dag of avond organiseren voor mensen die hier belangstelling voor hebben om er dieper over door te praten.
Ten vijfde zou ik dit jaar graag op vakantie gaan. Bergen zien lijkt me wel wat!
Ten zesde komen er weer veel interessante films aan (opvallend veel met een mythisch/historisch thema!). En ook gave boeken, zoals het derde boek van The Last Chronicles of Thomas Covenant.
Ten zevende hoop ik door te gaan met mijn blog en misschien zelfs meer mensen ervoor te interesseren. Blogger Trevin Wax denkt dat nieuwe blogs weinig lezers zullen aantrekken (omdat er al zoveel zijn). We zullen dus zien hoe het met deze gaat. Misschien is het wel goed dat er weinig lezers zijn, want zoals hij ook aangeeft, het is makkelijk om jezelf heel wat te vinden als je blogt, maar over geloof schrijven en daadwerkelijk geloven zijn twee heel verschillende dingen.
Ten achtste probeer ik niet cynisch te worden over een bepaalde hoop die ik elk jaar koester in relationele sfeer. Misschien wordt dit wel het jaar ...
Ten negende hoop ik ervan te genieten dat vrienden van mij in het huwelijk treden, en ik hoop op verdiepingen van contacten met mensen uit de kerk en de huiskring, hopelijk tot betekenisvolle vriendschappen. Ik hoop ook nog vaak bij de koffie samen te komen met mijn goede vrienden en van hun gezelschap te genieten.
Ten tiende (de meest serieuze) verlang ik naar een diepere relatie met God en meer moed om deze ook met anderen bespreekbaar te maken. In mijn leven, net als in de kerk als het goed is, zou Jezus het ijkpunt moeten zijn. Niet als leerstelling of doctrine, maar als persoon. Ik ben er namelijk van overtuigd dat Hij de enige is die al de vorige negen punten werkelijkheid kan maken in mijn leven. Als het van mijn wilskracht zou afhangen, zou het een verloren zaak zijn. Maar dat betekent wel dat ik Hem daarvoor de ruimte moet geven. Hem in de gelegenheid moet stellen. Ik wil als het ware grond zijn waarin het zaad van zijn woorden rijk vrucht kan voortbrengen (als in de gelijkenis van de zaaier in Mattheus 13)
Ik wil dat niet doen door weer nieuwe disciplines aan mezelf op te leggen, of nieuwe methodes te verzinnen. Dat werkt bij mij niet goed. Wat ik wel kan doen is vaker handelen naar het verlangen om dichter bij God te leven, om vaker te kiezen mijn tijd te wijden aan gebed of meditatie (in plaats van bijvoorbeeld surfen op het internet). En ik ben benieuwd wat mijn contact met God in mijn dagelijks leven kan betekenen. Als het er alleen maar toe leidt dat ik op een dieper niveau er zeker van ben dat God van mij houdt, is dat al genoeg om het alle moeite waard te maken.
Maar eerst ga ik genieten van een van mijn weinige persoonlijke tradities: de jaarlijkse badjasdag. Een dag van gamen (Call of Duty) en films (De Matrix-trilogie) en oliebollen en appelflappen. Het hoogtepunt van het jaar komt altijd vroeg!
Labels:
eigen boeken,
Privé
Abonneren op:
Posts (Atom)






